Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Kunstrover' woedend: Collectie nu juist in gevaar

Cultuur

Michiel Driebergen

Het Westfries Museum in Hoorn. © anp

Deze week bracht het Westfries Museum in Hoorn naar buiten dat de gestolen schilderijen in handen zijn van Oekraïense milities. De extreemrechtse partij Svoboda zou met de roof te maken hebben. Trouw ging de betrokken partijen in Oekraïne langs. Volgens hen ligt het allemaal net even anders.

Kunstonderzoeker Arthur Brand heeft een verhaal de wereld in geholpen waar de Oekraiense betrokkenen niet blij mee zijn. Brand werd ingehuurd door het Westfries Museum om de schilderijen die in 2005 uit het museum in Hoorn werden gestolen, op te sporen. Probleem is dat de Oekraiense partijen die Brand noemt, niet allemaal om een reactie is gevraagd. Zo werd de kunstroof in verband gebracht met een rechtse militie waar Boris Goemenjoek bij betrokken zou zijn. Die Oekraïner had zich in juli bij de Nederlandse ambassade gemeld om te praten over de vondst van de schilderijen.

Maar dit zogenoemde OUN-bataljon zegt niets met de roof te maken te hebben. In een reactie meldt de woordvoerster, Lidia Goezjva, dat Goemenjoek al sinds maart 2015 niet meer betrokken is bij het vrijwilligersleger. Wat Goezjva verbaast, is dat Trouw de eerste Nederlandse partij is die zich bij OUN meldt. Dat Goemenjoek inderdaad weg is bij het bataljon, lijkt te kloppen. Op 10 maart schrijft de commandant van de eenheid op Facebook dat Goemenjoek is weggestuurd. "Hij negeerde systematisch de discipline. Hij is geen strijder van OUN." Afgelopen week voegde de commandant daar aan toe dat hij auto's zou hebben meegenomen.

Goemenjoek is weliswaar geregeld in het oosten te vinden, maar is geen strijder - eigenlijk is ie dat nooit geweest. Ook dat is in tegenspraak met wat Brand zegt. Wel blijft de Oekraiener betrokken bij een burgerorganisatie met de naam OUN, die al sinds begin jaren negentig bestaat. Daar is hij een graag geziene figuur. De club bestaat vooral uit wat oudere mensen die Oekraïense oorlogshelden eert en ook spullen inzamelt voor het leger; maar van een militie is geen sprake. Goemenjoek draagt in het land eigen gedichten voor.

Lees verder na de advertentie
Arthur Brand, specialist in kunstcriminaliteit. © anp

Hoewel hij zich pas afgelopen zomer op de ambassade meldde, hoorde hij in juli 2014 al over het bestaan van de schilderijen, vertelt hij in het kantoor van burgerorganisatie OUN. Dat was 'geen exclusieve informatie', zegt hij. Hij benadrukt dat het "bij misschien wel duizend mensen bekend is dat er een belangrijke kunstcollectie ligt. Maar lang wist niemand wat precies. We hadden wel iets anders aan het hoofd: oorlog."

Goemenjoek, "ik ben vooral schrijver, geen strijder", is naar eigen zeggen een van de weinigen die kon weten dat het hier om meer dan een gewone kunstcollectie ging. "Ik ben geïnteresseerd in kunst, ik schreef er jarenlang over." Pas in de zomer stapte hij naar de ambassade, toen hij hoorde dat het om Nederlandse kunst ging, zegt hij.

Brand beweert dat er nog veel meer hooggeplaatste Oekraieners betrokken zijn bij de kunstroof. Bijvoorbeeld politicus Oleg Tjachnibok, de leider van de ultranationalistische en extreemrechtse partij Svoboda, en een oud-voorman van de Oekraïense veiligheidsdienst SBOe. Maar Goemenjoek weet niet waar die informatie op is gebaseerd. "Brand noemt die namen alleen maar om de zaak aantrekkelijk te maken voor de media."

Momenteel zouden de schilderijen nog steeds in het oosten van het land zijn, het gebied dat onder controle staat van de separatisten, zegt Goemenjoek. Volgens hem heeft kunstonderzoeker Brand de zaak verpest en kan de kunst nu in handen vallen van de separatisten. Maar de zaak is nog niet helemaal verloren, zegt hij. "Als er een verzoek van Nederland komt, op papier, om mee te werken, dan wil ik weer verbonden zijn aan het onderzoek. Eerst moet Brand zijn excuses aanbieden."

De ambassade, waarvan medewerkers getuige waren van de gesprekken van Brand en Goemenjoek, liet het gisteren bij een verklaring dat "De Oekraiense autoriteiten een onderzoek hebben gestart en dat we vertrouwen dat zij alles zullen doen wat in hun macht ligt om een oplossing te vinden."

Lees vandaag in Trouw ook het interview met Goemenjoek, die alleen nog wil meewerken als er een officieel onderzoekt komt.

Ik ben vooral schrijver, geen strijder. Ik ben geïnteresseerd in kunst, ik schreef er jarenlang over.

Boris Goemenjoek

Deel dit artikel

Ik ben vooral schrijver, geen strijder. Ik ben geïnteresseerd in kunst, ik schreef er jarenlang over.

Boris Goemenjoek