Review

Waarschijnlijk leed Chopin niet aan tbc

Morgen is het precies 150 jaar geleden dat de Pools-Franse componist Frédéric Chopin (1810-1849) in Parijs overleed. Op de valreep verscheen het fraai geïllustreerde 'Chopin. De man en zijn muziek' van de musicoloog Emanuel Overbeeke. Door de fantastisch mooie foto's een lust voor het oog. Bij nadere beschouwing heeft het boek meer karakter van een appetizer dan van een doorwrochte biografie.

Wie meer wil weten over de achtergrond van het leven en de tijd waarin Chopin leefde kan beter 'The Romantic Generation' (1995) van Ch. Rosen, 'Helse liefde. Biografische essay over Marie d'Agoult, Frédéric Chopin, Franz Liszt en George Sand' (1997) van F. Bastet of 'Chopin in Paris' (1998) van T. Szule lezen. Overbeeke maakt de titel van zijn boek ruimschoots waar. Hij gaat meer dan de genoemde auteurs in op Chopins muziek. De bijgeleverde cd biedt daarvan een uitstekende illustratie.

De jarenlange relatie met schrijfster George Sand in Nohant en de miezerige periode met haar op Mallorca blijven tot de verbeelding spreken. Het weer is vaak slecht en de bevolking ronduit vijandig. Mogelijk is de Prelude opus 28, nr. 15, met een middendeel waarin een noot vele malen wordt herhaald, de muzikale neerslag van de vele regendruppels die Chopin op Mallorca over zich heen krijgt.

Intriest is de tijd die Chopin doorbrengt in Engeland en Schotland, kort na de breuk met Sand, het jaar vóór zijn dood. Hij ziet eruit als een geest, maar dat hij aan tuberculose lijdt, zoals de schrijver stellig beweert, is hoogst kwestieus. Zelf gelooft Chopin daar in elk geval niets van. Op grond van de symptomen is longemfyseem met bronchie-ectasie en depressie (met gewichtsverlies, rusteloosheid en slaapstoornis) waarschijnlijker.

Dat Chopin de Mazurka's opus 67 nr. 2 in G en opus 68 nr. 4 in F nog in 1849, zijn sterfjaar, zou hebben gecomponeerd, verwijst Overbeeke naar het rijk der fabelen. Na zijn breuk met Sand componeerde Chopin nog nauwelijks. Opus 68 nr. 4, waarschijnlijk al in 1846 of 1847 ontstaan, is typerend voor de nieuwe richting die Chopin wilde inslaan: veel helderder dan in zijn composities uit de jaren 1833-1845 waarin de muziek alsmaar doorstroomt en duidelijke geleding ontbreekt. Typisch voor Chopin blijft echter de geraffineerde verstrengeling van melodie en versiering.

Tijdens de herdenkingsdienst in de Parijse Madeleinekerk werden onder meer twee Preludes (opus 28, nr. 4 en 6) en de dodenmars van de overleden componist ten gehore gebracht. Chopins favoriete compositie was overigens de Ballade nr. 1, die hij volgens de overlevering voor zijn Poolse verloofde Maria Wodzinska speelde. Charles Rosen verklaart evenwel de Ballade nr. 4 in F mineur tot een van de ontroerendste bladzijden in de gehele negentiende-eeuwse muziek. Met dichte ogen luister ik morgen naar Krakowiak in F, opus 14 (voor piano en orkest). Geniaal.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden