Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Doodstil rouwen bij een wak in de nieuwste film van Jeroen Eisinga

Cultuur

Henny de Lange

Scène uit ‘Nightfall’. © *
Interview

Na zijn geruchtmakende bijenfilm was kunstenaar Jeroen Eisinga jarenlang uit beeld. Met zijn nieuwe werk ‘Nightfall’, gebaseerd op een jeugdherinnering, bezorgt hij de kijker ook weer kippenvel. 

Straks verdwaal ik en vinden ze me terug als een ijspilaar, dacht Jeroen Eisinga. “Of ik word opgepeuzeld door een wolf.” Helemaal alleen stond hij in een besneeuwd bos in het noorden van Finland; het was dertig graden onder nul. Zijn filmploeg was al vertrokken, hij zou wat later worden opgepikt, maar raakte gedesoriënteerd in die witte wereld. “Het was beangstigend, maar ook prachtig. En zo stil, dat ik de sneeuwvlokken hoorde vallen op mijn jas.” 

Lees verder na de advertentie

Bijna fatale gevolgen

Het was lang stil rond kunstenaar Jeroen Eisinga (52). Hij maakte geen nieuw werk sinds zijn  laatste film ‘Springtime’, acht jaar geleden alweer, waarvoor hij zich liet overdekken door 150.000 honingbijen, bijna met fatale gevolgen. Er zijn verschillende redenen voor die lange pauze, daarover straks meer. Het belangrijkste is, vertelt hij in zijn atelier in Den Haag, dat er een nieuwe film is, ‘Nightfall’, vanaf morgen te zien voor het publiek. En het is weer een echte ‘Eisinga’, in die zin dat je een uur lang geen seconde durft weg te kijken.  

In de films van Eisinga gebeuren vaak extreme en huiveringwekkende dingen, waarbij je als kijker het gevoel hebt machteloos te moeten toezien. Alleen al van het ene beeld dat hij vooraf stuurde, om een eerste indruk te krijgen van Nightfall, krijg je de rillingen. Je ziet een bevroren en besneeuwd meer met een wak erin. Eromheen staat een kudde schapen met een dikke laag sneeuw op hun vacht. In het wak drijft een dood schaap. Een ander schaap rust met de kop op de rand van het wak. Het dier lijkt vergeefs geprobeerd te hebben uit het ijskoude water te klimmen. 

Na al dat verdriet en ook nog die financiële misère dacht ik: ik stop ermee, ik trek het niet meer

Jeroen Eisinga

Het eerste wat opvalt na al die jaren dat hij uit beeld was, is zijn volle bos haar. Bij zijn vorige film was hij kaal. Hij had toen zijn haar afgeschoren om te voorkomen dat de bijen erin bleven steken. Sindsdien is er veel gebeurd in zijn leven, vertelt hij. Eerst overleed zijn tweelingbroer na een lang en zwaar ziekbed. Ze hadden een sterke band en werkten regelmatig samen bij zijn filmprojecten. Daarna heeft hij twee jaar gewerkt aan de voorbereidingen voor een film over een treinbotsing. “Ik had alles geregeld. Ik had twee treinen, een stuk spoor van een spoorwegmuseum en toestemming van de voltallige gemeenteraad van Mariembourg, een dorpje in de Belgische Ardennen, waar de opname moest gaan plaatsvinden, maar ik kreeg het project financieel niet rond.” 

“Na al dat verdriet en ook nog die financiële misère dacht ik: ik stop ermee, ik trek het niet meer. Ik kan wel ‘in de stal’ van een galerie gaan, maar ik ben geen renpaard, ik wil niet gedresseerd worden, ik wil m’n onafhankelijkheid behouden. Dat samenwerken met een galerie draait ook alleen maar om geld. In de kunstwereld gaat het in deze tijd sowieso alleen nog maar over geld. Daar wil ik zo min mogelijk mee te maken hebben. Ik wil baas blijven over mijn eigen leven. Dan maar liever arm en aan de grond.”

Maar die nieuwe film is er toch gekomen?

“Ik had nog één goed idee, dat ik beslist wilde uitvoeren. Met de voorbereidingen voor Nightfall ben ik in 2015 al begonnen. Ik ben toen naar Finland gereisd om contacten te leggen. In december van dat jaar heb ik subsidie aangevraagd en ook gekregen. Maar toen kreeg ik een hartaanval tijdens het hardlopen. Een buschauffeur heeft me gereanimeerd en vijf weken later werd ik wakker uit mijn coma in het ziekenhuis. Ik kon niet meer praten, niet meer lopen, alleen maar kijken. Ik heb een half jaar moeten revalideren en ben een jaar uit de running geweest. Pas in 2017 ben ik weer aan het werk gegaan.”

Bent u helemaal hersteld?

“Nee, ik slaap sindsdien niet meer dan twee uur per nacht. Door die coma en medicijnen waarmee ze me hebben vol gestopt is mijn dag-en-nachtritme ontregeld geraakt. Dat nekt je, als je zo weinig slaapt.”

En toch die film gaan maken?

“Ik ben een idealist. En het idee was goed. Ik wilde afmaken waar ik al aan begonnen was.”

Hoe kreeg u het idee voor deze film, die een uur lang in feite maar één tafereel registreert. Een kudde schapen staat in een sneeuwstorm op een bevroren meer rondom een wak, waarin enkele dieren zijn vastgevroren. De schapen bewegen wat maar staan vooral stil. Langzaam worden ze door de sneeuw bedekt. De zon gaat onder achter de bomen op de achtergrond.

“Het uitgangsmateriaal is een jeugdherinnering. Als kind woonde ik in Waspik, erg afgelegen aan de rivier het Oude Maasje, naast de polyester-botenfabriek van mijn vader. In een hele koude winter, ik was een jaar of zeventien, zag ik vanuit huis een stel rare vormen op de dichtgevroren rivier.”

“Toen ik de verrekijker pakte ontdekte ik dat het tientallen schapen waren. Ze stonden doodstil rondom een wak. Een was uitgegleden en lag met de poten omhoog. Een paar dieren lagen in het wak. Hagelwitte sneeuw op vuilwitte pakken wol. Dat beeld is me altijd bijgebleven. Het leek haast een abstract schilderij, met één vuurrode vlek erin. Een plas bloed had zich in de sneeuw gezogen. Een schaap had geprobeerd uit het wak te klimmen en zich verwond aan de scherpe rand van het ijs.”

“Ik wilde eerst wat doen, maar het was te gevaarlijk om het ijs op te gaan. En de sneeuwstorm werd alleen maar erger. Ik heb daar staan kijken. Ik kón alleen maar kijken. Maar dat kijken, dat niet wegkijken, dat was een daad, snap je?”

Waarom wilde u hier iets mee doen?

“Het was gruwelijk én prachtig. Ik kan het haast niet onder woorden brengen, maar het was of de werkelijkheid zich aan me openbaarde. Zo’n moment in je leven herkende ik later in de boeken van de Noorse schrijver Knausgard, in zijn beschrijving van ervaringen die heel sterk bij je binnenkomen. Met die ervaring wilde ik iets doen, omdat je alleen maar goede kunst kunt maken van iets wat je zelf doorleefd hebt. De echte werkelijkheid komen we ook haast niet meer tegen, nu iedereen via een schermpje de wereld beziet. We leven in een imaginaire wereld, waarin iedereen overal een mening over heeft, zonder de realiteit te kennen. Net zoals ik met mijn bijenfilm een échte ervaring wilde overbrengen die niemand ooit zal kennen of voelen, gaat het in Nightfall ook om zo’n wezenlijke ervaring.”

Ik heb daar staan kijken. Ik kón alleen maar kijken. Maar dat kijken, dat niet wegkijken, dat was een daad, snap je?

Jeroen Eisinga

“Inspiratie om het ruwe materiaal van die jeugdherinnering om te vormen tot nieuw werk, vond ik onder meer in de briljante film ‘De vier jaargetijden’ van Artavazd Peleshyan. Daarin glijden herders met hun schapen van berghellingen af, ze graven ze uit de sneeuw en plonzen in snelstromende rivieren, terwijl ze hun dieren vasthouden. De schapen lijken haast familie van de herders.” 

Hoe kwam u aan een kudde schapen in Finland?

“Ik ben daar met schaapherders gaan praten. Twee herderinnen wilden wel meewerken, Kate Sikka en Kaisa Hilska. Ik wilde graag Finse schapen, omdat die zwarte koppen hebben. Het zijn hele mooie dieren. Sommige hebben ook een zwart lijf, wat prachtige schakeringen geeft in een zwart-witfilm. We zijn in februari 2017 vanuit het zuiden, waar de kuddes liepen, met zeventig schapen 800 kilometer naar het noorden gereden. Die reis hebben ze goed doorstaan.”

Bent u niet bang dat u dierenactivisten op uw nek krijgt? Mensen die ik vertelde over deze film, waren geschokt over de dode schapen in het wak.

“Dat bedoel ik nou, met dat iedereen meteen al een mening heeft, zonder de realiteit te kennen. Natuurlijk heb ik die schapen niet het wak ingejaagd. Het zijn rammen en de meeste worden geslacht als ze een jaar oud zijn en opgegeten. Ik heb er een paar laten invriezen in de houding die ik nodig had en ze diepgevroren meegenomen. In het ijs dat wel een meter dik was, hebben we met een kettingzaag een wak met een doorsnede van zes meter gezaagd. Voor het maken van een sneeuwstorm hadden we de beschikking over sneeuwmachines. Ook hebben we buizen door het ijs geslagen om water op te pompen en te vernevelen. Bij dertig graden onder nul worden die druppels meteen sneeuw.” 

