Zuidams ’Adam’ niet meer dan oratorium in zandbak

De beginscÿne van 'Adam in Ballingschap' met Huub Claessens als Lucifer. (FOTO RUTH WALZ)

’Er is waarschijnlijk geen God. Durf zelf te denken, en geniet van dit leven’. Deze slogan van atheïstische en humanistische organisaties staat op een groot billboard langs de A 4.

Het zou het motto kunnen zijn van ’Adam in Ballingschap’, de nieuwe opera van Rob Zuidam die vrijdagavond in het Holland Festival zijn wereldpremière beleefde.

De op Vondels toneelstuk gebaseerde opera oogstte niet meer dan een succès d’estime, een beleefd, waarderend applaus. Dat was bij eerdere werken van Zuidam – zoals zijn opera ’Rage d’amours’ in 2005 – gans anders. Die werden vaak terecht onstuimig onthaald; nu klonk er voor Zuidam zelfs her en der een ’boe’ door de Stadsschouwburg.

’Adam in Ballingschap’ blijft ondanks schitterend geslaagde passages hangen in goede bedoelingen en een hoge mate van on-dramatische gelijkmatigheid. Zuidams muziek is hier debet aan, maar het is toch vooral de non-regie van Guy Cassiers die deze avond zo saai en suf doet verlopen.

Cassiers regisseerde succesvol Zuidams ’Rage d’amours’, maar in hetzelfde jaar haalde hij een zeperd met zijn regie van Wagners ’Der fliegende Hollünder’ in Brussel. In ’Adam in Ballingschap’ gebeurt er theatraal weinig tot niks. Het Paradijs is hier een dorre zandvlakte waarop met de rug naar ons toe het immense beeld ’De denker’ van Rodin zit. We kunnen zijn pezen, spieren, botten en hersenen zien, omdat er geen huid om het lichaam zit – het is nog niet af. Op het beeld, en erachter, worden voortdurend videobeelden geprojecteerd – Cassiers’ stijlkenmerk.

De ’denker’ is hier misschien God zelf wel, zich het hoofd brekend over hoe hij faalde in de schepping van de mens. Het beeld staat ook voor de boom der kennis; Eva plukt geen appel, maar haalt een ruggenwervel uit het lichaam. Aan het eind, als de zondeval daar is, valt het door Eva’s daad instabiel geworden beeld langzaam om, het hoofd knakt.

De opera begint ijzersterk als de drie duivels broeden op een plan. De scène is roodgekleurd en vanaf het stuitbeentje in ’De denker’ schieten soms vlammen het ruggemerg in. Huub Claessens zingt hier als Lucifer geweldig, en kreeg fantastische Zuidam-muziek. Soms neuriet/bromt hij slechts omineus in de laagte en het effect is groots.

In de scène daarna maken Adam en Eva hun opwachting en ook zij mogen van Zuidam uitpakken in een extatisch duet. Onvervalst lyrisch klinkt hun ’O bron der dagen’ – Claron McFadden en Thomas Oliemans grijpen hier magistraal hun kansen. Oliemans is vanaf het begin de ’goedgelovige goedzak’, McFadden toont direct dat ze ruggegraat heeft. Maar veel meer doet Cassiers niet met hun personages, noch met die van de andere zangers. Deze opera is in deze gedaante niet meer dan een statisch oratorium in een zandbak.

Zuidam houdt het sterke begin niet vast en verzandt in herhaling of niet helemaal gelukte muzikale grappen als een heuse klompendans voor de aartsengelen en een Perry Como-song voor duivel/slang Belial, hier mooi gezongen door Jeroen de Vaal. Goed dat Zuidam Vondels originele teksten gebruikt. Was er toch nog iets geniaal op deze avond.

De Nederlandse Opera, Radio Kamer Filharmonie, solisten olv Reinbert de Leeuw met ’Adam in Ballingschap’ van Rob Zuidam in een regie van Guy Cassiers op 5/6 in Stadsschouwburg Amsterdam. Nog op 8, 10, 11 en 13/6.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden