Review

Zo veel boeken!

Per dag komen er honderden nieuwe boektitels bij. Het zijn er veel te veel. Wat leren we trouwens van lezen? Niet zoveel, zegt de Mexicaan Gabriel Zaid, als we na het lezen niet handelen. Frans Meulenberg bespreekt Zaids 'So Many Books' en het dagboek van (her-)lezer Alberto Manguel.

Frans Meulenberg

In het kleine boekje 'Handgroot' vertelt Kees Fens een ontroerend verhaal. Een hoogleraar doet vanwege een verhuizing ongeveer twintig meter boeken van de hand. Ruimtegebrek. In zijn nieuwe bibliotheek gaat hij aan het werk. Af en toe staat hij op om een boek te pakken. Twee keer grijpt hij mis; die boeken heeft hij verkocht. Allengs wordt het gemis van die honderden boeken een kwelling.

Hij krijgt spijt en heimwee naar het oude huis, en vooral naar de verloren gegane boeken. Naarstig tracht hij via antiquariaten die boeken opnieuw in huis te halen. Na vier jaar heeft hij ongeveer acht meter terug. Maar de boeken blijken de oude niet meer: ,,Ik heb niet mijn boeken, maar mijn streepjes weggedaan.''

Fens begrijpt precies wat de man bedoelt. De streepjes in gelezen boeken zijn de code die de deur opent naar de geest van de lezer. Fens eindigt het verhaal als volgt: ,,Hij zal alle boeken moeten herlezen, potlood in de hand, om ze zich opnieuw toe te eigenen. Daarvoor heeft hij geen tijd. En zo is hij twintig meter kennis kwijt, want elk boek wordt ten slotte een naslagwerk. Op eigen gedachten.''

Ieder rechtgeaard boekenliefhebber zal de tragiek van deze hoogleraar meevoelen. Streepjes in boeken zijn een aide mémoire, een soort dagboek van de lezer die men vroeger was. Bij herlezing blijkt het echter niet eenvoudig om de betekenis te achterhalen van zo'n eenvoudig streepje in de marge. Die streepjes kunnen zoveel betekenen; inhoud of stijl, persoonlijk of theoretisch, onbegrijpelijk of uit het hart gegrepen, mooi of interessant, confronterend of bevestigend, om te onthouden of om te stelen.

Iedere veellezer zet streepjes. Ook Alberto Manguel, auteur van 'Een geschiedenis van het lezen' en 'Kunstlezen', zo blijkt uit zijn nieuwe -en wederom prachtig uitgegeven- boek 'Dagboek van een lezer'. Bij herlezing van de memoires van Chateaubriand -2000 pagina's dundruk- laat hij zich vooral leiden door de eigen aantekeningen in de boeken: ,,Ik schrijf altijd in mijn boeken. Bij het herlezen weet ik meestal niet meer waarom ik het nodig vond een bepaalde passage te onderstrepen of wat ik met een bepaalde opmerking heb bedoeld.'' Zo treft hij in een boek het opschrift 'Triëst, 1978' aan. Maar hij kan zich niet herinneren ooit in Triëst te zijn geweest...

Manguel herlas voor zijn dagboek elke maand een klassiek meesterwerk dat vroeger een verpletterende uitwerking op hem maakte. Zijn bevindingen noteerde hij. De boeken die hij koos, lopen sterk uiteen. Zo behandelt hij 'Morels uitvinding' van de Argentijn Adolfo Bioy Casares, 'Het eiland van dr. Moreau' van H.G. Wells, 'Kim' van Rudyard Kipling en verder boeken van Arthur Conan Doyle, Dino Buzzati en slechts één hedendaagse auteur: Margaret Atwood.

Zoals gezegd, dit is een dagboek en geen essaybundel. Dat heeft voor- en nadelen. Zijn leidraad geeft hij prijs in de volgende passage: ,,Misschien moet een boek (...) een koppeling leggen van toevallige overeenkomsten tussen onze ervaring en die van het verhaal - tussen de twee verbeeldingen, die van ons en die op papier.''

Het cruciale woord in dit citaat is 'toevallig'. Dit dagboek staat vol associaties, waarbij Manguel willekeurig hink-stap-springt van boekcitaat naar oneliners, geleid door het eigen levensverhaal.

Een typische alinea uit dit boek: ,,Wij kiezen niet zelf wat er overblijft. In de fragmenten van het verleden die door Morel in zijn spookachtige projecties zijn gevangen, blijven ook twee vreselijke muziekstukken behouden: 'Valencia' en 'Tea for Two'. Mijn moeder had een lp waarop Sara Montiel 'Valencia' zingt.''

Manguel begint met een soort aforisme, maakt een vrij gratuite opmerking over de roman 'Morels uitvinding', uitsluitend om vervolgens een grammofoonplaat uit de verzameling van zijn moeder te kunnen noemen.

Je moet er tegen kunnen

Ik kan hier goed tegen.

