Recensie

Wat doet Isabel Archer in het vervolg op ‘The Portrait of a Lady’?

De Ierse schrijver John Banville. Beeld EPA

De Ierse schrijver John Banville hult zich in tijd en taal van Henry James en schrijft een vervolg op ‘The Portrait of a Lady’

De ‘lady’ uit Henry James’ ‘The Portrait of a Lady’ (1881) springt niet voor de trein en slikt ook geen gif. Het lot van Isabel Archer, de heldin uit de beroemde roman, verschilt wezenlijk van dat van de andere literaire heldinnen uit de negentiende eeuw, die ofwel de hand aan zichzelf sloegen (Eline Vere, Anna Karenina, Madame Bovary), ofwel trouwden (Elizabeth Bennet, Jane Eyre).

De levenslustige, onafhankelijke Amerikaanse erfgename Isabel, die met de manipulatieve Gilbert Osmond net de verkeerde trouwt en er dan achterkomt dat haar man en haar vriendin, zíjn vroegere minnares Serena Merle, haar hebben misleid, laten we in het boek in verwarring achter, op de drempel van een nieuw leven. Keert Isabel terug naar de gevangenis van haar huwelijk of kiest ze haar eigen weg?

Dat open einde, de vrijheid die er voor Isabel gloort buiten de verduisterde Italiaanse villa’s waarin ze met haar man leefde, was een van de dingen die filmregisseur Jane Campion inspireerde tot haar verfilming in 1996. In Campions film speelde Nicole Kidman Isabel Archer en John Malkovich speelde Gilbert Osmond. Een wat matte film, herinner ik me, maar de vertolkingen van de jongensachtige Kidman als de ambitieuze maar ook naïeve Isabel en de superieure Malkovich als haar verraderlijke man, waren sterk. Je ziet ze meteen voor je bij het lezen van de ‘sequel’ die nu verschijnt, ‘Mevrouw Osmond’, van de hand van de gelauwerde Ierse schrijver John Banville.

Een gewaagd experiment is het zeker, dit (verlate) vervolg. Niet dat het werk van Henry James niet meer in de belangstelling staat. ‘What Maisie Knew’ leverde in 2013 nog een geweldig spannend modern scheidingsdrama op. Colm Toíbin en David Lodge werden beiden geprezen voor ‘recente’ biografische romans waarin ze ‘de meester’ zelf tot leven riepen.

Alleen John Banville - in 2007 met zijn boek ‘The Sea’ winnaar van de Man Booker Prize - pakt het anders aan. Hij biedt geen modernisering maar een pastiche: een vervolg zoals James het zelf anderhalve eeuw terug had kunnen schrijven. Banville’s ‘Mevrouw Osmond’ is niet alleen Jamesiaans in setting en handeling, maar ook in stijl: bochtige lánge zinnen, bloemrijke beeldspraak, en archaïsch woordgebruik waar hier dan wel af en toe iets 21ste eeuws relativerends in doorklinkt. Isabel kauwt op haar vis ‘met de sombere berusting van een koe’ of ze zit stil ‘als een vos die het schallen van de hoorn van de jager heel dicht bij zijn schuilplaats had gehoord’ en raakt zich er dan van bewust ‘dat haar jaagmetaforen door elkaar beginnen te lopen’. Geestig wel, maar die 21ste eeuwse toets duikt te sporadisch op om de roman als geheel een extra ironische wending te geven.

Wraakacties 

Banville pakt de draad op waar Henry James hem achterliet. Isabel arriveert in Londen voor een bezoek aan haar vriendin, de journaliste Henrietta Stackpole en doet aan haar verslag van wat er is gebeurd. In de paar dagen die ‘Mevrouw Osmond’ beslaat volgen we onze heldin terwijl ze met haar vriendinnen praat en nog meer nadenkt over wat haar nu te doen staat. Halverwege neemt de roman een spannende ‘Liaisons Dangereuses’-achtige draai als het perspectief voor even verschuift naar de schurkachtige echtgenoot Gilbert Osmond, die in zijn huis op de heuvel van Bellosguardo bij Florence afwacht wat zijn voortvluchtige vrouw in Engeland zit te bekokstoven. En hoe hij mogelijke wraakacties van haar voor zou kunnen zijn met eigen slinkse manoeuvres.

Banville roept onderweg enkele cliffhangers op. Hij vermaakt zich met de portrettering van een paar nieuwe personages. Isabels ‘ferme’ dienstmeisje Staines (‘iemand die eigenlijk alleen maar bestond uit hoeken, met brede polsen en grote voeten, en een kaak die leek op het blad van een primitieve bijl’), de ‘keurige, stijve, scherpzinnige’ mejuffrouw Janeway, een suffragette die zichzelf suffragist noemt (‘suffragette is een uitvinding van de pers’) en die van Banville de stereotiep blauwkouzerige gedaante krijgt aangemeten: “Ze was niet aardig en wilde dat ook niet zijn: ze was niet inschikkelijk; ze had scherpe randjes, een ongemakkelijke hoekigheid; iedere man die een neerbuigende hand op haar zou laten rusten zou die snel terugtrekken, zijn huid gestoken door de scherpe stekels van haar overtuiging, haar fanatieke en zelfbevestigende ressentiment.”

Het is virtuoos gedaan - en zeer soepel en creatief vertaald door Arie Storm - maar deze roman is een historische roman zonder modern perspectief, een stijloefening en geen drama. John Banville is gefascineerd door de schrijfkunst van Henry James, het is niet dat hij zo nodig nog iets kwijt wilde over diens heldin; daarin verschilt hij van eerdere James-bewerkers als Jane Campion en de filmmakers van ‘What Maisie Knew’.

Henry James is geprezen om de subtiliteit en levendigheid van zijn karaktertekening, om zijn geheimzinnigheid, diepgang, ironie, én om zijn inzicht in de ‘gevangenschap’ en vrijheidsdrang van een vrouw van zijn tijd. Ook Banville noemt Isabels zucht naar vrijheid, maar waar ze voorheen vast kwam te zitten in de greep van haar echtgenoot, zijn het nu de negentiende eeuwse zinnen die haar klem zetten.

Neem deze passage: “Maar overpeinsde ze, het leven is geen metafoor, geen dramatische monoloog of een duizelingwekkend circusnummer. Het is een mondain iets, niet iets wat je uitvoert in gepoederde lucht of op gepolijste planken, maar gewoon op de grond, zonder de transfigurerende aanraking van de kunst, zonder welke omzetting dan ook, behalve tijdens de gelegenheden die zeldzaam en kostbaar zijn, als in gewoon daglicht, en voortgebracht door raadselachtige krachten die groter zijn dan wij, de wereld voor ons uit elkaar barst in een onaardse straling.”

Zo is dat, als ik het goed begrijp. Hooggestemd blijft Isabel, en steeds vastbeslotener, maar levensecht, van vlees en bloed, wordt ze niet.

John Banville
Mevrouw Osmond
Vert. Arie Storm. Querido; 416 blz. € 20,99
Oordeel: stijlvast, virtuoos maar taai

Lees hier meer boekrecensies

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden