Review

Yannick maakt Puccini's Turandot tot een feest

’Turandot’ van Giacomo Puccini, bij De Nederlandse Opera: 7 mei 2010 in Het Muziektheater, Amsterdam. Herhaling t/m 30 mei.

In 2002 ging de DNO-productie van Puccini’s ’Turandot’ in première met het toen nog vers gecomponeerde slot (duet en finale) door Luciano Berio. Puccini liet de opera bij zijn verscheiden in 1924 onvoltooid achter. Na de liefdesdood van Liù (verliefd op Calaf, die weer smoor is op de Chinese ijskoningin Turandot) hield het werk voor sommige dirigenten op, de voltooiing die Franco Alfano in 1926 maakte, werd vaak als te plat afgedaan.

Aan Berio destijds de taak om het ontdooien en zelfs ontbranden van Turandots hart voor Calaf muzikaal aannemelijk te maken. Trouw noemde Berio’s toevoeging acht jaar geleden vlak en ongeïnspireerd. Inderdaad zou je op zijn best kunnen zeggen dat Berio’s slot Puccini laat imploderen naar een intimiteit die zich toespitst op Calaf en de onverwachts in liefde ontvlammende Turandot. Maar onaannemelijk is die omslag wel – en dramatisch gezien komt Berio’s muziek niet echt van de grond.

In de herneming van de Lehnhoff-regie (die in totaal drie Puccini-opera’s regisseerde bij DNO) spelen in plaats van het Concertgebouworkest onder Chailly nu het Rotterdams Philharmonisch Orkest (RPhO) onder Yannick Nézet-Séguin. ’Yannick’ tekende niet lang geleden voor vijf jaar bij in Rotterdam. Vorig jaar maakte hij met het RPhO zijn succesvolle debuut bij DNO, met Janaceks ’De zaak Makropoulos’.

Nézet-Séguin oogstte vrijdag al bij opkomst een reusachtig applaus, maar ook op het moment dat hij de bok betrad voor iedere akte werd er luid gejuicht. Terecht, want het RPhO speelde Puccini intens, opgezweept door de breed gebarende dirigent. Geen detail ontging Nézet-Séguin en zelfs in de introverte Berio-muziek aan het eind wist hij de intensiteit vast te houden.

In de tijdloze regie van Nikolaus Lehndorff en het statisch-strenge decor van Raimund Bauer liet de krachtige Lise Lindstrom haar personage Turandot prachtig tussen koninklijk ongenaakbaar en menselijk twijfelend bewegen – haar stem leek bovendien met gemak boven het razende orkest uit te komen in de laatste acte.

Een gaaf gezongen ’Nessun dorma’ leverde Lance Ryan luide bravo’s op, en met sopraan Ana María Martínez kent deze herneming een aangrijpende Liù. Maar het luidste en langdurigste applaus ging uiteindelijk naar Yannick. „Wat een schat, he”, zag ik een koorlid tegen een ander zeggen nadat hij het koor uitgebreid had bedankt. Wat een feest.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden