Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Filosoferen over het corps

Home

Rob Schouten

Victor Frölke Het dispuut Thomas Rap; 304 blz. €19,99 © rv
Boekrecensie

Frölke geeft een rake schets van het corps, ook voor wie er niets mee te maken wil hebben

Het dispuut’ van Viktor Frölke (1967) komt als geroepen in deze ontgroeningstijd. Waren we voor leven en praktijk van de corpsbal tot voor kort aangewezen op de Jiskefet-filmpjes met Van Binsbergen, Kerstens en Kamphuijs, alias de Lullo’s, Frölkes roman geeft een even goed, zo niet beter beeld van de even omstreden als decadente levenswijze van deze merkwaardige soort.

Lees verder na de advertentie
De ballencultuur wordt weliswaar genadeloos in zijn hemd gezet maar heeft tegelijk iets on­weer­staan­baar hilarisch

De Lullo's, door de makers bedoeld om de corpsballencultuur in een schril en naargeestig licht te zetten, werd een van de populairste, meest geïmiteerde creaties van Jiskefet. Een dergelijk paradoxaal effect ligt ook voor ‘Het dispuut’ op de loer. De ballencultuur wordt weliswaar genadeloos in zijn hemd gezet, maar heeft tegelijk iets onweerstaanbaar hilarisch. 

De vernedering van jongerejaars door ouderejaars, hoe weerzinwekkend ook, het rituele taalgebruik, van ‘bierpompje’ voor piemel tot ‘bekken’ voor je mond houden, het afzeiken van Jan en alleman, hier ‘afplassen’ of ‘afpissen’ genoemd, de manier waarop dispuutgenoten worden aangesproken, met ‘pik’ of ‘vrucht’, je kunt je er evengoed over opwinden als over bescheuren.

Studentenstreek

Tristan Oleander, student filosofie (net als Frölke ooit zelf trouwens), meldt zich bij dispuut Multatuli om niet alleen te hoeven opereren in de grote universiteitsstad Amsterdam. Aanvankelijk verbaasd gaat hij almaar meer mee met de decadente gewoonten van de Multatulianen, al blijft er toch ook steeds enige reserve hangen. De ingewijde manier waarop Frölke het studentikoze taalgebruik beschrijft verraadt de kenner maar ook de kritische observator, zoals in deze scene waarin Tristan op de WC wordt aangesproken door de praeses van zijn club: 

‘“Bastardo! Wat is dat voor prut op je wang?” Hij knipoogde loom. Te oordelen naar zijn motoriek en dictie had hij flink ingenomen. “Hoor eens, ik weet niet wat jij in dat hok hebt uitgespookt, maar je zult het toch met mij eens zijn dat de hakkenbar niet de ideale plek is om treinen uit Darmstadt binnen te laten lopen. Of sproei je bouillon? Zo, effe me bierpompie afknijpe...”‘

Halverwege het boek neemt de vrolijkheid om de gebruiken en het taalgebruik van de ballen een ruwe wending als tijdens een reisje naar Lebak een medestudent om het leven komt, wie weet door een of andere walgelijke studentenstreek. De in wezen brave Tristan kan het niet verdragen dat de waarheid niet boven tafel komt en probeert later alsnog de vermeende schuldigen ter verantwoording te roepen.

Schaamte

Het is duidelijk dat hoofdpersoon Tristan geen overtuigde corpsbal is. Hij doet mee maar schaamt zich tegelijkertijd. Die schaamte is een belangrijk thema bij Frölke; ook in zijn vorige roman, het vrolijke ‘Dagboek van een postbode’ uit 2016 schaamde de hoofdpersoon, Frölke zelf, zich geregeld voor zijn nederige baantje. 

Het is deze houding, schaamte voor waar je zelf aan deelneemt, die denk ik de kracht van zijn verhalen uitmaakt, Frölke beschrijft eigenlijk de imborst van de meeloper tegen wil en dank: 'Ben ik een meeloper?' vroeg hij zich hardop af. 'Een collaborateur? Waarom ben ik lid? Waarom woon ik op het Huys? Omdat dat nu eenmaal in de lijn der verwachtingen ligt?'

Oordeel: Vlot, raak, ironisch en prettig filosofisch

En passant maar nooit opdringerig komen er toch ook filosofische noties aan de orde in deze even humoristische als bittere studentenroman, gedachten over slachtoffers die daders worden, over de banaliteit van het kwaad zoals Hannah Arendt dat formuleerde, over het zondebokprincipe van René Girard. ‘Het dispuut’ is zeker geen lichtzinnig boek over een lichtzinnige club, het is veeleer een rake schets van een dubbelzinnig verschijnsel, vriendschap en kameraadschap met dubieuze kantjes.

Neemt niet weg dat de lezer een even genadeloze als vrolijkmakende blik in de sadomasochistische keuken der corpsballen krijgt. Propaganda voor de corpsbal is het zeker niet, in dat opzicht loopt ‘Het dispuut’ misschien achter bij de werkelijkheid waarin het corps na ontgroeningsincidenten tot inkeer lijkt te zijn gekomen; misschien moeten we het lezen als een historische roman over hoe het vroeger was. Met zijn vlotte stijl, zijn onderhuidse ironie, zijn onopdringerige filosofische houding, zet Viktor Frölke die ouderwetse corporale studentenwereld prachtig in de verf, ook en vooral voor wie er niks mee te maken wil hebben.

Viktor Frölke
Het dispuut
Thomas Rap; 304 blz. €19,99



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie
De ballencultuur wordt weliswaar genadeloos in zijn hemd gezet maar heeft tegelijk iets on­weer­staan­baar hilarisch

Oordeel: Vlot, raak, ironisch en prettig filosofisch