Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Chaja Polak laat zien hoe foute keuzes worden goedgepraat met eufemismen

Cultuur

Jann Ruyters

Chaja Polak © TR BEELD
Boekrecensie

‘De man die geen hekel had aan Joden’ is een pleidooi voor moedige geschiedschrijvers die pijnlijke waarheden benoemen.

Kan in de geschiedschrijving van de Tweede Wereldoorlog het verhaal van de daders naast dat van de slachtoffers staan? Museum Westerbork vindt van wel, zo blijkt als Chaja Polak in 2017 protesteert omdat Westerbork Isabel van Boetzelaer in het museum wil laten spreken over haar boek, dat gaat over haar in de oorlog collaborerende vader. Ze krijgt aanvankelijk van een woordvoerster te horen dat het museum net zo geïnteresseerd is in de verhalen van kinderen van daders als die van slachtoffers. Een volwassen houding, oordeelt het museum zelf.

Lees verder na de advertentie
Chaja Polak toont aan dat niet iedereen erin slaagt om ‘die sombere grot’ te betreden

Daar is Polak het dus niet mee eens. Niet omdat ze zou vinden dat de misdaden van de nazi’s geen nieuw onderzoek zouden verdienen. In haar overtuigende ‘getuigschrift’ ‘De man die geen hekel had aan Joden’ schrijft ze instemmend over de Duitse Inge Franken (1940). Franken kent haar vader, officier bij de Wehrmacht, slechts uit diens brieven, voorgelezen door haar moeder. Als volwassene ontdekt ze dat haar moeder in die brieven de onwelgevallige passages oversloeg. Franken besloot precies uit te zoeken wat haar vader had bijgedragen aan de dood van miljoenen, en geeft later samen met een Joodse vriendin lessen op scholen over de Holocaust en het gevaar van ideologieën.

Geromantiseerd

Maar als het gaat om ‘misdaden begaan door je eigen vader’, zo toont Chaja Polak in haar boek aan, slaagt niet iedereen erin om ‘die sombere grot’ te betreden. Isabel van Boetzelaer lukte het niet goed. Polak switcht in ‘De man die geen hekel had aan Joden’ heen en weer van haar eigen geschiedenis - als tweejarige werd ze gescheiden van haar ouders, die werden gedeporteerd, haar vader stierf in Dachau - naar de geromantiseerde geschiedenis van Willem van Boetzelaer zoals dochter Isabel die optekende in ‘Oorlogsouders’, en naar de geschiedenis van Willem van Boetzelaer zoals Polak die opdiept uit documenten in het Centraal Archief Bijzondere Rechtspleging en uit gesprekken met onderzoekers die eerder schreven over de baron, lid van de Waffen SS en ‘Unterscharführer’ bij de Sicherheitsdienst.

Polak wordt in 2017 op ‘Oorlogsouders’ geattendeerd door een interview met de schrijfster in NRC. Polaks verontrusting over de omarming van deze ‘foute vader’-geschiedenis (lovende blurbs van Ad van Liempt en Alexander Munninghof op de cover) groeit als ze zich realiseert in ‘een ongewone verbintenis’ tot de baron te staan. Van Boetzelaer was in de oorlog lid van het op Joden en verzetsstrijders jagende Frank-commando, waarvan ook Johannes Krom deel uitmaakte. Krom was de man die Polaks vader in 1943 arresteerde, martelde en deporteerde.

Polak toont dat dat wegkijken in de 21ste eeuw een nog groter gevaar is geworden

Dan wordt Polak gebeld door Maarten van Voorst tot Voorst. Die ontdekte dat het verhaal over Van Boetzelaers grootvader aan moederskant, patriarch van wat in de eerste editie van ‘Oorlogsouders’ nog geldt als de ‘goede’ tak van de familie, niet klopt. Van Boetzelaer suggereert dat haar grootvader meewerkte aan een aanslag op Hitler. In werkelijkheid was hij commandant van het concentratiekamp Stalag XII-A. Die fout wordt in de latere drukken van ‘Oorlogsouders’ hersteld. (In de Utrechtse bibliotheek, waar ik het boek leende, staat overigens nog steeds de onjuiste eerste druk. JR)

Omslag ‘De man die geen hekel had aan joden’ © TR BEELD

En Polak wijst op meer slordigheden en vergoelijkingen in het boek. Hoe foute keuzes worden goedgepraat met eufemismen (‘als hij het niet deed, deed een ander het’), hoe voorbeelden van haar vaders betrokkenheid bij de vervolging ‘Oorlogsouders’ niet haalden, hoeveel aandacht gaat naar het lijden van de collaborateur, die na de oorlog tot twaalf jaar gevangenis werd veroordeeld.

De Holocaust is in het verleden ook wel ‘een geschiedenis zonder getuigen’ genoemd. Niet alleen omdat de meeste getuigen werden vermoord, en wie wel overleefde getraumatiseerd was, ook omdat de nazi’s hun misdaden voor de buitenwereld probeerden te verbergen, en omdat omstanders wegkeken. Polak toont dat dat wegkijken in de 21ste eeuw een nog groter gevaar is geworden. Vermoeidheid over het leed van de vervolgden treedt op, slecht onderzoek naar daders mondt uit in vergoelijking en verdoezeling van feiten.

Aangrijpend pleidooi

Polaks boek is te lezen als een ‘wake-up call’. Aangrijpend zijn de scènes uit haar eigen leven: de vader die geen afscheid kan nemen van zijn tweejarige dochter, de moeder die haar vriendin haat, als die haar helpt door haar dochtertje van haar over te nemen.

Eén kanttekening: in haar streven de lezer te overtuigen van de valse noten in ‘Oorlogsouders’, voert Polak ook een denkbeeldig gesprek met expert Ad van Liempt op. Daarin laat ze hem zeggen dat hij slordig was in zijn loftuitingen omdat hij het druk heeft en zoveel verzoeken krijgt. Polak verhult niet dat dit gesprek niet werkelijk plaatsvond, en toch is het verwarrend. Maar dat is slechts een kleine kanttekening bij een overtuigend en aangrijpend pleidooi voor het secuur benoemen van ook de pijnlijkste waarheden.

OordeelAanklacht die overtuigt, aangrijpende memoir.

Chaja Polak
De man die geen hekel had aan Joden. Een botsing met het verleden.
Atlas Contact; 152 blz. € 18,99

Recensenten van Trouw bespreken pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers in ons dossier. 

Lees ook:

‘Slachtoffers én daders herdenken; dan begrijp je het niet’

‘Dit boek is uit noodzaak geboren. Het is een literaire aanklacht tegen onze tijd, een tijd van onwetendheid. Het gebrek aan kennis over de Holocaust vertekent de historische waarheid van de Tweede Wereldoorlog; ik vind dat een hele gevaarlijke ontwikkeling’, zegt Chaja Polak in een interview met Trouw.

De wijze waarop Trouw met mij omging, was onaanvaardbaar

‘Zaterdag publiceerde Trouw een interview over mijn boek ‘De man die geen hekel had aan Joden’. De journalist was geïnteresseerd in mijn beweegredenen en wij hadden, al weken geleden, een prettig telefonisch gesprek. Aan mijn uitgever werd een auteursfoto gevraagd die Trouw kreeg toegezonden. Tot zover niets bijzonders’, schrijft Chaja Polak in een ingezonden brief.

Deel dit artikel

Chaja Polak toont aan dat niet iedereen erin slaagt om ‘die sombere grot’ te betreden

Polak toont dat dat wegkijken in de 21ste eeuw een nog groter gevaar is geworden