Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

CD's op vrijdag: de belofte van Sigrid en Lucie Horsch

Cultuur

Redactie Cultuur

Recensies

Deze week was de muziekredactie streng over Sigrid, hoe degelijk ook. Nee, dan Lucie Horsch, die bewijst haar talent-status voorbij te zijn, hoe zij fluitend door de barok reist. Foals springt in op een nieuwe trend, The Cinematic Orchestra is sterk als altijd en het jazzcollectie RYMDEN blijkt meer dan oude wijn in nieuwe zakken. 

Sigrid is nog geen popprinses van het a-segment 

Lees verder na de advertentie

POP

Sigrid | Sucker Punch (Universal)
★★★☆

Vorig jaar blies de Noorse popster in spe Sigrid haar publiek volkomen van de sokken bij de eerste kennismaking tijdens Eurosonic in Groningen. Toen al was er een flinke buzz rondom deze 22-jarige zangeres, maar het gebeurt niet vaak dat een nieuwkomer zó zelfverzekerd over het podium stuitert als Sigrid Solbakk Raabe uit Ålesund. Daarbij werd ze geholpen door een paar uitstekende bangers: ‘Strangers’ en ‘Don’t Kill My Vibe’. Jammer genoeg zijn dat ruim een jaar later, nog altijd de hoogtepunten op debuutalbum ‘Sucker Punch’, dat nu pas is verschenen. 

Het titelnummer ramt er nog lekker in, maar verder is dit een popplaat zonder verrassingen. Helemaal volgens het boekje: opzwepend knallertje, vleugje liefdesverdriet, bedachtzame introspectie, dan weer het opgeheven hoofd. De zangeres loopt ook een beetje achter de feiten aan: die stuwende eighties-synths op ‘Never Mine’ of die theatrale strijkers op ‘Sight of You’ zijn inmiddels afgekloven productiefoefjes. Het is allemaal degelijk en dansbaar en Sigrid imponeert met haar kristalheldere stem. Maar muzikaal is het allemaal veel te generiek om deze Noorse popprinses te laten aansluiten in het A-segment. (Joris Belgers

Blokfluittalent Lucie Horsch reist uitbundig door de barok 

KLASSIEK

Lucie Horsch | Baroque Journey (Decca)
★★★★★

Jong, fris en sprankelend, het zijn kwalificaties die de negentienjarige Lucie Horsch vast niet meer kan horen. Toch komen die woorden steeds weer op bij het beluisteren van de tweede cd van dit grote blokfluittalent. Op de cd ‘Baroque Journey’ reist ze, begeleid door The Academy of Ancient Music, door de barok, door de verschillende Europese landen waar die stroming grote componisten voortbracht. Bach, Couperin en Purcell worden afgewisseld met minder bekende namen als Naudot, Castello en Tollett. Èn onze eigen Jacob van Eyck. Bijzonder puur klinken haar uitvoeringen van ‘Lavolette’ en ‘Engels Nachtegaeltje’.

De afwisseling van stukken geeft haar de kans de veelzijdigheid van haar vier verschillende blokfluiten te laten horen, maar ook haar eigen rijke muzikale verbeeldingskracht. De weemoed van Marais, de uitbundigheid van Sammartini, de ingehouden zangerigheid van Naudot: het klinkt allemaal overtuigend en muzikaal interessant. Hoe dicht haar fluitspel bij de stem ligt, hoor je in ‘Erbarme dich’,  de alt-aria uit de Matthäus Passion van Bach, en ‘Dido’s Lament’ van Purcell. Eigen keuze? Of vond Decca het nodig om de cd aantrekkelijker te maken? Dat was niet nodig geweest. (Sandra Kooke

Foals springt in op de serialisatie van muziek 

POP

Foals | Everything Not Saved Will Be Lost pt. 1 (Warner Music)
★★★★☆

Na vier jaar radiostilte laat Foals weer van zich horen. En wel met een dubbelalbum: ‘Everything Not Saved Will Be Lost’. Het is het eerste deel van een tweeluik, maar op het tweede deel moeten we nog even wachten. Eerst Part One.

Het is een trend. Ryan Adams kondigde ook al drie losse platen aan dit jaar. En na het goed ontvangen ‘A Brief Inquiry Into Online Relation-ships’ volgt de Engelse band The 1975 dit jaar met nog een album. Van bands als King Gizzard & The Lizard Wizard en Ty Segall kenden we die overmatige productiviteit wel. Naast series bingewatchen gaan we nu dus ook albums comaluisteren. Hebben bands veel te vertellen? Of proberen ze zo de aandacht vast te houden in dit vluchtige social mediatijdperk?  

Foals was altijd die vijfkoppige indierockband afkomstig uit Oxford. Tot bassist Walter Gervers besloot op te stappen. Het overgebleven kwartet zocht geen vervanger. Frontman Yannis Philippakis en toetsenist Edwin Congreave wierpen zich nu op als vrije, ongepolijste bassisten.

Synthesizers overvleugelen de gitaren meer dan ooit, ze stuwen de nummers voort zoals wilde rivieren een kano, met de luisteraar als inzittende. Zeker bij ‘White Onions’ en ‘In Degrees’. Een ander hoogtepunt is ‘Cafe D’Athens’, door het hypnotiserende xylofoonmantra en doordat zanger Philippakis alle registers opengooit met zijn hallucinerende falsetstem. De gelijkenis met Radiohead dringt zich op.

Rustpunt ‘Surf, Pt. 1’ werpt dan toch de stiekeme vraag op of Foals er niet slimmer aan had gedaan om het beste van alles op één langspeler te zetten. Het kwartet schreef nummer na nummer, alsof het bassist Gervers wilde bewijzen dat hij een grote fout heeft begaan. Maar die vraag vervliegt zo snel als het rustpuntje van de plaat eindigt: na 44 seconden.

De galmende piano van de afsluiter laat je achter in sferen van melancholie en weemoed – sferen die ook een beetje door de titel in de hand worden gewerkt: ‘I’m Done With the World (& It’s Done With Me)’. Philippakis schreef de tekst tijdens een herfstdag op de hoofdpijngolven van een heftige kater. Buiten in zijn tuin zag hij een gewonde vos die hij wat pepperoni voerde, op aanraden van de Engelse dierenbescherming RSPCA. Door het dier dat op sterven lag, het onstuimige Britse herfstweer en zijn dochtertje dat zoet lag te slapen, voelde de zanger zich breekbaar. Hij toog naar de studio waar de tekst zich als vanzelf aandiende. The fox is dead in the garden / The hedges are on fire in the country lanes.

Het nummer dient als een cliffhanger, zegt de band zelf, zoiets als de ijsdraak in de serie ‘Game of Thrones’. (De acteur achter karakter Bran Stark speelt in de videoclip van single ‘Exits’.) Want Foals belooft met het tweede deel een stevige rockplaat die uitkomt in… Precies! De herfst. Dat belooft wat, dat nieuwe seizoen van Foals. (Frank Hettinga)

The Cinematic Orchestra biedt geen geheel, maar wel smakelijke krenten 

POP

The Cinematic Orchestra | To Believe (Domino)
★★★★☆

Twaalf jaar zit er tussen het vorige album ‘Ma Fleur’ (2007) en het nieuwe album ‘To Believe’ van de Britse formatie The Cinematic Orchestra. Is de plaat het lange wachten waard geweest? Grotendeels wel. To Believe is volgens producer Dominic Smith, die ook meeschreef aan de songs, een meditatie op het fenomeen geloof. Zo onderzoekt de band in de nummers niet alleen de vraag waarin we geloven maar ook waarom we ergens in willen geloven.

De muzikale vertaling van dit thema wordt zeer veelzijdig uitgewerkt. Vocale tracks, instrumentale songs, pop en nu-jazz, elektronische muziek en dance-ritmes. Het maakt dat de plaat niet als een consistent geheel klinkt. Zo detoneren de raps van gastartiest Roots Manuva op ‘A Caged Bird/Imitations of Life’ behoorlijk ten opzichte van de meer ingetogen nummers.

Dat To Believe toch blijft boeien is er vooral aan te danken dat er meer dan genoeg smakelijke krenten uit de Cinematic Orchestra-pap zijn te vissen. Zo is ‘The Workers of Art’ een bijzonder fraaie muzikale mijmering, die extra kleur krijgt door de elegante strijkersklanken. En het ruim elf minuten durende ‘A Promise’ begint met zwierende elektronische klanken om daarna over te gaan op fel ratelende ritmes, die ervoor zorgen dat het album eindigt in een spetterende climax. (Saskia Bosch

Het nieuwe RYMDEN is net zo opwindend als zijn voorganger 

JAZZ

RYMDEN | Reflections and Odysseys (Jazzland)
★★★★☆

RYMDEN is een nieuwe groep, maar het trio komt bepaald niet uit het niets. Bassist Dan Berglund en drummer Magnus Öström speelden in het baanbrekende E.S.T.. Toen pianist Esbjörn Svensson in 2008 bij een duikongeluk om het leven kwam, betekende dat het einde van een van de meest invloedrijke bands die de Europese jazz heeft voortgebracht. Onder meer het pionierswerk met elektronica heeft veel navolging gevonden. Niet helemaal verbazingwekkend daarom dat de overgebleven leden nu tot een voortzetting komen met een andere pionier op dat gebied: toetsenist Bugge Wesseltoft. 

Het goede nieuws is dat RYMDEN even overtuigend is als E.S.T.. Dezelfde dwingende dynamiek, hetzelfde soort heldere melodieën die met perfect getimede, subtiele variaties de luisteraar bezig blijven houden, hoe vaak ze ook worden herhaald. Voeg daar een stel sterke composities en een beestachtig goed geluid aan toe en je weet dit is een heerlijke plaat. Kleine kanttekeningen zijn er ook. Soms verliest het drietal zich in fusion-achtig gefreak. Daarnaast slaat RYMDEN nog niet echt nieuwe wegen in. Het is ook pas het begin. (Mischa Andriessen

Deel dit artikel