Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

Aan de voeten van Karl Barth

Cultuur

Jan Greven

Review

In mijn studententijd was Frans Breukelman, die toen trouwens nog niet als Frans, maar als ds. F. H. Breukelman werd aangeduid, zo'n beetje wat je nu een cult-figuur zou noemen.

Leden van de NCSV, de Nederlandse Christelijke Studenten Vereniging, konden intekenen op studiedagen Bijbelse Exegese bij hem thuis, in de pastorie op het Zeeuwse platteland. Ze kwamen er zonder uitzondering enthousiast en gefascineerd vandaan.

Enthousiast vanwege de hartstocht, waarmee tot diep in de nacht met elkaar werd doorgewerkt aan tekst of teksten. Meestal uit het Oude Testament, door Breukelman onveranderlijk op z'n Hebreeuws aangeduid als Tenach.

Gefascineerd door de wijze waarop hij hen steeds pijprokend voorging en de ene na de andere schat aan bijbels verstaan opdolf.

Ik ben nooit meegeweest. Voor een deel toevallig, het kwam gewoon niet uit. Maar voor een deel ook, omdat het collectieve enthousiasme waarmee over het bezoek aan Breukelman werd gesproken me niet helemaal aanstond. Er zat me net iets te veel dweperigheid in.

Aan dat voorbehoudloze enthousiasme moest ik denken, toen ik las wat Breukelman over K.H. Miskotte zei bij diens tachtigste verjaardag. ,,Zelf moet ik zeggen, ik heb bijna alles aan Miskotte te danken . . . Ik overdrijf niet als ik zeg: als Miskotte er niet geweest was zou ik er ook niet zijn geweest. Maar ik hoop u te laten merken, dat dit 'persoonlijke' tegelijk zakelijk is.'

Bij zo'n ongebreidelde loftuiting krijg ik onvermijdelijk associaties met een goeroe-beweging, zoals veel later rond de Baghwan ontstond. Ook daar deemoedig verwoorde betuigingen van geestelijke afhankelijkheid door lieden, van wie je op grond van persoonlijkheid en prestaties allerminst zou menen dat ze geestelijk zo diep bij iemand in het krijt zouden staan.

In dit soort bewegingen dwepen leerlingen met hun spirituele leiders, die weer met de hunne en zo verder naar boven, tot de top van de pyramide bereikt is.

Om die vergelijking maar even af te maken: de top van hun pyramide was voor Breukelman en Miskotte de Zwitserse theoloog Karl Barth, omdat deze eens, voor altijd en voorgoed uit de doeken had gedaan hoe er over God gesproken diende te worden. En vooral hoe er niet over God gesproken moest worden.

Het net uitgekomen deel IV/2 (precies zo duidde ook Karl Barth zijn verschillende delen Kirchliche Dogmatik aan) van Breukelmans nagelaten theologische opstellen laat nog eens zien met hoeveel inzet Breukelman streed voor de Barthiaanse zaak. Zo is in de bundel zijn scriptie over de Nieuwe Testamenticus Rudolf Bultmann opgenomen. Daarin wijst Breukelman Bultmanns theologie even hartstochtelijk af als hij die van Karl Barth omarmt.

Van Bultmann deugt niets. Zijn 'Theologie des Neuen Testaments' is van een 'dodelijke, grimmige, humorloze ernst - nooit overkomt het je, wat je bij Barth telkens weer overkomt: dat je hartelijk moet, nee, mág lachen.' Ik kan het niet helpen dat ik bij zo'n zin denk aan de sanyassins van wijlen de Baghwan, die ook altijd zo onbedaarlijk om hun meester moesten lachen.

Het is mij bij het lezen van zo'n boek 'Nagelaten Breukelman' vreemd te moede. Ik heb altijd veel waardering voor hem gehad: tegendraads, creatief, rusteloos ijverig, inspirerend. Miskotte vind ik soms wat gewild diepzinnig, maar toch iemand die nog steeds de moeite van het bestuderen waard is. Karl Barth tenslotte acht ik zonder twijfel de belangrijkste protestantse theoloog van deze eeuw.

Aan mijn waardering ligt het dus niet, dat ik dit Breukelman-boek zo verschrikkelijk hanig vind, zo vooringenomen ook, zo bijzonder weinig geneigd werkelijk met theologische tegenstanders in gesprek te gaan, zo ontzettend uit op het eigen gelijk en het gelijk van de eigen kring.

Er blijkt prikkeldraad te staan rond Breukelmans studeerkamer en alleen wie de juiste geloofspapieren heeft, mag over de omheining heen komen.

Daardoor stemt zo'n boek ook nostalgisch: allen die zo fel bestreden of juist de lucht in gestoken worden, zijn al vele jaren dood. Bultmann, Barth, Breukelman zelf, Miskotte, Mönnich - de Lutherse kerkhistoricus met wie Breukelman ook nog even heftige woorden wisselt. Doden die elkaar zoveel jaren na hun dood nog eens hartstochtelijk te lijf gaan.

Dat is vreemd. Te meer daar de zaken waarover ze zo heftig streden, intussen allang door andere kwesties zijn achterhaald.

Daardoor is 'IV/2' toch vooral een boek voor overtuigde Barth/Miskotte/Breukelman-gelovigen, die nog eens hun gelijk bewezen willen zien.

Tot slot wijs ik nog op een Engelse introductie in de bijbel van J. W. Rogerson. Informatief, toegankelijk geschreven. Voor wie in kort bestek wil weten waar de bijbel over gaat en hoe ze tegenwoordig wordt uitgelegd.

Enig nadeel: het is, op zichzelf begrijpelijk, geheel op de Engelse bijbelvertalingen georiënteerd. Een vertaling van dit boekje met als toevoeging een hoofdstuk over de Nederlandse bijbelvertalingen zou in een leemte voorzien.



Het e-mailadres bij dit profiel is nog niet bevestigd. Een link om te bevestigen kunt u vinden in uw inbox.
Bent u de link kwijt? Vraag hier een nieuwe aan.

Wachtwoord is niet correct

tonen

Wachtwoord komt niet overeen

tonen

U moet akkoord gaan met de gebruiksvoorwaarden


Deel dit artikel

Advertentie