Er hadden schapen in het wak kunnen glijden.

“We hadden dat wak zo gemaakt dat ze niet onder het ijs konden schieten. Het was een soort grote badkuip. Om te voorkomen dat ze gingen rennen stonden er ook hekken, buiten beeld. Ook zijn de herders er de hele tijd bij gebleven met hun twee hondjes. Het is allemaal goed gegaan. Alle schapen hebben het overleefd en de dode exemplaren zijn, wat ook de bedoeling was, opgegeten. De kudde heeft een paar uur op het ijs gestaan, de periode dat je de zon langzaam ziet ondergaan. Hoe langer de schapen in de kou en wind stonden, hoe rustiger ze werden en hoe dichter ze tegen elkaar aan gingen staan. Uiteindelijk stonden ze bijna helemaal stil.” 

“Om het toch levendig te houden, laat ik op de voorgrond een verroeste metalen pijp in beeld steken, waaruit constant een klaterend stroompje water in het wak stroomt. Dat heb ik geleerd van Hitchcocks beroemde film ‘Birds’. Daar ligt een door vogels dood gepikte vrouw bewegingloos op de vloer, maar op de voorgrond zie je een druppelende kraan. De film duurt een uur, er gebeurt nagenoeg niets, halverwege valt ook het gebulder van de sneeuwstorm weg. Dan hoor je alleen nog het geklater van het water in het wak, waarbij de schapen roerloos lijken te rouwen om hun gestorven kuddegenoten.”

Bij mij riepen die schapen beelden in herinnering van Duitse soldaten in de oorlog, vastgevroren in een rivier in Siberië

Jeroen Eisinga

Dacht u aan het Lam Gods bij dit beeld? Net zoals uw lijdzame pose in de bijenfilm deed denken aan de lijdende Jezus Christus. 

“Ik ben niet religieus en ik vind dat kunst nooit een religieuze leer kan uitstralen. Je hebt geen christelijke of boeddhistische kunst, al mogen mijn films natuurlijk wel allerlei referenties oproepen. Er moeten ook diepere lagen worden aangeboord in mijn werk, anders is het geen kunst. Maar ik heb niet aan het Lam Gods gedacht. Bij mij riepen die schapen beelden in herinnering van Duitse soldaten in de oorlog, vastgevroren in een rivier in Siberië. Wat moeten die soldaten hebben gevoeld? En hun moeders? Maar je kunt in die schapen ook een menigte zien die respectvol, maar ook heel triest staat te rouwen rondom een graf. Waar het mij vooral om gaat is dat ik een echte ervaring wil overbrengen, zonder een schild van allerlei meningen. Ik wil een wereld laten zien die bestaat onafhankelijk van onze mening erover. Een wereld die groots en geweldig is en waarin de mens klein en onbetekenend is. Ik hoop dat mensen even worden opgetild door mijn werk, zich verwonderen of er misschien troost uit putten, na het verlies van een geliefde. Daar doe ik het voor.”

Scène uit ‘Springtime’ © -

Expeditie Eisinga

In de Electriciteitsfabriek in Den Haag zijn de komende weken zes films te zien van de Haagse kunstenaar Jeroen Eisinga. Zijn nieuwste film ‘Nightfall’ beleeft daar de première. Ook zijn geruchtmakende film ‘Springtime’ wordt getoond, waarvoor hij zich volledig liet bedekken door 150.000 bijen. Met zo'n dertig bijensteken werd hij naar het ziekenhuis gereden, waar de arts zei dat het geen tien minuten langer had moeten duren. Het werk werd benoemd tot beste korte film van het Internationaal Filmfestival Rotterdam in 2012. Ook maakt het deel uit van de 50 Nederlandse kernkunstwerken die nu te zien zijn in Museum de Fundatie in Zwolle.

Expeditie Eisinga, elke vrijdag, zaterdag en zondag van 7 maart tot 7 april. Meer info op electriciteitsfabriek.nl.

Lees ook:

‘Het gaat Jeroen Eisinga om het mysterie van het leven’

Kunstenaar Jeroen Eisinga maakt films waarin hij de grenzen opzoekt. Voor zijn nieuwste film, op het Filmfestival in Rotterdam bekroond met de Tiger Award, liet hij zich overdekken door 150.000 honingbijen. Bijna met fatale gevolgen.

Eén geworden met de bijen

Jeroen Eisinga zoekt graag de grenzen op in zijn kunstwerken. Nu weer.

Deel dit artikel

Na al dat verdriet en ook nog die financiële misère dacht ik: ik stop ermee, ik trek het niet meer

Jeroen Eisinga

Ik heb daar staan kijken. Ik kón alleen maar kijken. Maar dat kijken, dat niet wegkijken, dat was een daad, snap je?

Jeroen Eisinga

Bij mij riepen die schapen beelden in herinnering van Duitse soldaten in de oorlog, vastgevroren in een rivier in Siberië

Jeroen Eisinga