Bewaren

Wat is de waarde van het archief van Adriaan van Dis?

Deel van het archief van Adriaan van DisBeeld Phil Nijhuis

Het Literatuurmuseum kreeg vorige maand het archief van schrijver Adriaan van Dis. Welke waarde heeft zo'n verzameling eigenlijk?

Filmkaartjes, een T-shirt, een studentenkaart, natuurlijk heel veel papier met krabbels, werkschema's, brieven, én de verschillende versies van romans. Adriaan van Dis heeft het allemaal in dozen gestopt, en de inhoud staat nu in het Literatuurmuseum in Den Haag.

Directeur Aad Meinderts kwam het archief vorige maand persoonlijk bij Van Dis thuis in Gelderland ophalen. Hij had er een kruiwagen voor nodig - die de schrijver gelukkig ook had. Van Dis werd zeventig en hij vond dat een mooie aanleiding om op te ruimen. Eerder liet hij dozen met zijn Breyten Breytenbacharchief al naar het Haagse museum verplaatsen. Toch, zo vertelt hij aan de telefoon, moet de indruk niet ontstaan dat de bergruimtes van zijn huis nu leeg zijn - daar heeft hij een te grote bewaarzucht voor.

Voor het Literatuurmuseum, zoals het Letterkundig Museum sinds 1 november heet, is Van Dis een van de vele 'archiefproducenten'. Het museum bewaart brieven, manuscripten, kinderboekenillustraties, foto's, schilderijen en andere papieren of dingen - van computers tot onderbroeken - die iets te maken hebben met de Nederlandse letteren. Nederlandse schrijvers, vrienden en familie geven de dingen meestal spontaan, zoals Van Dis: zo'n driekwart van de collectie van het museum bestaat uit schenkingen. Een eigen aankoopbudget heeft het museum niet, soms kan het, met het geld van fondsen, iets aankopen.

In eerste instantie zijn de archieven materiaal voor de kleine groep literair historici. "Iedereen die onderzoek doet naar een Nederlandse schrijver of boekenwereld komt bij ons langs", vertelt Meinderts. "En door publicaties als de biografieën over Hermans of Reve komt het onder veel meer ogen."

Toestemming

Vrijwel alles kan worden ingezien, maar wanneer bijvoorbeeld uit een brief wordt geciteerd, moet de schrijver van de brief of diens erfgenaam daarvoor toestemming geven. Het digitaal beschikbaar maken van de collectie - bijvoorbeeld voor studenten Nederlands in Indonesië of Duitsland, maar ook voor geïnteresseerde Nederlanders - verloopt helaas nog niet zo soepel als het museum zou willen. "We krijgen er het geld niet voor", zegt Meinderts.

Het museum bewaart meer dan zes strekkende kilometer documenten en objecten in het depot in de kelder. De brandwerende deuren zwaaien voor deze keer even open - zelfs de eigen medewerkers hebben maar beperkt toegang. Hoofdconservator Salma Chen loopt tussen de kasten met dozen en andere spullen. Op de hoeken van die kasten - sommige zijn verrijdbaar, zodat de ruimte optimaal wordt benut - staan veelbelovende bordjes: 'A-Alb. Thijm' en 'Coup-Ey'.

Het museum bestaat sinds 1954, maar heeft ook een brede collectie documenten van 19de-eeuwse schrijvers zoals Alberdingk Thijm en Couperus. Niets in deze ruimte staat er toevallig: de racefiets tegen de muur was van reisboekenschrijver Bob den Uyl, de lege schildersezel van schrijver en schilder Jacobus van Looy.

Geen handschoentjes

De dozen van Van Dis zijn inmiddels weggegooid. De papieren inhoud is ontdaan van nietjes, paperclips en plastic hoesjes - die papier op lange termijn zouden beschadigen - en over 27 speciale zuurvrije dozen verdeeld. Ze staan al op de plank.

Chen opent een willekeurige doos. Ze pakt de papieren met blote handen op - het gebruik van handschoentjes, zoals Boudewijn Büch die altijd op televisie droeg, is zelfs verboden. Meinderts: "Büch maakte er theater van. Je moet juist contact houden met het papier, zodat je het meteen voelt als je iets kreukt of scheurt." Van Dis schonk veel brieven en uitgetikte manuscripten met in kleur handgeschreven commentaar en correcties.

Lang niet alles is meteen begrijpelijk. Sommige handschriften zijn onleesbaar - ook Van Dis' werk valt volgens de schrijver zelf in die categorie. "Mijn handschrift is verschrikkelijk, het is hooguit 24 uur leesbaar. Ik moet de krabbels die ik elke dag op mijn schrijfblok maak meteen uittikken, anders weet ik zelf niet meer wat er staat. Voor m'n eerste acht boeken huurde ik een typiste in. Inmiddels heb ik me het tikken een beetje aangeleerd. En ik ben een belabberd brievenschrijver; mensen stuurden vooral brieven naar mij. Inmiddels ben ik wel een hartstochtelijk whatsapper - wat een zegen van de 21ste eeuw - en ik heb laatst ontdekt dat je die gesprekken ook buiten je telefoon kunt bewaren. Maar ik betwijfel of die ooit in het Literatuurmuseum terecht zullen komen. Je kunt toch niet alles bewaren."

Toch zit er in de dozen ook een knipkaart van een zwembad in Parijs, een studentenkaart en zelfs een chequeboekje van een Franse bank. Even later komt er tot Chens verbazing uit de doos 'Voorwerpen' van Van Dis een witte boxershort tevoorschijn met opdruk. Het blijkt een kadootje van zijn uitgever te zijn, vanwege de verschijning van zijn boek 'Het Beloofde Land' uit 1999.

Tekst loopt door onder de afbeelding.

Een van de vele dozen vol aantekeningen en herschreven kopij van Adriaan van Dis in het Literatuurmuseum in Den Haag.Beeld Phil Nijhuis

Waarde

Wat hebben zulke spullen voor waarde? Voor Chen komen ze vooral van pas bij het maken van tentoonstellingen in het museum. "Dan is het toch aardig om zo'n fiets of pasje te laten zien; het brengt de schrijver een beetje tot leven."

Voor Van Dis is het bewaren van zulke spullen een gewoonte: "Het is een reactie op mijn alles weggooiende familie. Ik bewaarde zelfs de bioscoopkaartjes uit Parijs, zodat ik kan bewijzen dat ik toen ik daar woonde nagenoeg elke dag naar de bioscoop ging. Het heeft iets fetisjistisch, al die spullen bewaren. En natuurlijk is het ijdel. Maar het is ook een bezwering tegen het vergeten. Dat het nu in het museum staat opgeslagen, is een prettig idee. Ik word ook ouder en ik wil straks lekker licht doodgaan."

Het Literatuurmuseum in getallen

- 6 strekkende kilometer documenten en objecten van 7000 schrijvers, waaronder de reisbroek van Belcampo, de perforator van Gerrit Achterberg en een handtekeningenstempel van Annie M.G. Schmidt en Fiep Westendorp

- 1,8 miljoen brieven

- 250.000 manuscripten

- 65.000 foto's

- 2800 schrijversportretten

- 60.000 kinderboekenillustraties

- Jaarlijks groeit het archief met 145 strekkende meter

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden