Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

‘Want de avond’ van Anna Enquist stelt teleur

Cultuur

Rob Schouten

Anna Enquist. © Maartje Geels
Boekrecensie

Anna Enquist schreef een vervolg op ‘Kwartet’. Hoe vergaat het de vier gekwetste musici?

Van de muzikale vormen die het in de literatuur thematisch het beste doen, spant het strijkkwartet ongetwijfeld de kroon. Goethe wist het al: “Men hoort vier intelligente mensen die zich met elkaar onderhouden, gelooft iets van hun conversatie te begrijpen en de eigenzinnigheden van de instrumenten te leren kennen”. Henk Romijn Meijer schreef er een roman over, ‘Het kwartet’, Sanne Terlouw kwam met ‘Het strijkkwart’ en Anna Enquist hield het lidwoordloos op ‘Kwartet’. Op die laatste roman verscheen zojuist een, zelfstandig te lezen, vervolg met de ietwat wonderlijke titel ‘Want de avond’. ‘Valt’ vult de lezer vanzelf aan, maar het is maar de vraag of dat klopt.

Lees verder na de advertentie

Nadat hun strijkkwartet door een criminele explosie aan boord van het schip waarop ze samenspeelden uiteen is gespat, gaan Carolien, Jochem, Hugo en Heleen allemaal hun eigen weg, de een verminkt (Carolien, pink verloren), de ander getraumatiseerd (Jochem, die z’n hele huis laat barricaderen), deze die het wil vergeten (Hugo, die in China een nieuw bestaan begint), gene die elders overnieuw begint (Heleen, die fluit gaat spelen in een barokensemble). De band tussen alle vier personen onderling lijkt totaal verloren gegaan.

Je kunt je afvragen of al die heftige en uiteenlopende reacties niet een beetje te veel van het goede zijn, maar Anna Enquist is een gepassioneerd schrijfster die de emoties van haar hoofdpersonen niet onder stoelen of banken steekt. Hier zomaar een zin uit het begin als een gambiste Jochem bezoekt: “Hij rukt haar de gamba uit handen en beent de trap op. Zij volgt, angstvallig de leuning vastklampend.” Rukken, benen, vastklampen. En: “Ze hoort zijn zware voetstappen op de trap, het gekletter in de wc, de waterval van de badkamerkraan” of ze “stort zich het huisje uit”. Turbulente formuleringen voor alledaagse gebeurtenissen. “Ik druk me idioot onhandig uit”, zegt hoofdpersoon Carolien ergens en dat klopt, ‘Want de avond’ is nogal pathetisch getoonzet, vol zware stappen, totaal veranderde, soms zelfs onherkenbare vrienden, onverwachte wendingen. Je zou Enquist in deze roman een barokkunstenaar kunnen noemen, het is allemaal zeer contrastrijk.

Op zeker moment vertrekt Carolien haar oude vriend Hugo achterna naar China, waar ze Max ontmoet, een weldoende kinderarts op wie ze halsoverkop verliefd wordt (geen seks of erotiek in dit boek trouwens, goddank), maar ook Max wordt het al gauw te veel en hij vertrekt met de Noorderzon.

Oordeel: enkele treffende passages, maar al met al te veel pathos

‘Want de avond’ is, niet alleen in de titel, een boek vol onaffe lijntjes, scherven en brokstukken, maar die op het laatst op wonderbaarlijke wijze bij elkaar worden geveegd, als de vier oud-kwartetleden na een rechtszitting over de explosie die ze uiteendreef, onverwacht samen uit eten gaan en elkaar weer omarmen: “Ze ziet in de ruit hoe ze alle vier hun glazen heffen en elkaar toedrinken. Het is klaar. Het is goed.” Voor de lezer komt dit slot als een ware deus ex machina, maar gezien de literaire haarspeldbochten en volta’s uit het voorafgaande is het niet eens zo’n onplausibel einde.

Ik kan me voorstellen dat Enquist zich voornam de ramp waaraan het kwartet ten onder ging, ook stilistisch in haar roman vorm te geven, maar ze heeft te veel buskruit gebruikt. Daarbij komt dat ze de vele gedachten in de hoofden van haar protagonisten op wel zeer geprononceerde wijze vormgeeft. Hier een punctie uit het brein van Jochem: “Alles verandert, hoe je je ook inspant om de oude situatie in stand te houden. Ik heb ramen, al verberg ik ze achter de elegante lamellen van de modieuze zonwering, zodat ik me in het half-ondergrondse hok kan wanen waar ik me thuis voelde.” Wie denkt er nu zo, in hele, welgevormde, als voor een lezing bestemde zinnen?

Het is jammer, maar ‘Want de avond’ is een niet geslaagde proeve van een schrijfster die in het verleden liet zien dat ze het een stuk beter kan. Alleen de passages over China, rustig, beeldend en treffend, blijven overeind, omdat Enquist niet in de hoofden en handelingen van haar personages loopt te wroeten maar vooral maatschappij en natuur beschrijft. Daar zou je meer van willen. Volgende keer dus wat minder pathos graag.

Anna Enquist
Want de avond
Arbeiderspers; 258 blz. € 21,50

Deel dit artikel

Oordeel: enkele treffende passages, maar al met al te veel pathos