Review

Wat er gebeurt als de horizonlijn verdwijnt

Laura Lava (tekst en beeld): 'Horizon', Altamira, Fl. 21,90; Ceseli Josephus Jitta (tekst en beeld): 'Biggeltrijn en Pandjesman', Kimio, Fl. 15,90; beide vanaf 4 jaar.

Heel soms werkt een kunstenaar andersom. Dan heeft hij of zij eerst een beeld-idee en verzint daar een verhaal bij. David McKee deed dat met zijn verhalen over het olifantje Elmer, dat niet grijs is, maar een vel heeft als een bonte lappendeken, hetgeen McKee in staat stelde om naar hartelust te spelen met kleur.

Iets dergelijks is het geval bij het recent verschenen prentenboek 'Horizon' van Laura Lava (31). Laura Lava studeerde in 1986 af aan de Akademie voor Beeldende Kunsten Minerva in Groningen. In 1988 viel ze al op (toen nog als Laura Tietjens) met sprookjesachtige prenten, in gemengde techniek, voor het Friese jeugdboek 'Bartele Bûse' (Bartele Broekzak) van Berber van der Geest. Prenten waarin stilering en beweging in balans zijn, en die ondanks reminiscenties aan Chagall en aan oosterse volksverhalen getuigen van een originele visie op perspectief, compositie en verhalende functie. In deze raamvertelling is de tekst, over een achtjarig jongetje dat bevriend raakt met een schilder die vol verhalen zit, primair.

Maar die tekst moet de illustratrice zó geïnspireerd hebben, dat ze tot prenten met een eigen verhaal, een autonome zeggingskracht kwam. In twee andere boeken, 'Oscar en het gestolen ijs' van Judy Corbalis en 'Mijn tante uit de hutkoffer' van Arend van Dam (beide 1993), zijn haar prenten veel gehoorzamer aan de tekst, en daarmee minder spannend.

Levenslust

'Horizon' daarentegen barst bijna uit zijn voegen van levenslust en eigenzinnigheid. Het boek is duidelijk ontstaan vanuit een visueel idee: een beeldgrap, die leidt tot jongleren met de compositie. Hoofdpersoon is de clown Klaas Wonder, die uit het raam zit te kijken. Hij ergert zich aan de horizon, die dunne lijn achter in zijn grote tuin. Klaas gaat ernaar toe, trekt hem uit het landschap alsof het een touwtje is, en neemt hem mee naar binnen, waar hij dienst doet als waslijn, schommel en paktouw.

Maar dan, als de horizon weg is, gebeuren er vreemde dingen: bloemen, bomen en dieren lijken te vergeten wat onder en boven, links en rechts is en vliegen door de lucht alsof er geen zwaartekracht meer is. En ook binnenshuis gaan de dingen en perspectieven hun eigen gang. De kijker moet het boek nu om en om draaien om in dit kakelbonte spektakel nog iets te vinden wat rechtop staat. Intussen speelt zich nog meer af: een kabouter en een Ernie-pop scharrelen rond op een manier die de lezer/kijker uitnodigt om er zelf een verhaal bij te verzinnen. En wie goed kijkt ziet dat ook twee figuren op een schilderij tot leven komen om op hun manier in de feestvreugde te delen.

De prenten in 'Horizon' zijn veel brutaler en ongeremder geschilderd (in aquarel) dan die in 'Bartele Bûse'. Alsof Laura Lava in een vulkaanuitbarsting van kleur en lijn het wilde schilderen van Harrie Geelen combineert met de zwier van Philip Hopman. Het resultaat is een onbekommerde en aanstekelijke chaos waaraan veel te beleven valt. Maar de keerzijde van de medaille is dat je duizelig wordt van alles wat zich tenslotte ondersteboven en achterstevoren, en zonder rangorde van dichtbij en veraf, aan het netvlies opdringt. Dan toch maar liever de meer beheerste composities in 'Bartele Bûse'. Dat neemt echter niet weg dat Laura Lava een talent is om in de gaten te houden.

Grijze stad

Een andere Nederlandse illustratrice die bij het maken van prentenboeken van het visuele uitgaat is Ceseli Josephus Jitta (41). Zo ging 'Jana's nachtreis' (1992) over een meisje en een hond die een grijze stad laten overstromen door een rivier van kleuren. Voor Josephus Jitta is prentenboeken maken dan ook een nevenactiviteit naast haar werk als vrij beeldend kunstenaar. Voor uitgeverij Kimio maakt ze boekjes die opvallen door hun warme, levendige aquareltinten en karaktervolle vormen.

'Biggeltrijn en Pandjesman' is haar nieuwe boekje. In een poppenkastachtig verhaal worden een clownesk manneke met bolhoed en een grote big smoorverliefd op elkaar. De prenten zijn bijzonder expressief en humoristisch, en Josephus Jitta geeft de bolle big zowaar wat sierlijkheid mee. Het vele rood, roze, oranje en paars is niet zuurstokachtig en de overvloeiende aquareltinten zitten de stevige, gestileerde vormentaal niet in de weg. Sterker nog: Josephus Jitta weet de toevalligheden die het overvloeien veroorzaakt soms mooi als vormelement te gebruiken.

De illustraties zijn echter veel sterker dan de tekst en zijn op zich al zo verhalend, dat die tekst nauwelijks nodig is. De vierregelige rijmpjes die onder de prenten staan zijn Sinterklaasachtig, soms gekunsteld en zitten niet lekker in hun vel zoals bij Dick Bruna. Bijvoorbeeld wanneer Trijn als cadeautje een jurk van de Pandjesman krijgt die vele maten te klein voor haar is: 'Boos zegt Trijn:/ “Die is te klein./ Zoek een andere vriendin;/ die past er vast wel in!”' Aan het verhaalidee van Josephus Jitta mankeert niets en haar prenten zijn beslist knap, maar ze zou zeer gebaat zijn bij een goede tekstschrijver.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden