Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

De schijn van belangenverstrengeling

Cultuur

JOOP BOUMA

Review

Paul Ruijs heeft een hekel aan advocaten, de ANWB, de Consumentenbond en aan rechters en hun plaatsvervangers. Wie zijn boek 'We zien u wel in de rechtszaal' leest, begrijpt waarom. De rechtspraak in Nederland wordt, als we Ruijs geloven, geschraagd door een hecht systeem van vrindjespolitiek, belangenverstrengeling, opportunisme en bedrog. Van dit verhulde vlechtwerk maken grote belangenorganisaties als ANWB en Consumentenbond zonodig schaamteloos gebruik. 'Soms moet een burger zelf maar eens een klok luiden', schrijft Ruijs.

Hoe ver ligt Wales nou eigenlijk van Nederland af, vraagt juridisch adviseur mr. Paul Ruijs. Ginds, in het Verenigd Koninkrijk, worden jaarlijks wedstrijden gehouden om de eer van de grootste leugenaar. Advocaten en politici zijn van deelname uitgesloten. Het is tenslotte een amateurwedstrijd.

Waar Ruijs staat is duidelijk: Nederland is net Wales. Met instemming citeert hij in zijn boek een regel uit een gedicht (1994) over rechters en advocaten van de toenmalige advocaat-generaal bij de Hoge Raad mr. C.M. Leijten:

'De toga's verhullen ons grote geheim ook wij zijn daarachter minder mens meer zwijn.'

Zo'n tien jaar lang werkte Ruijs als onafhankelijk juridisch adviseur. Hij raakte verzeild 'in bizarre conflicten' en maakte op 'een ontnuchterende manier' kennis met het rechtsbedrijf. Zijn boek is een selectie van zijn ervaringen en waarnemingen. Hij spitst zich toe op twee slepende zaken die tot krantenkoppen leidden: een omstreden meergranenbrood-onderzoek van de Consumentenbond uit 1992 en de kwestie-Stabifix, een al even omstreden test van de ANWB naar de effectiviteit van caravan-stabilisatoren. In beide zaken was Ruijs de raadsman van de ondernemers, die zich hogelijk onheus bejegend voelen door de uitkomst van de vergelijkende onderzoeken.

Als Ruijs iets in zijn boek aantoont is het wel dat advocaten én rechters met hun bijbaantjes de schijn van belangenverstrengeling instandhouden. Ook al heeft ex-minister van justitie Sorgdrager ooit geroepen dat advocaten nooit in hun eigen arrondissement moeten gaan optreden als rechter-plaatsvervanger, in de praktijk gebeurt het op grote schaal. Zonder invalrechters zou de rechtspraak in Nederland helemaal vastlopen.

Zo kon het gebeuren dat Ruijs, nadat hij in 1999 een kort geding had verloren waarin hij van de Nederlandse Orde van Advocaten inzage eiste in de interne tuchtrecht-uitspraken, tijdens hoger beroep bij het Haagse gerechtshof de raadsheer-plaatsvervanger mr. F. Waardenburg tegenover zich trof. De functie van invalrechter was voor Waardenburg een bijbaan, zijn hoofdinkomen genoot de jurist bij het Haagse advocatenkantoor De Braauw Blackstone Westbroek. De advocaat Waardenburg oordeelde dus als raadsheer-plaatsvervanger in een zaak waarin de tuchtrechtspraak van de advocatuur aan het geding was. Sterker nog, aangenomen mocht worden dat het kantoor van Waardenburg door openbaarmaking van de tuchtuitspraken direct zou kunnen worden benadeeld.

De president van het Haagse hof liet destijds weten dat hij inderdaad 'niet gelukkig' was dat Waardenburg die dag zitting had, maar voegde er meteen aan toe dat hij 'niet de minste aanleiding had om aan de objectiviteit en integriteit van de plaatsvervangend raadsheer te twijfelen'.

Op de chique advocatenkantoren en in de paleizen van justitie wordt Paul Ruijs gezien als 'een paranoïde strijder tegen klassenjustitie, een van wrok bezeten querulant' die zich laat leiden door 'gefrustreerde spinsels' (de citaten komen uit een bundel beschouwingen over 'het vak' van tien Amsterdamse plaatsvervangers, uitgegeven door het hoofdstedelijke gerechtshof in 1997). Ruijs maakte halverwege de jaren negentig deel uit van een groep burgers die onderzoek deed naar belangenverstrengeling binnen de rechterlijke macht. Hun eindrapport deed in 1996 veel stof opwaaien, nogal wat rechters en advocaten bleken te grossieren in bijbanen die niet zelden moeilijk verenigbaar leken met hun gewone werk.

Ruijs stelt in zijn boek dat top advocaten de winst in juridische geschillen feitelijk al op zak hebben, voordat de onafhankelijk rechter vonnis heeft gewezen. ,,Met bizarre uurtarieven - oplopend tot duizend gulden - die voor een normale sterveling allang niet meer op te brengen zijn en die in geen verhouding staan tot de intellectuele prestatie, is het gelijk bij de rechter gewoon te koop.' De zestienhonderd Nederlandse rechters vormen de kleinste, maar ook de machtigste, vrijwel ongecontroleerde staatsmacht, aldus Ruijs.

Als een ondernemer zich bedonderd voelt door ondeugdelijke testen van Consumentenbond of ANWB, naar de rechter stapt en daar vervolgens constateert dat er tussen advocaten en rechters allerlei dwarsverbanden lopen, bekruipt hem al snel het gevoel geen eerlijk proces te krijgen. Volgens Ruijs hebben de miskende broodbakker en de uitvinder van de caravanstabilisator dat ook niet gehad.

De rechters als thuisfluiter, het is hem een gruwel. ,,Zelfs bij de vierde klasse zaterdagmiddagamateurs begrijpen ze dat je vanwege de verwijten van partijdigheid geen trainers van clubs uit dezelfde competitie wedstrijden moet laten fluiten.'

Deel dit artikel