Want Manguel is een charmante en erudiete gids. En hoewel de lezer nauwelijks iets te weten komt over de romans die hij 'bespreekt', blijft de lezer glimlachen en almaar mooie citaten en gedachteflarden tot zich nemen.

Persoonlijk betreur ik het meest dat men hooguit mondjesmaat iets leert over de anatomie van het herlezen. Dat is jammer, omdat hierover uitstekende maar niet vertaalde boeken bestaan, zoals Wendy Lessers 'Nothing Remains the Same' en 'That Child that Books Built' van Francis Spufford. Een Nederlands boek over herlezen ontbreekt zelfs geheel.

Herlezen, zegt Manguel, is een boeiend fenomeen omdat 'de invloed van de toekomst op het verleden' zichtbaar wordt. Het is een ontmoeting met je oude ik, dan wel een ontmoeting met de allereerste of die allergrootste liefde van je leven. Door de boeken heen, staar je opnieuw in die mosgroene ogen, zie je het weerbarstige zwarte haar en de scherpe gelaatstrekken van je voormalige geliefde weer haarscherp op het netvlies.

Manguel is een man of letters die 'gelukkig' humor niet schuwt. Als hij tegen zijn vrouw zegt dat hij op een nacht in de bibliotheek van hun nieuwe huis wil slapen 'om zich de ruimte echt eigen te maken', antwoordt zij snedig dat dit net zoiets is als een hond die in alle hoeken plast. Zij heeft gelijk; elke lezer wil geursporen achterlaten.

Net als Alberto Manguel is de Mexicaan Gabriel Zaid een boekenliefhebber. Volgens het omslag bestaat zijn bibliotheek uit meer dan 10000 boeken. Anders dan Manguel, houdt Zaid een uiterst kritische blik op de heiligverklaring van het boek, en staat hij ronduit sceptisch tegenover de boekenindustrie. Hij constateert in de openingsalinea van zijn prikkelende 'So Many Books' meteen dat het aantal lezers weliswaar groeit, maar dat het aantal boeken exponentieel toeneemt: ,,Binnenkort worden er meer boeken geschreven dan gelezen'', schrijft hij cynisch.

Hij onderbouwt die stelling zelfs met cijfers. In 1550 verschenen ongeveer vijfhonderd boeken, in de tweede helft van de 20ste eeuw maar liefst 36 miljoen. Zaid: ,,Als er vanaf vandaag geen enkel boek meer zou verschijnen, dan zou het een lezer nog 250000 jaar kosten om alles te lezen, wat er tot op heden is gepubliceerd.''

Bovendien, vraagt hij zich af, wat is de zin van lezen of schrijven? Auteurs denken nauwelijks aan hun publiek, en schrijven louter voor zichzelf (dit verwijt zou men trouwens Alberto Manguel kunnen maken) en lezers kunnen onmogelijk onthouden wat zij hebben gelezen in al die duizenden boeken.

Fel bestrijdt Zaid de klassieke gedachte dat iemands culturele gehalte afhangt van het aantal boeken dat hij las. Onzin, roept hij. ,,Het gaat niet om wat je gelezen hebt. Wat van belang is hoe wij in de wereld staan, hoe wij tegen dingen aankijken, en wat wij daadwerkelijk doen na het lezen van die boeken.''

Hij heeft hier een punt. In zijn denken staat de oude vraag van Socrates ,,Hoe te leven?'' centraal, met daaraan gekoppeld de vraag ,,Wat voor 'mens' willen wij zijn?''

Wat de mens zelf meemaakt, vormt zijn of haar karakter natuurlijk het sterkst. Maar 'echte' ervaring kan nimmer de enige bron zijn. Reflectie alléén is onvoldoende voor volwassen morele oordeelsvorming, simpelweg omdat wij te weinig meemaken. Hongersnood, moord, kindermishandeling, dierproeven, oorlog of een dictatuur, wij hebben er een (moreel) oordeel over, ook als we het niet aan den lijve hebben ondervonden.

Voor het maken van een karakter is meer nodig dan eigen ervaring alleen. Literatuur biedt die voeding, want literatuur schenkt ons gedetailleerde beelden, indringende beschrijvingen van levens en dilemma's, en de enorme complexiteit van dat alles. Literatuur wijst op subtiliteiten en nuances die onze aandacht verdienen. Literatuur helpt zodoende bij het maken van keuzes. Dat maakt literatuur tot een bron van kennis.

Alberto Manguel doet de lezer zwijmelen met mooie literatuur, Gabriel Zaid -ook een streepjes in de marge plaatser overigens- houdt diezelfde lezer op scherp door te wijzen op morele verplichtingen die verder reiken dan enkel het lezen.

Blijft de vraag: wat te doen met al die nog ongelezen boeken? Misschien dat de woorden van Kees Fens troost bieden: als een boek maar lang genoeg in de kast staat, ontstaat vanzelf het idee dat je dit boek gelezen hebt.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden