Uw profiel is aangemaakt

U heeft een e-mail ontvangen met een activatielink. Vergeet niet binnen 24 uur uw profiel te activeren. Veel leesplezier!

'Kiele kiele Koeweit', zo kwaad was het niet bedoeld

Cultuur

Paul van der Steen

De mannen van Farce Majeure op bezoek bij consul Mahmoud Rabbani. © TRBEELD
Déjà vu

Sanne Wallis de Vries kreeg deze week felle kritiek om haar parodie op het Israëlische liedjes dat het songfestival won. In de rubriek Déja Vu trekt Paul van der Steen parallellen met het verleden.

Waren er cameraopnamen gemaakt, dan had het tot een sketch op zich geleid. Bijna twee maanden nadat de kijkers van het NCRV-programma 'Farce Majeure' hadden kennisgemaakt met het lied 'Kiele kiele Koeweit' werd de Nederlandse zaakgelastigde in Koeweit op het matje geroepen door het ministerie van buitenlandse zaken van dat land. 

Lees verder na de advertentie

Daar probeerde jonkheer Schorer aan de Arabieren duidelijk te maken wat carnaval inhield. Vooraf had hij de tekst in het Engels laten vertalen. 'Kiele kiele Koeweit' werd 'Kitchy kitchy Kuwait'. Schorer legde uit dat het allemaal niet kwaad was bedoeld.

Net als de persiflage op het winnende songfestivallied in 'Sanne Wallis de show' van afgelopen zaterdag (goed voor een klacht van de Israëlische ambassade) was Koeweit in 1974 niet gediend van Nederlandse satire. De woede van de Golfstaat lag gevoelig. De organisatie van olieproducerende landen, Opec, had in oktober 1973 een olieboycot tegen Nederland afgekondigd vanwege een te pro-Israëlische houding tijdens de Jom Kippoer-oorlog. Het was de tijd van autoloze zondagen en Joop den Uyl die op tv aankondigde dat benzine op de bon ging: "We zullen ons blijvend moeten instellen op een levensgedrag met een zuiniger gebruik van grondstoffen en energie".

Carnaval gaf wat lucht in deze spannende tijden. Een deel van de liedjes meed de actualiteit zoals Adèle Bloemendaals 'Zallemenut nog een keertje overdoen?' en Gerard Hoebes 'Maar dat gef allemoal niks want wie holt van mekaar'. Maar de grootste hits haakten in op de oliecrisis. Vader Abraham nam 'Den Uyl is in den olie' op, een duet met Boer Koekoek, leider van de populistische Boerenpartij. 'Farce Majeure' scoorde een carnavalshit met 'Kiele kiele Koeweit'. Fred Benavente had het een keer spontaan uitgeroepen toen de makers van het programma bij elkaar zaten. Later had hij er met collega Jan Fillekers en componist Harry Bannink een liedje van gemaakt. Ze grepen daarvoor terug op een laat-negentiende-eeuwse revue in het Amsterdamse Tolhuis. Die had destijds een Duitse operettemelodie omgevormd tot het lied 'Tolhuis, Tolhuis, Tolhuis, kiele kiele Tolhuis, kiele kiele hopsasa'.

Het meest hoopgevend vond Rabbani overigens de ver­ont­waar­dig­de reacties van veel Nederlanders en media op het lied

Uitvoerig overleg

Koeweit gaf tegenstrijdige signalen af. Na een paar maanden was er de dwingende uitnodiging van het ministerie van buitenlandse zaken voor de Nederlandse zaakgelastigde. Die haalde zelfs de Herald Tribune. Maar in de uitzending van 26 januari waren Benavente en Fillekers met hun collega's Henk van der Horst, Ted de Braak en Alexander Pola nog allervriendelijkst ontvangen door Mahmoud Rabbani, Koeweits consul in Nederland. Verkleed als Arabier boden de vijf hem het eerste plaatje aan. Rabbani accepteerde het met een vriendelijke glimlach. "Het is goed in tijd van crisis geestig te blijven", zei hij. Later reisde hij nog af naar een soos in het Limburgse Roosteren om een carnavalsonderscheiding te krijgen. Hij zong er uit volle borst het 'Farce Majeure'-lied.

Achteraf lijkt 'Kiele kiele Koeweit' de loop van de geschiedenis niet serieus te hebben beïnvloed. De boycot eindigde in juni 1974, na uitvoerig overleg. Van echte nood aan olie was nooit sprake geweest, maar de gebeurtenissen markeerden achteraf wel het begin van schralere tijden.

Rabbani liet zich begin 1975 nog eens horen over een carnavalsplaat. Dit keer over 'Wat doen we met die Arabieren hier?' van Vader Abraham. De consul vond de tekst (onder meer: 'Want ze zijn niet te vertrouwen / Bij onze mooie vrouwen') beledigend en vroeg vijf mensen aangifte te doen tegen de zanger.

Daar kwam hij op terug, toen Vader Abraham (Pierre Kartner) openlijk zijn excuses aanbood en het plaatje uit de handel werd genomen. Het meest hoopgevend vond Rabbani overigens de verontwaardigde reacties van veel Nederlanders en media op het lied.

Paul van der Steen bekijkt wekelijks het nieuws door een historische bril. Lees meer in dit dossier.

Lees ook: De parodie van Sanne Wallis de Vries op Israëls vrolijke kipliedje was wanstaltig

Het recht op karikatuur, parodie of satire is in ons Europa gemeengoed geworden. Gelukkig, vindt columnist Sylvain Ephimenco. Toch is hij beslist geen fan van de Nederlandse parodie op het lied 'Toy', waarmee Israël onlangs het Eurovisiesongfestival won. 
 

.

Deel dit artikel

Het meest hoopgevend vond Rabbani overigens de ver­ont­waar­dig­de reacties van veel Nederlanders en media op het lied