Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

‘Mijn eerste moord’ behoort tot het puikje van Nederlandse vertelkunst

Cultuur

Rob Schouten

© -
Boekrecensie

De verhalen van Martin Michael Driessen zijn donker en mythisch, je proeft de negentiende eeuw.

Dat Martin Michael Driessen (1954) een voortreffelijk verhalenverteller in de klassieke stijl is weten we al sinds zijn debuut ‘Garf’ uit 1999. Met zijn verhalenbundel ‘Rivieren’ en de roman ‘De pelikaan’ bereikte hij er diverse prestigieuze literaire shortlists mee. Ook zijn jongste verhalenbundel ‘Mijn eerste moord’ behoort tot het puikje van Nederlandse vertelkunst.

Lees verder na de advertentie

Je kunt aan alles merken dat Driessen ook opera- en toneelregisseur is, zijn proza kent een strakke regie, een duidelijk plot en zijn stijl laat weinig te raden over. Hij is geen mooischrijver maar wel iemand die precies weet wat hij doet en waar hij naartoe wil. Juist ook in deze bundel van afwisselend lange en korte verhalen.

Verongelukte minnaar

Neem het titelverhaal, over een jongetje dat een vriendje onder water duwt. Het ventje wordt gered omdat de dader op het laatst begint te gillen; het eindigt zo: “Een paar dagen later kreeg ik een grote doos chocolade van zijn ouders, omdat ik zijn leven had gered. Japie zei later dat ik hem erin had geduwd, maar dat geloofde natuurlijk niemand.”

Nogal wat verhalen van Driessen gaan over de vraag wat waarheid nu eigenlijk is of voorstelt. Ze spelen met realiteit en het surreële. In ‘Orfeus’ bijvoorbeeld communiceert en vrijt de vrouwelijke hoofdpersoon ongestoord met haar zojuist verongelukte minnaar; het lange verhaal ‘Het heilige water’ gaat over een blind Galicisch bedelaarsstel dat zichzelf de mooiste mensen op aarde waant terwijl ze allebei zo lelijk als de nacht zijn. Het zijn verhalen over de macht van de verbeelding.

Als de twee bedelaars na elkaar weer even ziende worden en de waarheid onder ogen moeten zien, smeken ze om weer blind te mogen worden en verder te leven in hun illusie ‘de mooiste mensen ooit’ te zijn. De tegenhanger van dit verhaal is ook present, in het verhaal ‘Enigma’, over twee verblindend knappe 19de-eeuwers, volgens hun omgeving voorbestemd om met elkaar te trouwen maar dat doen ze niet.

Opeens besef je dat goed en kwaad op een onontwarbare manier met elkaar verbonden zijn

Driessens verhalen hebben soms iets 19de-eeuws, ze doen denken aan Gogol, aan Theodor Storm, van wie Driessen hier het verhaal ‘Aquis submersus’ vertaalde, met name ‘Mijn eerste moord’, ook over een verdronken kind en een daaruit volgende tragische liefdesgeschiedenis.

In de meeste korte verhalen proef je tegenwoordig vooral de invloed van Amerikaanse vertellers als Cheever of Updike, bij Driessen daarentegen bespeur je de geest van de Duitse en de Oost-Europese cultuur, ze zijn eerder donker en mythisch dan licht en alledaags, ze gaan meer over het noodlot dan over het menselijk tekort.

Stom ongeluk

Ook in de details zie je Driessens strakke regie. Dat twee van de personages in ‘Het heilige water’ de namen van bekende Duitse profvoetballers hebben, Podolski en Lewandowski, kan nog een als een soort knipoog opgevat worden, maar de terloopse mededeling dat in ‘Een ware held’ Beppo jr. fascist wordt en in ‘Tijdrit’ de trotse vader van een overleden wielrenner aan het Oostfront heeft gevochten geeft de verhalen een subtiele wending. 

Opeens besef je dat goed en kwaad op een onontwarbare manier met elkaar verbonden zijn, zoals dat ook in ‘De pelikaan’ het geval was, waarin de wederzijdse chanteurs tegelijk elkaars redders bleken.

Oordeel: Driessen bewijst opnieuw een voortreffelijk ver­ha­len­ver­tel­ler te zijn in de klassieke stijl

In al hun helderheid hebben Driessens verhalen vaak een zware ondertoon. Als in ‘Een ware held’ elke vierde soldaat geëxecuteerd dreigt te worden en de broers Beppo en Luigi proberen uit te rekenen waar ze dan het beste kunnen gaan staan verstoort een stom ongeluk die berekening en sterft Beppo alsnog. 

In ‘Vrouwen en kinderen eerst’, een geestige en bitterzoete satire op het Titanicverhaal blijkt de ramp een vooropgezet gruwelplan om met de resterende bemanning van het schip onbekommerd naar de Bahamas te varen.

Alle toeval en willekeur in deze verhalen blijkt ten slotte toch door een onzichtbaar hoger lot te worden bestierd, zoals dat ook in de Griekse tragedies het geval is. Maar bij Driessen ontbreekt de katharsis veelal, en leven de overlevers gewoon maar verder, meer ongewisheid tegemoet.

De uiteindelijke machthebber blijkt toch de schrijver die met vaste meesterhand zijn personages op het slagveld van hun levens neerzet, in steeds nieuwe variaties van het noodlot, dwingend en onontkoombaar.

© -

Martin Michael Driessen
Mijn eerste moord en andere verhalen
Van Oorschot; 256 blz. € 19,99

Recensenten van Trouw bespreken pas verschenen fictie, non-fictie, jeugdliteratuur en thrillers. Meer recensies leest u hier.

Deel dit artikel

Opeens besef je dat goed en kwaad op een onontwarbare manier met elkaar verbonden zijn

Oordeel: Driessen bewijst opnieuw een voortreffelijk ver­ha­len­ver­tel­ler te zijn in de klassieke stijl