Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Het harde werken van Broederliefde werd beloond

Cultuur

Joris Belgers

Melvin 'Mella' Silberlie van Broederliefde © Roos Pierson
Interview

De Rotterdamse formatie Broeder­liefde bereikte in 2016 de ene na de andere muzikale mijlpaal. Maar met deze straatjongens uit Spangen had het heel anders kunnen aflopen.

Even voor twaalf uur zat Broederliefde in een hotelkamer in ­Paramaribo. Voor het eerst een jaarwisseling samen in het ­buitenland. Anthony 'U-niq' Pengel was er ook bij, die had voor de Rotterdamse rapgroep de show in Suriname geboekt. Pengel hief de champagne: een mooi moment, herinneren ze zich bijna een jaar later. "Voor die toast gingen we met z'n allen bidden. Niet iedereen is gelovig, maar wij voelden ons vereerd dat Uniq met ons het gebed wilde doen. Hij zei veel mooie woorden. Dingen die het afgelopen jaar allemaal wel zo'n beetje zijn uitgekomen. Eng man, eng!"

Melvin 'Mella' Silberlie is vandaag de prater van het stel. Brede grijns, intense ogen die zijn woorden kracht bijzetten. Emerson 'Emms' Akachar praat nadenkend, schuilend in de bontkraag van zijn jas, vaak met frons. Jerzy 'Jerr' Livramento lacht het meest, Edson Cesar en Javiensley 'Sjaf' Dams zijn vriendelijk maar stil. Hoewel ook zij elkaars zinnen afmaken.

De vijf van Broederliefde kennen ­elkaar door en door. Al jaren zien ze ­elkaar iedere dag. Iedere dag ruiken ze elkaars zweet, in het busje, rijdend door het land, van optreden naar optreden. Of in de studio, sleutelend aan nieuwe muziek - hiphop met Caribische smaak, R&B met Kaapverdische saus, Afrobeat op z'n Rotterdams gepeperd. Ze blikken terug op 2016, het jaar waarin die muziek van hip onder liefhebbers tot heel erg mainstream werd.

Lees verder na de advertentie
Al jaren zien ze ­elkaar iedere dag.

Hun album 'Hard Work Pays Off2' belandde direct bij de release op 1 in de Album top-100. Daar stond het dertien weken later nog steeds, waarmee het record van Frans Bauer werd verbroken. Op Lowlands knalde een uitzinnige Heineken-tent bijna uit elkaar. In Paradiso kregen ze aan het eind van hun ­uit­verkochte clubtournee platina uitgereikt. MTV-kijkers noemden de groep 'Best Dutch act', in december maakte Spotify bekend dat Broederliefde de meest gestreamde Nederlandse band was.

Hun harde werken werd, inderdaad, beloond. Het is helemaal niet zo overdreven om te zeggen dat er niks is in 2016 dat de groep nog méér had kunnen bereiken. Jerr: "We hadden het gevoel dat er wel íets zou gebeuren. Maar dat het allemaal zo groot zou worden..." Het was een druk jaar. "We hebben last van bepaalde spieren die je normaal niet eens voelt", zegt Emms.

We hadden het gevoel dat er wel íets zou gebeuren. Maar dat het allemaal zo groot zou worden...

Dertien weken op één

Op vrijdagmiddag 2 september braken ze het Nederlandse albumrecord. Het mooiste moment van het jaar, zeggen ze alle vijf. "Vooral om het gevoel dat heel Nederland achter ons stond. We voelden al die liefde", zegt Mella. Frans Bauer zelf had een videoboodschap ­opgenomen, waarin hij opriep om vooral Broederliefde over zijn 13-jaar oude record heen te streamen.

Met hun vrienden zaten ze in hetzelfde café als waar we nu zitten, aan de Rotterdamse Weena. Normaal komt de wekelijkse albumlijst rond het middaguur binnen, maar nu duurde het maar en duurde het maar. "We zaten met zweetbilletjes te wachten", zegt Edson. Rond 14:00 belde de platenmaat­schappij. "Alsof we de Champions League hadden gewonnen. Iedereen sprong op elkaar", zegt Emms. Mella klopt met zijn vuist op het hout van de tafel. "Als ik morgen dood ga staat dit nog altijd in de boeken." Jerr: "We zijn legendes."

Dat durven ze nu eindelijk - zij het voorzichtig - over zichzelf te zeggen. Het komt in veel interviews met Broederliefde terug. Succes. Doorbreken. Wat dat is. Wanneer je daar bent. Nog steeds vinden ze niet dat ze 'daar' zijn. Waar 'daar' precies is, weten ze niet, maar ze weten wel precies waar ze ­vandaan komen.

Als ik morgen dood ga staat dit nog altijd in de boeken. We zijn legendes.

© Roos Pierson

Spuitjes op de stoep

Spangen, in Rotterdam. Wanneer ze ­elkaar voor het eerst zagen, weten ze niet meer, maar wel waar. Op het pleintje voor Het Kasteel, het voetbalstadion van Sparta. Daar voetballen ze al met elkaar zo lang ze zich kunnen herinneren.

Jerr: "Broederliefde was er al voordat we muziek maakten. Opeens rolde die naam uit iemands mond. Sinds die dag is het zo. Want vriendschap is alles. Dat maakt jou anders dan ik: je vrienden. Die beïnvloeden je, je leert dingen van ze - zo is dat met deze jongens. Dat heeft ons gebracht tot waar we nu zijn." Sjaf: "Geld en vrouwen mogen daar niet tussenkomen." Ze knikken plechtig.

Ze kunnen niet één moment aanwijzen wanneer je vriendschap nodig hebt, omdat die momenten er elke dag zijn. "Het zijn kleine dingen. Je maakt iets mee, je vertelt erover, hun reacties beïnvloeden jou. Het maakt jou. Ik heb geen moment in mijn leven gehad dat ik me alleen voelde", zegt Mella. Jerr: "Als ik Broederliefde niet had gehad, had ik misschien iets gedaan waarvan ik spijt zou hebben gekregen. Dan zou ik misschien vastzitten."

Want vriendschap is alles. Dat maakt jou anders dan ik: je vrienden. Die beïnvloeden je, je leert dingen van ze

© Roos Pierson

Want tien jaar terug was Spangen beslist geen fijne buurt. Inmiddels is het up & coming, zoals dat heet. Er ­wandelen jonge gezinnen met kinderwagens door het straatbeeld, vooral in de buurt van kinderopvang de Kasteeltuin, inderdaad, tegenover het voetbalstadion. Het kinderdagverblijf werd in 2014 overgenomen door ouders, nadat het  failliet werd verklaard. Spange­naren zijn sowieso niet bang het heft in eigen hand te nemen: in de jaren negentig verjoegen buurtbewoners met ­activiste Annie Verdoold eigenhandig Franse drugsrunners uit de buurt ­omdat de politie het naliet.

Denk achterstandswijk, denk getto, zegt Emms, als ze terugdenken aan hun kindertijd. Junks lagen in de portieken. Bijvoorbeeld in het Justus van Effencomplex, een jaren-twintig-woonblok met binnentuinen, portieken en brede balkons. Ideaal voor junks om onttrokken aan het zicht even een spuit te ­zetten.

Het was grimmig, zegt Mella. "In die tijd kon je als jongen van acht echt niet alleen naar school fietsen. Er lagen ­junkies met spuitjes op de stoep. Drugszakjes vond je als kind gewoon op straat. Huizen waren vernield. Er was veel meer vandalisme vroeger."

Maar eigenlijk, zegt Emms, heb je dat als kind helemaal niet door. "Je weet niet beter. Inmiddels kijken we ­terug, zo van, eey, we hebben het best moeilijk gehad. Maar we hebben het overleefd." Anderen niet. Op het begin van hun album staat een eerbetoon aan vrienden van vroeger, die via de straat in de criminaliteit belandden, en nu vastzitten. Of erger. "Allemaal mensen die onderdeel van ons succes zijn. Sommigen zijn overleden." Dat zeggen de jongens niet om stoer te doen, het is geen opschepperij. Ze zijn er steeds ­stiller bij geworden.

Het klinkt als cliché dat de muziek hen heeft gered. "Maar eigenlijk is dat wel zo. Laten we realistisch zijn."

In die tijd kon je als jongen van acht echt niet alleen naar school fietsen. Er lagen ­junkies met spuitjes op de stoep.

Dat zeggen de jongens niet om stoer te doen, het is geen opschepperij. Ze zijn er steeds ­stiller bij geworden.

© Roos Pierson

Met de tram naar Schiedam

Want terwijl vrienden opgingen in ­diefstal of dealen gingen de jongens van Broederliefde liever voetballen en muziekmaken. Sleutelen aan beats, achter de computer, met teksten over de straat, voetbal, meisjes. Een jaar of dertien, veertien waren ze, toen ze de tram naar Schiedam pakten. "Weten jullie nog? Bij Jhairo met een h. Jjhhhairo!" De anderen lachen. "Het was een neef van Mella, hij had daar een studio. Dus wij in de tram, lekker zwartrijden." Mella: "Soms gingen we wakka, lopen, helemaal naar Schiedam. Jhairo hielp ons die dingetjes in elkaar zetten. Er was niet eens een microfoonstandaard, we moesten gebukt inzingen."

"Die tracks gingen op Hyves. 'Ik loer der' was de eerste." Ze beginnen oude songtitels op te noemen. "'Zonder m'n broeders'!" "'Strakke lijntjes'"? "Neenee, broer luister, ken je 'Leef me de dag' nog? Zooo dat was een pokoe. Op die beats van The Opposites.  Sjaf rapte over dat hij de kleinste van de groep was. Nog steeds!" Jerr buldert, Sjaf glimlacht.

Met die Hyves-tracks stonden ze op huisfeestjes. Ze deden mee aan lokale talentenjachten. Met het nummer ­'Maluku' hadden ze hun eerste internetsuccesje, Hyves werd YouTube, ­huisfeestjes werden discotheken. Ze kwamen in beeld bij Nederhop­label TopNotch.

Er was niet eens een mi­cro­foon­stan­daard, we moesten gebukt inzingen

© Roos Pierson

Hard werken

Altijd zijn ze hard blijven werken. Neem hun optreden op Noorderslag in 2014. Jaarlijks presenteert de Nederlandse popmuziek zich in de Groningse Oosterpoort aan Nederland, voor een publiek, dat, nou ja, niet altijd op hiphop zit te wachten. De zaal was leeg, heel erg leeg. De VPRO omschreef het als 'de meest ongemakkelijke show' van het festival. Maar ze gingen er hard in, zoals altijd. Ze stonden vaker voor lege zalen, vertellen ze. Dan kijken ze elkaar even aan. En bouwen ze hun eigen feestje.

Dit soort shows maakte die uit­puilende Heineken-tent op Lowlands afgelopen augustus extra zoet. ­Duizenden fans gingen heen en weer, buitelend over elkaar heen. Ze ­glunderen nog steeds als ze er aan terugdenken. "Altijd wordt gezegd dat Lowlands voor hiphop­acts heel moeilijk is. Daarom was het een uitdaging", zegt Mella. "Om mensen het tegendeel te bewijzen. Het is een ander publiek dan we gewend zijn." Dáárom riepen ze luidkeels 'Ze zeiden dat dit niet zou kunnen!', vanaf het podium. Want het kon dus wel.

Maar waarom zegt 'men' dat hun muziek niet zou kunnen op Lowlands? Jerr: "Nederland is niet zo ruimdenkend. We zijn een klein kikkerland. Een mooi land, maar iedereen heeft overal een mening over. Die discussie over Zwarte Piet, ook weer zoiets." Mella: "Terwijl het nonsens is. Je ziet nu witte pieten. Met alle respect, het ziet er niet uit." Edson: "Ik vond het vroeger leuk als Zwarte Piet in de klas kwam. Het was echt niet zo van hooo, daar hebben we een slaaf."

Emms: "Ik snap best dat mensen het racistisch vinden..." "...maar het is een Nederlandse traditie", zegt Edson. "En we zijn hier in Nederland. Als je in China een koe moet omgooien voor een traditie, doe je dat ook elk jaar." Jerr: "Mensen reageren er zo heftig op. Dat is een luxe die we in Nederland hebben. Terwijl er belangrijkere dingen zijn in de wereld." Mella: "Dit blokje ijs in mijn glas, hier, waarmee ik aan het spelen ben... ergens anders vechten mensen om water. Eigenlijk moet je er helemaal geen energie in stoppen. Ik stop mijn energie liever in de groep."

Dan kijken ze elkaar even aan. En bouwen ze hun eigen feestje.

Dáárom riepen ze luidkeels 'Ze zeiden dat dit niet zou kunnen!', vanaf het podium. Want het kon dus wel.

© Roos Pierson

Het Kasteel

Al die energie leverde in oktober een letterlijk tot aan de nok gevuld Paradiso op. Tot aan het tweede balkon werd in het Amsterdamse poppodium alles meegezongen. Mella: "Ik zeg je eerlijk, aan het eind had ik wel het gevoel, we hebben het gedáán. Al die struggle, al dat harde werken. Paradiso was de belangrijkste zaal van onze tour." Met als bekroning een platina plaat voor dat album, uit handen van hun jeugdhelden, The Opposites.

Parallel aan dit succesverhaal is ook Spangen er bovenop gekomen. De gemeente voerde de Rotterdam-wet in, die het mogelijk maakte inkomens­eisen te stellen aan nieuwe bewoners en mensen met een crimineel verleden te weren. De tippelzone aan de naburige Keileweg, van waaruit veel drugsoverlast de wijk binnendruppelde, werd in 2005 gesloten. Het Justus van ­Effencomplex werd in 2010 grondig ­gerenoveerd, andere huizenblokken gingen tegen de vlakte om plaats te ­maken voor nieuwbouw, weer andere vervallen woningen werden als ­klus­-huizen verkocht aan jonge gezinnen.

Emms: "Het is heel positief allemaal: Sparta speelt in de eredivisie, Broederliefde schrijft geschiedenis, en het gaat weer goed met Spangen. Er is nieuwbouw, er zijn geen junkies meer, ­iedereen kan normaal naar school."

Hoe mooi 2016 ook was, misschien wordt 2017 net even iets mooier. In april speelt Broederliefde in Het Kasteel. "Als we van ons huis een koprol maken, liggen we in dat stadion. We schuilden daar vroeger als het regende en we niet naar huis wilden. We klommen over hekken om te spieken bij wedstrijden. Dat concert heeft onze volledige focus. Als dat met Gods wil goed gaat, kunnen we verder kijken", zegt Mella.  

Voordat dat zover is, zitten ze met de jaarwisseling in de auto. Voor oudejaarsnacht staan acht shows gepland. "We gaan vuurwerk kijken vanaf de snelweg. Misschien zoeken we om 12 uur even een tankstation. Even pauze, van vijf voor 12 tot vijf over." Om samen te toasten op dit jaar. En op wat komen gaat.

"Ik zeg je eerlijk, aan het eind had ik wel het gevoel, we hebben het gedáán

Deel dit artikel

Al jaren zien ze ­elkaar iedere dag.

We hadden het gevoel dat er wel íets zou gebeuren. Maar dat het allemaal zo groot zou worden...

Als ik morgen dood ga staat dit nog altijd in de boeken. We zijn legendes.

Want vriendschap is alles. Dat maakt jou anders dan ik: je vrienden. Die beïnvloeden je, je leert dingen van ze

In die tijd kon je als jongen van acht echt niet alleen naar school fietsen. Er lagen ­junkies met spuitjes op de stoep.

Dat zeggen de jongens niet om stoer te doen, het is geen opschepperij. Ze zijn er steeds ­stiller bij geworden.

Er was niet eens een mi­cro­foon­stan­daard, we moesten gebukt inzingen

Dan kijken ze elkaar even aan. En bouwen ze hun eigen feestje.

Dáárom riepen ze luidkeels 'Ze zeiden dat dit niet zou kunnen!', vanaf het podium. Want het kon dus wel.

"Ik zeg je eerlijk, aan het eind had ik wel het gevoel, we hebben het gedáán