Review

Ze kunnen zich niet van elkaar losmaken

Een stel pubers gaat zich te buiten aan geweld, een groep volwassenen ligt met elkaar overhoop. Twee Vlaamse romanciers verkennen de mechanismen van het ’wij’.

Afgelopen voorjaar zijn er twee romans met dezelfde titel verschenen: ‘Wij’. De ene is van de Vlaming Elvis Peeters, de andere van de eveneens Vlaamse Jeroen Olyslaegers.

Twee enorm verschillende boeken, blijkt al snel, maar ze gaan allebei over de teloorgang van een groepsgevoel. Beide auteurs zetten een ‘wij’-tent over hun personages heen, waarna ze de scheerlijnen doorsnijden.

Bij Peeters verliest een groep verdorven pubers zich in seksuele martelingen en prostitutie; de roman doet denken aan markies De Sade en Quinten Tarantino. Olyslaegers kiest voor een modern-historisch verhaal, gesitueerd aan de Costa Brava in 1976, waar de spanningen tussen vrienden van middelbare leeftijd hoog oplopen.

Elvis Peeters heeft de meeste aandacht weten te trekken, misschien door het schokeffect van zijn boek. In een van de eerste scènes duwt een jongen met een pincet een agressieve wesp tegen het geslacht van een meisje. Terwijl haar vrienden toekijken, gilt ze van de pijn. Haar schaamlippen en clitoris vormen al snel „een grillige, overwoekerde sleuf die met een gekarteld mes ruw tussen haar benen leek uitgesneden”, aldus de verteller. Waarna een groepsverkrachting volgt, dwars door de pijn heen.

Dit is zo ongeveer Peeters niveau. Het hele boek lang word je ondergedompeld in een puberfantasie over prostitutie, porno, verkrachting en geweld. Meisjes gebruiken hun ’kut’ als handelswaar en jongens doen de boekhouding. Uiteindelijk verongelukt er eentje en beginnen anderen zich te vervelen, waardoor de groep uiteen valt.

Zulke avonturen zijn al eerder en beter door andere schrijvers verteld. Peeters’ boek is misschien geruchtmakend, maar allesbehalve briljant. Het werpt geen nieuw licht op puberfantasie of groepsdruk.

Nee, dan Olyslaegers. Die schrijft een stuk subtieler over seks. Hij laat zien hoe de tijd zich in seks en relaties weerspiegelt. In 1976 verkeren de vakantiegangers in verwarring: mag je wel of niet vreemdgaan, en wat is vreemdgaan eigenlijk? Ze zijn wel jaloers, maar laten hun ruzies als nachtkaarsen uitgaan, alsof ze zich ervoor schamen. Het zijn geen hippies, maar op een avond doen ze aan partnerruil en achteraf verwijt een vrouw haar man: „Ge hebt me niet tegengehouden.”

Het verhaal draait vooral om Georges, tekenaar van spotprenten. Samen met zijn vrouw en kinderen is hij naar een huisje gegaan, waar ze een paar bevriende stellen treffen. Georges loopt over van venijn en is de hele dag kribbig. Waarschijnlijk goede eigenschappen voor een cartoonist, maar minder plezierig voor zijn vrouw en vrienden. Als vriend Flor wil weten wat Georges tijdens de partnerruil met Flors vrouw heeft uitgespookt, zegt Georges: „Ik zou het voor je kunnen tekenen.” Uiteindelijk slikt hij LSD en veroorzaakt hij per ongeluk een enorme bosbrand.

Maar bij Olyslaegers draait het niet om de plot, maar om de waarachtigheid van de scènes. Een van de mannen, Fred, zingt bijvoorbeeld een lied: En slaapt hij in zijn stede, dan lijkt hij net mijn wijf Olyslaegers schrijft dan: „Fred legt zingend de nadruk op ‘wijf’. Zijn vrouw sluit even haar ogen.”

Zo onnadrukkelijk, je leest er bijna overheen. Op andere momenten schelden ze elkaar in onvervalst Vlaams uit en dat klinkt wat minder subtiel, maar toch: je ziet het allemaal en detail voor je.

De vraag rijst alleen waarom die lui in dat vakantieoord samen blijven en zelfs met elkaar naar bed gaan. Het kan psychologische redenen hebben (ze zijn te laks, te bang, te dom om te vertrekken), maar waarschijnlijk wil Olyslaegers de spanningen gewoon zo lang mogelijk rekken. Maar uiteindelijk overspeelt Olyslaegers toch zijn hand. Zoveel gekonkel en gekijf wordt iets te veel van het goede, hoe haarscherp de auteur het ook kan beschrijven.

Daarmee hebben we dus twee versies van het ’wij’. Bij Peeters gaat het om de clichématige pubervariant, die het wij-gevoel op geestverwantschap stoelt. De vakantiegangers van Olyslaegers voelen zich juist van elkaar vervreemd, terwijl ze zich toch niet van elkaar kunnen losmaken. Dat laatste is beduidend interessanter.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden