Wonderbaarlijk mooi en o zo vertrouwd

Het atrium van het Rijksmuseum Beeld Mark Kohn

Over de kleinste details is nagedacht in het nieuwe Rijksmuseum. Het prachtige interieur staat helemaal ten dienste van de topstukken die in alle zalen bijzonder goed uitkomen. Volmaakte harmonie. Het is een feest.

Wordt dit een verhaal vol superlatieven? Na een uur ronddwalen door het nieuwe Rijksmuseum in Amsterdam doemen steeds meer uitroeptekens op in het hoofd. Wat is dit een mooie zaal! Wat hangen de Vermeers prachtig bij elkaar! Weer een zaal verder: wat een feest voor het oog! De volgende zaal: Fantastisch!

En zo gaat het maar door. Van de religieuze kunstvoorwerpen uit de Middeleeuwen onder de gothische donkere gewelven van de kelderverdieping via de Eregalerij met De Nachtwacht en de andere topstukken uit de Gouden Eeuw tot de bovenste lichte etage met het werk van hedendaagse kunstenaars als Marlene Dumas en Jan Schoonhoven. Het is allemaal super-de-super! Maar dan realiseer je je ineens: al die jubelende uitroeptekens dekken de lading helemaal niet. Ze suggereren dat je sterretjes voor de ogen krijgt van die duizenden kunstvoorwerpen in een al even overweldigend gebouw. En dat al dat moois bij elkaar om de aandacht vecht van de geïmponeerde kijker. Maar dat is helemaal niet het geval. De pracht en praal spatten er ook nergens vanaf.

De schoonheid van het nieuwe Rijksmuseum zit vooral in de volmaakte harmonie tussen kunst en gebouw. Op wonderbaarlijke wijze past het allemaal bij elkaar. En daarnaast heeft het ook zoiets vertrouwds om na tien jaar zoveel bekende kunstwerken terug te zien. Het nieuwe Rijksmuseum voelt gewoon goed. Het maakt je blij.

Nergens leiden de architectuur en kleurrijke decoraties in de schepping van architect Pierre Cuypers af van de kunst. De kunst- tempel die Cuypers bij de opening, in 1885, voor ogen stond, staat helemaal in dienst van de prachtige kunstcollectie. En dat mag een topprestatie heten van de Spaanse architecten Ortiz en Cruz en hun Franse collega Willemotte, die het interieur van de zalen heeft ontworpen. Ze hebben de architectuur van Cuypers in oude luister hersteld.

Een stijlvol ingetogen kunstpaleis
Weelderige decoraties en plafonds die decennialang aan het oog waren onttrokken, zijn weer te zien. Verder zijn verlaagde plafonds en tussenwanden weggehaald en de oude binnenhoven opengebroken. Maar hun opdracht was ook om er een eigentijds museum van te maken waarin de kunst zo goed mogelijk tot haar recht komt. Dat was geen geringe uitdaging, temeer daar de moderne mens gewend is aan witte museumzalen zonder kleurrijke decoraties.

Toch zijn ze erin geslaagd van het museum een stijlvol, ingetogen kunstpaleis te maken. Dat zit 'em vaak in ogenschijnlijk kleine details, zoals de kleur van de verf waarmee de wanden in de tentoonstellingszalen zijn beschilderd. Vijf tinten grijs kozen ze daarvoor uit, van licht- en donker- tot blauwgrijs. Henk van Os, oud-directeur van het Rijksmuseum, had ooit opgemerkt dat een zelfportret van Rembrandt veel beter tot zijn recht kwam op een grijze muur in het Mauritshuis in Den Haag dan op de witte muren in 'zijn' Rijksmuseum.

Wat verder weldadig aandoet bij deze eerste rondgang door het museum is dat je het door de stijlvolle grandeur en ingetogen presentatie heel lang volhoudt om te blijven kijken. Ook de nieuwe gemengde opstelling, waarbij schilderijen worden gecombineerd met onder meer meubels en serviesgoed helpt daaraan mee. De variatie van zeegezichten met scheepsmodellen, van portretten met zilveren voorwerpen, houdt het lekker levendig.

Kunst of geschiedenis?
Het nieuwe Rijksmuseum pretendeert een kunst- en geschiedenismuseum te zijn. Het wil een zwaarder accent leggen op de vaderlandse geschiedenis vanaf de Middeleeuwen tot en met de twintigste eeuw. Maar de kijker wordt niet opgezadeld met allerlei weetjes en feitjes over de Slag bij Waterloo of de koloniale tijd. Het verhaal van acht eeuwen Nederlandse geschiedenis wordt wel verteld, in chronologische volgorde, maar vaak heel terloops en vooral aan de hand van voorwerpen.

Dat kan een schilderij zijn, maar ook Chinees porselein dat afkomstig is van een schip van de Verenigde Oost-Indische Compagnie dat in 1613 is gezonken. Op dezelfde manier vertelt een vitrine met wollen mutsen het verhaal van de Nederlandse walvisvaart in de zeventiende eeuw. De grens tussen kunst en geschiedenis is vaak ook moeilijk te trekken, zegt directeur Wim Pijbes elders in deze bijlage. Want is De Nachtwacht nu kunst of geschiedenis? Het is allebei, vindt hij. En dat zie je terug in het hele museum, dat zich daarmee overigens wel onderscheidt. "We zijn het enige museum ter wereld dat alles in zich verenigt: kunst en geschiedenis", benadrukte directeur collecties Taco Dibbits gisteren bij de presentatie voor de pers.

Zijn er dan helemaal geen kritiekpunten? Natuurlijk zijn die er. Zo is het zonder plattegrond best lastig om snel de weg te vinden in het nieuwe museum. Daar staat tegenover dat je dat misschien helemaal niet moet willen, zeker niet de eerste keer. Gewoon lekker ronddwalen dus maar. En in het Aziatische Paviljoen zit een deur heel lelijk in het zicht. En het schilderij Het laatste avondmaal van Marlene Dumas, hangt weliswaar in een intiem hoekje. Maar dat zou je eigenlijk pontificaal op een grote wand willen zien hangen.

Maar dat doet helemaal niets af aan de conclusie dat het nieuwe Rijksmuseum absolute wereldtop is, om toch nog maar een superlatief uit de kast te halen. Maar misschien moeten we volstaan met wat minister Jet Bussemaker van cultuur gisteren constateerde: "Je wordt er stil van hoe mooi het Rijksmuseum is geworden."

Koop vandaag Trouw en lees alles over het vernieuwde Rijksmuseum in de bijlage.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden