Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Golvende gebouwen in Amsterdam doen aan Gaudí denken

Cultuur

Joke de Wolf

Gebouw De Dageraad in de Amsterdamse Spaarndammerbuurt. © Foto Museum Het Schip

Wat heeft de Spaanse architect Gaudí gemeen met de Amsterdamse School? Best veel, zo blijkt uit een eerste tentoonstelling hierover in Amsterdam.

De gevel van Het Schip golft en deukt, ondanks de bakstenen waaruit het is opgebouwd. Net Gaudí, zeiden veel mensen die er een rondleiding kregen over de Amsterdamse School, de stijl waarin Michel de Klerk het markante gebouw van rode bakstenen in de Amsterdamse Spaarndammerbuurt in 1919 ontwierp.

Lees verder na de advertentie

Voor het museum over de Amsterdamse School, dat in het gebouw zit, genoeg reden om eens te kijken naar de overeenkomsten tussen Gaudí en de architecten van de Amsterdamse School. Vanuit Barcelona kwamen tekeningen, maquettes en details (zoals handgrepen en dakpannen) van Gaudí om daar een tentoonstelling over te maken. Geen standaardverhaal over de hoogtepunten van de Catalaanse architect. “Bijna elke Nederlander heeft die gebouwen weleens in het echt gezien”, zegt museumdirecteur Alice Roegholt. Daarom ligt de nadruk in deze tentoonstelling voor het eerst op raakvlakken met de Amsterdamse School.

De twee architecten speelden met natuurlijke vormen

Nee, ze hebben elkaar nooit ontmoet, Michel de Klerk (1878-1924) en Antonin Gaudí (1852-1926). En of ze elkaars gebouwen kenden, is de vraag. Maar ze hadden ze elkaar vast gemogen. Er zijn meer overeenkomsten in hun biografie dan de meeste architectuurkenners weten. Gaudí ontwierp weliswaar vooral voor rijke particulieren, terwijl de geëngageerde Michel de Klerk paleizen probeerde te maken in de sociale woningbouw. Maar ook Gaudí begon met een ontwerp voor arbeiders en tot zijn 34ste was hij overtuigd socialist. De kleine tentoonstelling op de bovenverdieping van het museum en de fraaie catalogus laten het duidelijk zien: voor de textielcoöperatie La Obrera Mataronense in de stad Mataró ontwierp hij onder andere een katoenbleekhal, arbeiderswoningen en een serie andere gebouwen. 

Zowel Gaudí als de Nederlandse architect hadden aandacht voor natuurlijke vormen, ze varieerden erop, speelden ermee. Beiden waren ook voorstander van de inzet van vaklieden, specialisten. Het was een reactie op de industri-ele revolutie waarin massaproductie de voorkeur kreeg. In Spanje verliepen die industrialisatie en economische vooruitgang wat sneller en was de stadsuitbreiding al in 1880 op stoom. Daar kon Gaudí, mede dankzij gulle opdrachtgevers, dus al vroeg zijn gang gaan. In Amsterdam kwam de stadsuitbreiding later, en was er pas na de invoering van de Woningwet in 1901 genoeg geld voor woningcorporaties om uit te pakken bij het ontwerp van de huizenblokken.

Organische stoelen

In het museum liggen details uit de huizen die Gaudí ontwierp: tegels uit Casa Vincens met Afrikaantjes, zeshoekige tegels met zon en plantenmotief, de meest vreemdvormige handgrepen, en twee ‘organische’ stoelen. Veel van die voorwerpen en meubels hadden zo een verdieping lager kunnen liggen, bij de vaste tentoonstelling over de Amsterdamse School. Wie uit het raam van het museum kijkt, ziet het karakteristieke en puur decoratieve torentje bovenop de woonhuizen, ook wel ‘de piek van De Klerk’ genoemd. In de tentoonstelling is te zien dat Gaudí voor een van zijn huizen soortgelijke piekvormige torens maakte.

La Pedrera van Gaudí in Barcelona © Foto Museum Het Schip

De Klerk kan best bekend zijn geweest met het werk van Gaudí. De Catalaanse architect was minder bekend dan nu, toch stond zijn werk wel in architectentijdschriften. 

Geliefd was het werk van Gaudí en De Klerk niet meteen. Theo van Doesburg noemde de Amsterdamse Schoolstijl ‘afgrijselijke baksteenmassa’, Gaudí’s levenswerk, de Sagrada Familia, werd in het katholieke blad Van onzen tijd veel positiever ‘een religieuze droom in steen’ genoemd. Pas in 1928 maakte een Engels tijdschrift voor het eerst de vergelijking tussen de twee: gebouwen van De Klerk en Gaudí stonden als vanzelfsprekend naast elkaar, als ‘een structuur die lijkt te bewegen met het ritme van wind en golf’. De architecten waren inmiddels allebei overleden, hun gebouwen kabbelen nog voort.

★★★★
‘Gaudí en de Amsterdamse School’, tot 31 maart in Museum Het Schip, in Amsterdam. www.hetschip.nl

Lees ook: Gaudi’s kerk Sagrada Familia klaar in 2026:

De in 1882 begonnen bouw van de Sagrada Familia in Barcelona, het levenswerk van architect Antonio Gaudi (1852-1926), zal in 2026 na 144 jaar worden afgerond. 

Deel dit artikel

De twee architecten speelden met natuurlijke vormen