Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Wie voor Zwarte Piet is, heeft Mandela niet begrepen'

Cultuur

Caroline van Keeken

© Werry Crone
Wereldverbeteraars

In een tentoonstelling in De Nieuwe Kerk in Amsterdam staan Mandela, Gandhi en King centraal. Maar wie zijn - in het groot en in het klein - de wereldverbeteraars van nu? In de tentoonstelling komen ze aan het woord. In een korte serie spreekt Trouw met drie van hen. Vandaag: Andrew Makkinga.

Zo. Sta je dan, als enige zwarte man voor een wit publiek

Andrew Makkinga

Lees verder na de advertentie

Radio- en televisiemaker Andrew Makkinga (34) is groot voorstander van de guerrillatactiek. Dan heb je er een paar die ergens een straat blokkeren, legt hij uit, een groep die de boycot inzet, en weer wat anderen die de zwartepietenpoppen weghalen uit de Bijenkorf. Om maar wat te noemen. Iedereen doet iets waarvan hij of zij denkt dat het bijdraagt. Wat dan ook. Kleine of grote acties. Zo breng je verandering teweeg, aldus Makkinga.

Zijn taak: ongemakkelijke opmerkingen maken. Of een grap. Tijdens de jaarlijkse lezing van campagnebureau BKB bijvoorbeeld, die hij presenteert. "Daar komen elk jaar de groten der journalistiek en politiek bijeen, en het is er dus elk jaar weer een witte bedoening. Dus dan zeg ik zoiets als: 'Zo. Sta je dan, als enige zwarte man voor een wit publiek'." Makkinga lacht. BKB doet het overigens heel goed hoor, zegt hij gauw. "Er zitten steeds meer mensen van kleur bij en ze houden zich echt wel bezig met diversiteit. Maar zo'n opmerking is natuurlijk wel confronterend voor hen, en voor het publiek. Misschien maak ik ze er op die manier bewust van en verandert het uiteindelijk iets."

Makkinga wordt vandaag gefilmd door de crew die is ingehuurd door De Nieuwe Kerk in Amsterdam. Daar is de tentoonstelling 'We have a dream - Gandhi, King, Mandela' te zien, over de levens en de nalatenschap van de drie wereldverbeteraars. Over inclusiviteit, emancipatie, racisme. Makkinga is te zien op een van de filmschermen tijdens de expo. Toen ze hem hiervoor vroegen, dacht hij één seconde: 'O jee, daar gaan we weer', om niet veel later toch in te stemmen.

Waarom twijfelde u?

"Omdat discriminatie en racisme ineens van die hippe onderwerpen zijn geworden. We hebben het er momenteel erg graag over. Dat is goed. Maar de discussie moet niet alleen hip zijn. Oppervlakkig, bedoel ik. Iets dat zo pijnlijk is, en waarvan nog steeds zoveel mensen last hebben, moet geen gezellig gespreksonderwerpje worden. Maar goed. Ik ben blij met deze tentoonstelling. Juist omdat ik vind dat we over racisme moeten praten. En dan niet alleen met een wijntje bij die expositie, maar écht. Het probleem is nog niet opgelost. En het is goed dat er opnieuw aandacht is voor deze drie helden. Ik heb alleen wel even moeten bedenken wat mijn bijdrage hierin dan is."

Weet u dat inmiddels?

"Ja. Ik hoop dat ik iemand kan inspireren. Weet je nog dat je vroeger één leuke leraar had die ervoor zorgde dat je wél luisterde in de les? Die wil ik zijn. Het mooiste is als iemand zich dankzij mijn bijdrage gaat verdiepen in waar deze drie mannen voor hebben gestreden. Echt verdiepen. Weg met die luchtige hipheid dus."

Wat irriteert u zo?

"Dat het soms iets teveel bij heldenverering blijft, en we lijken te vergeten waar King, Gandhi en Mandela voor stónden. Je kunt wel zeggen dat je Mandela bewondert, maar als je dan niet begrijpt wat er mis is met Zwarte Piet, weet je eigenlijk niet waar hij voor stond. De rassengelijkheid waarvoor hij streed, heeft betrekking op het nú. Dat besef mis ik soms."

Wanneer dan?

"Wat vaak gebeurt, is dat er gepoogd wordt aandacht te besteden aan het oplossen van het racismeprobleem. Maar dat dat vervolgens niet gebeurt. Neem de radio- en televisiewereld. Er zijn genoeg voorbeelden van redacties die zo'n onderwerp willen aansnijden en het programma vervolgens gaan maken zonder ook maar één persoon van kleur in de redactie. Dat is gek. En heel tekenend."

Hoezo?

"Als je nu een foto zou maken van alle radio- en televisieredacties in Nederland, weet ik zeker dat daar voornamelijk witte redacteuren op staan. Nu zijn er wel meer zwarte presentatoren. Toen ik veertien jaar geleden bij de VPRO begon, waren alleen de schoonmakers gekleurd. Maar er mag nog veel meer kleur bij. Ook binnen de bestuurskamers. Daar is nog steeds nauwelijks sprake van."

Ik herinner me sol­li­ci­ta­tie­ge­sprek­ken waarbij verbaasd werd gereageerd toen ik binnenkwam. Dan hadden ze toch iemand anders verwacht.

Hoe komt dat, denkt u?

"Het komt heus niet per se uit slechte bedoelingen voort: het is nu eenmaal zo dat je mensen aanraadt uit je eigen netwerk. Mensen met wie je op een vereniging zat of uit je studententijd. Dat is logisch. Maar er worden zo wel weinig kansen gegeven aan mensen buiten dat wereldje. Dat merk ik nu bij vrienden en kennissen die bij radio- en televisieprogramma's solliciteren."

Vertel.

"Je weet natuurlijk nooit precies waarom je niet wordt uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek. Maar laat ik het zo zeggen: ik denk wel dat het heeft geholpen dat mijn achternaam 'Makkinga' is. Nogal Hollands. Er zijn veel manieren van uitsluiting die niet meteen aanwijsbaar zijn. Dat is het lastige. Ik vraag me wel eens af hoe het zou zijn om in Amerika te wonen. De kans dat je daar een nazi met een vlag over straat ziet lopen, is wat groter. En dan is zo dus meteen duidelijk wat zijn of haar opvattingen zijn. Hier weet je het nooit zo goed, je hebt alleen het gevoel. En soms realiseer je het je pas achteraf."

Wat heeft u zelf meegemaakt?

"Genoeg. Ik had wel eens vriendinnetjes met ouders die niet zo blij waren met de keuze van hun dochter. Dat vóel je. En ik herinner me sollicitatiegesprekken waarbij verbaasd werd gereageerd toen ik binnenkwam. Dan hadden ze toch iemand anders verwacht. Vroeger kwam het wel eens voor dat ik niet bij vriendjes thuis mocht spelen. Pas veel later begreep ik dat dat niet mocht van die ouders vanwege mijn huidskleur. Maar er is ook juist voor me opgenomen. Ik voetbalde toen ik klein was, en dan waren er tegenstanders die over het veld riepen: 'Dek die zwarte!'. Dan schreeuwden mijn teamgenootjes: 'Hij heeft een rugnummer, hoor'."

Die voetbalclub stond in Winsum, een dorp in Groningen. Daar verhuisde het gezin Makkinga naartoe toen Andrew negen jaar was. Voor die tijd woonden ze in Nepal, Soedan en in Oeganda, waar Makkinga is geboren. Makkinga's biologische vader was er diplomaat en politicus, en had zeven kinderen bij verschillende vrouwen. Makkinga's moeder trouwde met een Nederlandse ontwikkelingswerker die Makkinga en zijn zus opvoedde. Toen Makkinga twaalf jaar was, overleed zijn moeder.

"Toen mijn moeder stierf, dacht ik: 'Ik moet iets van mijn leven maken'. Ze mocht niet voor niets zijn gestorven. Ik ben toen heel hard gaan werken. Ik denk nu dat dat een soort vlucht was. Ik heb altijd gevonden dat ik veel goeds moest doen voor anderen. Ik groeide op op plekken waar mensen bijna niets hadden. Ik kwam hierheen en kreeg kansen. Die moest ik benutten, ik moest presteren van mezelf."

Voelde u zich schatplichtig?

"Ja. En daar moet je enorm mee oppassen. Ik kreeg een soort zendingsdrang. Ik ging het hele land door om overal debatten te leiden: van Vlissingen tot Groningen. Ik denk dat ik elke debatzaal heb gezien. Elk buurtcentrum. Mijn doel was dat ieders stem werd gehoord. Van mij hoefden de debaters elkaar niet zo nodig te overtuigen: ze moesten elkaar ontmóeten. Ik zag het als mijn taak dat voor elkaar te krijgen. Maar ik denk dat ik te veel te snel wilde."

Hoe bedoelt u?

"Je kunt wel honderd debatten leiden, maar wat bereik je daarmee? Dat begon ik me af te vragen. Ik was zó druk. Met die avonden, met heen en weer reizen, met mijn pogingen een voorbeeldfunctie voor jongeren te zijn. Daar heb ik mezelf in verloren. En zo bereik je helemaal niets."

Hoe dan wel?

"Volgens mij moet je veel gerichter te werk gaan, niet zomaar alles doen. Martin Luther King kon ontzettend militant zijn in zijn uitingen, zat vol energie. Maar hij was ook heel strategisch. Slim. En hij had een goed verhaal. Hij had wel een PhD op zak, hè. Er zat een zorgvuldig uitgedacht plan achter zijn acties. Zo krijgen die dan ook echt effect. Mijn moeder zei: 'The strong move quiet, the weak cause riots' (de sterken bewegen rustig, de zwakken veroorzaken rellen, red.). Daar moet ik de laatste tijd veel aan denken."

Wat is uw plan?

"Ik ben radio- en televisiemaker, dus ik kan verhalen vertellen die ik belangrijk vind. Daar wil ik me op gaan richten. Ik denk na over een serie die ik wil maken. Iets met de invloedrijke, maar vaak relatief onbekende figuren rondom beroemde verzetshelden. In binnen- en buitenland. Ik zou me ook willen verdiepen in de activisten die zelf niet zo op de voorgrond treden. Mensen als Bayard Rustin, de civil-rights-activist die postuum een onderscheiding van Obama kreeg, na een leven lang in de anonimiteit te hebben gestreden. En ik wil reizen. En ik vind de politiek interessant en onderwijs. O, en ik wil ook nog acteren."

O jee.

"Ja, maar niet allemaal tegelijk. Ik wil ook heel graag een gezin. Ik heb intussen een jaar een relatie en die heeft mij veel inzicht gegeven. Het is soms best confronterend dat je jezelf niet meer op de eerste plaats kunt zetten. Maar ik wil echt samen zijn en dan kun je dus niet alleen maar werken. Werk is ook een soort verslaving. Ik ben door mijn vriendin gaan inzien dat ik soms alleen maar rondjes ren. En dat ik soms ook even stil moet staan."

Andrew Makkinga presenteert zijn eigen show 'Andrew' op NPO Soul & Jazz. Daarnaast host hij het North Sea Jazz Festival voor de NTR, is hij dagvoorzitter en leidt hij debatavonden.

De tentoonstelling 'We have a dream - Gandhi, King, Mandela' is tot 4 februari dagelijks van 10 tot 17 uur in de Nieuwe Kerk in Amsterdam te bezoeken.

Lees ook: 

Zij veranderden de wereld, conservator Vincent Boele spreekt over de tentoonstelling

Deel dit artikel

Zo. Sta je dan, als enige zwarte man voor een wit publiek

Andrew Makkinga

Ik herinner me sol­li­ci­ta­tie­ge­sprek­ken waarbij verbaasd werd gereageerd toen ik binnenkwam. Dan hadden ze toch iemand anders verwacht.