Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De zandtaartjes van Gijs Bakker

Cultuur

Liesbeth den Besten

Je loopt eraan voorbij, zit erop, gooit er iets in: design op straat, straatmeubilair. Over iedere wegwijzer, prullenbak, bank of bushalte is nagedacht. Het meubilair spreekt voor zichzelf, maar ontwerpers vertellen er ook graag over.

Het lijken wel zandtaartjes, de banken, bloembakken en afvalbakken in het centrum van het Zeeuwse Oostburg. Met geribbelde kegels die, op hun bodem geplaatst, dienen als rugleuning, en op hun punt als afvalbak. Ze zijn van zandkleurig beton, de zitplaat van de banken is van donker terazzo met glinsterend parelmoer. En inderdaad, ontwerper Gijs Bakker (1942) wilde ook herinneringen oproepen aan zandtaartjes, schelpen, ijsco's en een zomer aan het strand.

Het meubilair is na de oplevering (1991) in Oostburg, Zeeuws-Vlaanderen, op meer plekken in Nederland geplaatst, in Eindhoven bijvoorbeeld, en op de strandboulevard in Koog op Texel. ,,Het past niet overal'', vindt Gijs Bakker. ,,Het staat ook wel op plekken waar het eigenlijk niet thuishoort, zoals in de stad voor een kantoorgebouw. Het is echt voor een badplaats ontworpen, qua kleur, materiaal en beleving.'' Een badplaats? Oostburg ligt toch zo'n tien kilometer het binnenland in? Bakker: ,,Maar de nabijheid van de zee is voelbaar. Ooit had Oostburg de functie van badplaats en kwamen de badgasten daar dineren en logeren. Dat gevoel van de zee en het strand wilde ik uitdrukken in het straatmeubilair.''

Eigenlijk wilde de gemeente dat de ontwerper alleen maar voor banken op het Eenhoornplantsoen zou zorgen. Bakker: ,,Ik legde ze uit dat je met wat meubels nog niet veel hebt, er hoort een 'kleedje' onder, ze moeten een context hebben. Oostburg is een somber, triest oord. Het is in 1944 door de Canadezen platgegooid. Het centrum is een typisch voorbeeld van wederopbouwarchitectuur, geen structuur, geen karakter. Daar wilde ik iets aan doen. Ik maakte een plan voor het hele plein, met cirkels in het plaveisel, hoogteverschillen en verschillende soorten betontegels. Een fontein, het straatmeubilair en vijf hoge turquoise masten elk met een eenhoorn erbovenop, doen de rest.'' Die eenhoorn stond al op het plein, wat verloren op een sokkeltje. Hij symboliseert de overlevingskracht en het vermogen tot herstel van Oostburg, dat sinds de dertiende eeuw veelvuldig werd verwoest door oorlogen of overstromingen. Door het beeld nu in vijfvoud te herhalen kreeg de eenhoorn nog meer betekenis. Gijs Bakker: ,,De bevolking ging enthousiast meedoen, daarom heb ik ook een kleurenstaalkaart gemaakt, van beige, zandkleur, blauwgrijs tot aan turquoise, zodat iedereen zijn gevel kon schilderen in toepasselijke kleuren. Er was wel een probleem met het patatkot dat op de Markt stond, dat had ik in mijn ontwerp helemaal weggelaten. De eigenaar en zijn vrouw kwamen in tranen naar mij toe om het geval te bespreken, maar het is mooi opgelost: een collega heeft een nieuwe kraam ontworpen, die nog steeds in gebruik is.''

Toch is hiermee het laatste woord over Oostburg niet gesproken. In 2000 werd de waterpartij van Gijs Bakker op het Eenhoornplantsoen op smakeloze wijze verbouwd tot een waterspeelobject voor kinderen (te bekijken op www.kindervakantie.com). Leuk voor de kinderen maar jammer voor het ontwerp. Gijs Bakker zelf wist -tot vandaag- van niets.

Design op straat is kwetsbaar, en niet alleen voor vandalisme.

Deel dit artikel