Recensie

We zijn dol op levensechte beelden van mensen, tot ze té echt worden

Beeld TRBEELD

★★★★☆ 
Hyperrealisme: Sculptuur
Kunsthal, Rotterdam

De suppoosten van de Kunsthal in Rotterdam staan zware maanden te wachten. Zo levensecht zien de mensfiguren eruit op de tentoonstelling 'Hyperrealisme: Sculptuur', dat bezoekers ze voortdurend willen aanraken.

Meteen al is het raak. Daar staat een meisje in spijkerbroek en streepjesshirt, haar groene trui over het hoofd getrokken, tegen de muur geleund. Is ze niet lekker geworden? Ruzie met haar vriendje? Een vrouw stapt bezorgd op haar af, tot ze de markeringsstrepen op de vloer ziet die aangeven dat ze afstand moet houden.

De tekst loopt door na de foto.

Beeld TRBEELD

Op het tekstbordje bij het meisje staat dat ze Caroline heet. Ze is 1.62 m en gemaakt van hars. Caroline hoort bij het gezelschap van uiteenlopende types die tot 1 juli hun intrek hebben genomen in de Kunsthal. Sommigen zijn poedelnaakt, anderen staan in hun werkkloffie op een huishoudtrap; er liggen een paar zwervers in kartonnen dozen en een naakt stel is innig met elkaar verstrengeld. En dan zijn er ook nog vreemde schepsels, zoals een baby met een slurfje; een Barbapapa-achtig wezen en een monsterlijk grote pasgeboren baby. 

De meesten zien er bedrieglijk echt uit, tot in de kleinste details: van de zwarte randjes onder de afgebrokkelde nagels van een haveloze vrouw tot de plooien in de huid van een baby en de gezwollen aders op de armen en in de nek van een man, die zich ophijst uit een gat in de vloer.

De tekst loopt door na de foto.

Beeld TRBEELD

Geroerd door een reuzenbaby

Met 35 sculpturen van de belangrijkste kunstenaars van de afgelopen halve eeuw presenteert de Kunsthal het eerste grote overzicht in Nederland van hyperrealistische beeldhouwkunst. De (Amerikaanse) pioniers van deze stroming waren John DeAndrea, George Segal en Duane Hanson. Zij begonnen in de jaren zestig de menselijke figuur zo levensecht mogelijk weer te geven. Ook schilders als Chuck Close gingen in die tijd zeer realistisch werken en (uitvergrote) foto's naschilderen.

Blikvanger in de Kunsthal is de vijf meter lange baby van Ron Mueck, die zijn beelden altijd opzettelijk te groot of te klein maakt, zodat mensen met andere ogen gaan kijken naar vertrouwde dingen. Ook de Nederlandse hyperrealistische schilder Tjalf Sparnaay doet dat. Hij beeldt op mega-formaat alledaagse voorwerpen af als een colablikje en een gebakken eitje. Een paar jaar geleden trok hij daarmee volle zalen in Museum de Fundatie in Zwolle. Ook in Rotterdam werkt de reuzenbaby, het bloed nog op de huid, de navelstreng net doorgeknipt, als een magneet op het publiek.

Er ontstaan levendige discussies: sommigen vinden het babymeisje eng, afschrikwekkend zelfs, anderen zijn geroerd, vooral door de blik in haar ogen. Die is precies zoals een hulpeloze pasgeborene kijkt en door het formaat wordt die kwetsbaarheid nog versterkt.

Voelbare gêne

Een zaal verder zitten drie naakte vrouwen met gespreide benen op tafels. Het zijn beelden van Paul McCarthy, een kunstenaar die graag shockeert met expliciete poses. De gêne is voelbaar onder het publiek. Mag je hier wel naar kijken? Het gevoel een gluurder te zijn, wordt nog versterkt doordat deze vrouwen net als de meeste andere mensfiguren de toeschouwer niet aankijken maar in de verte staren. Ook de wetenschap dat de kunstenaar ze heeft gemaakt met behulp van een echte vrouw, van wier lichaam een mal is gemaakt, draagt bij aan het ongemakkelijke gevoel.

Op deze expositie is het haast boeiender om te kijken naar de bezoekers en hoe ze reageren op de beelden dan naar de kunstwerken zelf. Rijen dik staan ze, sommigen zichtbaar ontroerd, voor de sculptuur van een breekbare oude vrouw met een baby op de arm, die de kringloop van het leven verbeeldt.

De tekst loopt door na de foto.

Beeld TRBEELD

Iets verderop hurken mensen neer voor een armoedig geklede vrouw, die ineengedoken in een hoek zit. Een bezoeker die op de grond is gaan liggen om haar gerimpelde gezicht van dichtbij te bekijken, ontdekt dat er dan ook oogcontact is. Hij schrikt er haast van, want ze wordt wel heel erg echt, griezelig echt, als ze je recht in de ogen kijkt.

Die dubbelzinnigheid verklaart misschien ook waarom mensen zo graag kijken naar hyperrealistische beelden. Aan de ene kant voelen ze vertrouwd, doordat ze er zo levensecht uitzien. Maar als ze te echt worden, wordt dat als eng ervaren en stoten ze af.

De Japanse robotica wetenschapper Masahiro Mori ontwikkelde er een theorie over, waarvoor hij de term uncanny valley (griezelvallei) bedacht. In een grafiek visualiseerde hij dat hoe menselijker een robot oogt, hoe meer empathie we ervoor voelen. Maar op een bepaald punt, als de robot te veel op een echt mens gaat lijken, voelen we afkeer. Dat balanceren tussen aantrekken en afstoten levert niet alleen een spannende tentoonstelling op. Ook op de bezoekers - zwevend tussen genieten en griezelen - raak je niet uitgekeken.

De tekst loopt door na de foto.

Beeld TRBEELD

In het spoor van de Grieken en Romeinen

Als Duane Hanson en John DeAndrea hun hyperrealistische sculpturen in 1972 voor het eerst op de Documenta in Kassel tonen, markeert dat het begin van een stroming die haaks staat op de abstracte kunst, die op dat moment de kunstwereld domineert. Zelf vinden de hyperrealisten dat ze juist een lange traditie voortzetten. Net als de oude Egyptenaren, Grieken en Romeinen en ook de beeldhouwers in de Middeleeuwen en Renaissance maken ze zo levensecht mogelijk menselijke replica's. Hyperrealisten komen voor het merendeel uit Noord-Amerika en Australië. Dat is niet zo gek, omdat daar de filmindustrie dominant aanwezig is waaraan ze hun technieken en special effects grotendeels ontlenen. Net als in Hollywood werken ze met afgietsels van synthetische hars, siliconen, kunstogen en mensenhaar. In Nederland is deze stroming nooit echt doorgebroken. Op de tentoonstelling is werk te zien van de Nederlandse hyperrealisten Tobias Schalken, Thom Puckey en Margriet van Breevoort.

Lees ook:

Rineke Dijkstra fotografeert mensen met oog voor detail. Dat kan een rood strikje in een haarvlecht zijn, of hoe een meisje met haar handen friemelt. Maar zichzelf laat ze zelden fotograferen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden