Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het publiek lijdt ook schipbreuk

Cultuur

Sandra Kooke

Verteller Dale Duesing. © rv

Als nieuwsfoto's ons niet meer kunnen raken, moet de kunst dat doen. Daarom ensceneerde Romeo Castellucci 'Das Floss der Medusa' van de componist Hans Werner Henze met beelden die ons doen denken aan de migranten op de Middellandse Zee. Het is de opening van het Opera Forward Festival.

Een man zwemt in zee. In de wijde omtrek is geen land te bekennen. Het wordt nacht, dag en opnieuw nacht, en de man zwemt en zwemt. Hij speurt om zich heen naar iets aan de horizon, een berg of een boot, maar er is niets dan water.

Lees verder na de advertentie

Het is een prachtig beeld, het hoofd van de man als klein stipje in die immense zee. Adembenemend en griezelig, dit gevecht van de man om boven water te blijven.

De film is onderdeel van 'Das Floss der Medusa', het oratorium van de Duitse componist Hans-Werner Henze uit 1968, dat in een enscenering van theatermaker Romeo Castellucci te zien is bij De Nationale Opera.

Henze schreef het oratorium als een requiem voor de Zuid-Amerikaanse revolutionair Che Guevara, maar de titel verwijst natuurlijk naar het meesterwerk van de Franse schilder Théodore Géricault. Zijn 'Het vlot van de Medusa' (1818) toont een stel mensen dat meer dood dan levend op een vlot op zee zwalkt. Eén van hen heeft nog net de kracht om met een lap te zwaaien als er een schip aan de horizon verschijnt.

Twaalf overlevenden

Géricault baseerde zich voor zijn schilderij op de schipbreuk uit 1816 van het fregat de Medusa voor de kust van Senegal. Een groot deel van de bemanning paste niet in de reddingsboten en de leiding van het schip stuurde daarom 149 man op een vlot de Atlantische Oceaan op. Slechts twaalf overleefden de dagenlange tocht voordat een schip hen redde. Het publiek was al geschokt door de feiten. Maar het schilderij 'Het vlot van de Medusa' zorgde door de realistische weergave van de ellende op het vlot voor een regelrecht schandaal.

Bij dit schilderij kan de Italiaanse theatermaker Castellucci niet anders dan denken aan het drama dat zijn land omspoelt. Al jaren komen mensen uit Afrika in wankele bootjes over de Middellandse Zee naar Lampedusa. In het begin stond de publieke opinie aan hun kant, Italianen reageerden geraakt en de mensen moesten worden gered. Maar inmiddels is dat niet meer zo, vertelt Castellucci met een gepijnigd gezicht. "De kerken doen nog aan liefdadigheid, maar sommige politici zijn verschrikkelijk. Er wordt zelfs gezegd dat de migranten moeten worden doodgeschoten. Ik geef toe dat die enorme vluchtelingenstroom een vreselijk probleem is, ik heb daar ook geen oplossing voor. Maar we moeten wel proberen menselijk te blijven. Het gaat hier om mensen die vechten voor hun leven. Politici vergeten dat soms, zien het als een technisch probleem. Maar in feite is het slechts toeval dat niet wij, maar zij in die situatie zitten."

Omdat hij zo betrokken is bij het thema zei hij onmiddellijk ja op de vraag van de Nationale Opera om Henze's oratorium op het toneel te zetten. In zijn enscenering zet hij het kijken van de toeschouwer centraal. Castellucci is geïnspireerd door het boek 'Schipbreuk met toeschouwer' van de Duitse filosoof Hans Blumenberg. Daarin staat een verhaal over een man die op een rots zit te kijken naar een schipbreuk in de verte.

Castellucci: "Die man voelt geluk, plezier zelfs. Niet omdat hij een sadist is, maar omdat hij zich veilig voelt terwijl hij kijkt naar de ramp die zich voltrekt. Dit is de schipbreuk ván de toeschouwer: kijken is niet neutraal, geen onschuldige handeling."

Tekst loopt door onder de foto

Door het filmen vanuit de boot voelt de toeschouwer het eindeloze wiegen van de zee. © rv

Precies daarom gebruikt Castellucci de beelden van de zwemmende man. Hij laat de toeschouwer in zijn pluchen stoel een uur lang kijken hoe een man zijn hoofd boven water probeert te houden.

Die man is Amadou Ndiaye. Castellucci ontmoette hem in Saint Louis, een stad in Senegal. "Amadou woont daar met zijn vrouw. Ik zocht een man die goed kon zwemmen, en dat kon hij. Ik vroeg hem om in totaal 24 uur in zee te zwemmen, verdeeld over meerdere dagen, precies op de plek waar de Medusa in 1816 verging. 24 uur, dat is een symbolische hoeveelheid. Het staat voor een dag, voor een heel leven, voor de strijd om je leven. Ik vind het aangrijpend om te zien hoe zwaar het voor hem was, hoe vermoeid hij raakte. We filmden hem vanuit een boot, maar ook met een drone, zodat we uit konden zoomen. Door het filmen vanuit de boot voelt de toeschouwer het eindeloze wiegen van de zee.

"Ja, het zijn mooie beelden. Schoonheid kun je niet vermijden als je de zee filmt. Maar ik hoop dat het je ook een oncomfortabel gevoel geeft."

De beelden komen bovenop het toch al aangrijpende oratorium, waarin Henze onder meer dagboekfragmenten van een van de overlevenden van het vlot verwerkte.

Een groot koor zingt teksten van levenden en doden, een solist speelt de rol van de man op het vlot en een verteller leidt het publiek door het verhaal. De Dood is er ook. Zij zet aan het eind de camera op de toeschouwer. Castellucci: "Want ook de kijker lijdt schipbreuk."

Is dat het doel van Castellucci? Moet de kijker zich bewust worden van zijn schuld terwijl hij kijkt? "Het schilderij van Géricault werkte in zijn tijd als een wake-up call. Het is een enorm groot schilderij, het lijkt je helemaal te omvatten als je ervoor staat. Het schreeuwt je toe, waardoor je je als kijker niet meer onschuldig kunt voelen. Dat is ook mijn doel. Want in deze tijd is het schilderij geen metafoor meer. De schipbreuk gebeurt echt, dagelijks. We hebben in de kranten de foto's van de doden op zee al zo vaak gezien, dat ze ons niet meer raken. Nu moet de kunst, de fictie dat doen. We hebben een nieuw schandaal à la 'Het vlot van de Medusa' nodig om ons de ogen te openen."

Het vlot van de Medusa, symbool van woede

Hans Werner Henze en Romeo Castellucci zijn niet de enige kunstenaars die zich hebben laten inspireren door het beroemde schilderij van Géricault. 'Het vlot van de Medusa' is de afgelopen tweehonderd jaar opvallend vaak gebruikt door schrijvers, schilders, muzikanten en theatermakers. Zo beschreef de schrijver Julian Barnes in 1989 de ellende op het vlot in zijn boek 'De geschiedenis van de wereld in 10½ hoofdstuk' en schreven de popmuzikanten Pat Brown and Randall Robinson er in 2015 een musical over. Georg Kaiser maakte er begin jaren veertig een toneelstuk van en Martin Kippenberger maakte in 1996 vlak voor zijn dood een reeks zelfportretten, geïnspireerd op het schilderij.

Géricault inspireerde al in zijn eigen tijd andere kunstenaars door zijn revolutionaire manier van schilderen. Hij maakte een einde aan het monopolie van het neo-classicisme door zijn brute en tegelijk geïdealiseerde weergave van de mensen op het vlot.

Maar het verkreeg zijn beroemde status vooral door het sociale drama dat hij liet zien. Bijna nooit waren slachtoffers of de lagere klassen onderwerp van een schilderij. Daardoor kon het een symbool worden voor drama's op zee, maar ook voor onderdrukking en verzet.

Nu gezonken boten op de Middellandse Zee ons nieuws bevolken, grijpen opvallend veel kunstenaars naar het vlot van de Medusa. Tot 15 april loopt de tentoonstelling 'Het Vlot. Kunst is (niet) eenzaam' in Oostende. Jan Fabre nodigde daarvoor talloze kunstenaars uit om een werk te maken dat refereert aan het beroemde schilderij.

Festival brengt jong publiek en opera bij elkaar

'Das Floss der Medusa' gaat vanavond in première bij De Nationale Opera. Het is de opening van het Opera Forward Festival van De Nationale Opera, waarin de nieuwste ontwikkelingen in de opera en een jong publiek bij elkaar worden gebracht. Hierin onder meer de opera 'We shall not be moved' over de elf doden die vielen bij een politie-inval bij de Afro-Amerikaanse organisatie MOVE in Philadelphia en Pierre Audi's laatste regie voor zijn vertrek bij De Nationale Opera, 'La Morte d' Orfeo'. Info: Operaforwardfestival.nl

Deel dit artikel