Cultuurgeschiedenis

Waarom ‘Gone With the Wind’ zo gevoelig ligt

Vivien Leigh (l) en Hattie McDaniel wonnen beiden een Oscar voor hun rol in ‘Gone with the Wind’.

In de klassieker ‘Gone with the Wind’ (1939) is slavernij een goede, zelfs heroïsche zaak.

Met een witte doek om haar hoofd en een keukenschort om haar middel hangt Mammie uit het keukenraam. Ze is één van de slaven van de familie O’Hara en roept de stoute Scarlett moederlijk na dat ze haar sjaal om moet doen. 

Als er ooit een stereotype was van de zwarte vrouw in de film, dan is het deze goeiige, mollige moeke uit ‘Gone with the Wind’. Een personage voor wie de slavernij eerder een zorgeloos dienstverband lijkt dan een moorddadig en onderdrukkend systeem. Vanwege die goedkeurende houding en de racistische vooroordelen biedt de Amerikaanse streamingsdienst HBO Max de klassieker voorlopig niet meer aan. 

Gone with the Wind (1939), gebaseerd op de bestseller van Margaret Mitchell, vertelt het verhaal van de roomwitte Katie Scarlett O’Hara die rond 1860 in de zuidelijke Verenigde Staten op de weelderige plantage van haar rijke familie woont. Haar enige zorg is dat de man die ze op het oog heeft, verloofd is met een andere vrouw. Dan breekt de Burgeroorlog met de noordelijke staten uit en raakt ze alles kwijt: haar familie en haar rijkdom. De Yankees zijn overigens de schoften in de film, de zuidelijke staten voeren hier een terechte strijd voor onafhankelijkheid en het recht om slaven te houden. Scarlett laat het er niet bij zitten, ze is tenslotte een daadkrachtige zuidelijke vrouw, en bouwt een nieuw imperium op.

Racistische stereotypen

In Birth of a Nation (1915) werden zwarte mannen afgebeeld als halve wilden en seksuele roofdieren – het Black Buck-stereotype. Aanhangers van de Ku Klux Klan werden verheerlijkt als witte redders van de beschaving. Deze film was zo racistisch dat er als reactie een nieuw genre ontstond: race films, die juist niet racistisch waren.

In het begin van Dumbo (1941), de Disney-animatie over het gelijknamige olifantje, sjouwt een groep slaven met een circustent. Later in de film figureert een groepje kraaien dat overduidelijk gebaseerd is op racistische stereotypen van zwarte mannen. De leider van het groepje heet Jim Crow, vernoemd naar de Amerikaanse wet die de segregatie legaliseerde.

Racisme zit in veel films subtiel verwerkt, maar het personage Uncle Remus in de Disney-film Song of the South (1946) is een van de minder subtiele verschijningen. Remus was duidelijk ooit het bezit van de plantage die hij in de film zijn ‘thuis’ noemt, maar inmiddels werkt hij er niet meer. Toch is zijn enige functie nog steeds de dienende rol voor de witte mensen in zijn omgeving, in dit geval de zeven­jarig Johnny met wie het niet zo goed gaat.

Swiss Family Robinson (1960) is een gezellige familiefilm over een gestrand gezin en hun fantastische boomhut, maar ook met Aziatische piraten die overduidelijk op een tekentafel in Hollywood zijn bedacht.

Je verwacht het niet, maar de romantische komedie Breakfast at Tiffany’s (1961) is ooit de ‘meest onopvallend racistische film aller tijden genoemd’. Dat komt vooral door de rol van Mickey Rooney als Mr. Yunioshi, die met half afgeplakte ogen en het eeuwige spraakgebrek het Aziatische stereotype nog maar weer eens serveerde.

In Angelique and the Sultan (1968) zijn ‘de Arabieren’ zonder uitzondering slavenhandelaren die de mooie Angelique willen verkrachten en verhandelen.

Short Circuit (1986) bevat een stereotype dat iedereen inmiddels kan dromen: de Indische wetenschapper met het gepatenteerde accent, gespeeld door een witte acteur.

De slaven in de film lijken de totale onderwerping wel prima te vinden. En ook al won Hattie McDaniel als eerste zwarte actrice een Oscar voor haar rol als Mammie, op de set moesten de acteurs net als in de rest van de Amerikaanse samenleving naar gescheiden wc’s. Overigens totdat, zo gaat het verhaal, Clark Gable eiste dat er een eind kwam aan de segregatie op de set omdat men anders naar een nieuwe hoofdrolspeler kon gaan zoeken.

Vivien Leigh en Hattie McDaniels in 'Gone With the Wind'.

De zwarte personages zijn ‘pijnlijk stereotiep’

Dezelfde wc of niet, de rollen van de zwarte personages zijn ‘pijnlijk stereotiep’, schreef scenarioschrijver John Ridley van ‘12 Years a Slave’ deze week in de Los Angeles Times. Mammie is de bolle, goedlachse, quasi-strenge mamafiguur, Pork is de slungelige, ietwat simpele ‘huisslaaf’ en Big Sam is de grote, vriendelijke ‘landslaaf’. Ze worden goed behandeld en stuk voor stuk zijn het goedlachse ‘kleurlingen’ die loyaal zijn aan hun welwillende meesters, dankbaar voor het goede leven dat ze op de plantage krijgen. En waarom zouden ze een salaris en rechten willen? Ze krijgen van de meester toch een zakhorloge als ze braaf zijn geweest? Op de slaven van andere plantages die later in de film wél vertrekken om elders vrij te kunnen leven, wordt neergekeken.

In de film wordt letterlijk één zin over de moraliteit van de slavernij uitgesproken: een personage zegt dat hij geen geld wil verdienen aan de “dwangarbeid van anderen”. De reden dat de slavernij in Gone with the Wind uiteindelijk verdwijnt, is niet dat men tot andere, meer humane inzichten komt, maar onder overweldigende druk van de noordelijke staten. Gone with the Wind is gedrenkt in wat wel de mythologie van de Geconfedereerde Staten wordt genoemd. Het idee dat de zaak waar die staten voor vochten – een economie gebaseerd op slavernij – een rechtvaardige en heroïsche was.

Gone with the Wind zal volgens HBO overigens niet worden aangepast, wat betekent dat er geen scènes uit zullen verdwijnen. Dat doen, stelt het bedrijf, “zou hetzelfde zijn als beweren dat deze vooroordelen nooit hebben bestaan”.

Filmkenner René Mioch: ‘Mogen we straks ook niet meer naar films van Harvey Weinstein kijken?’

“Ik vind het volstrekt belachelijk. ‘Gone With the Wind’ is in een andere tijd gemaakt, door kunstenaars van toen. Die kunnen een andere manier van denken hebben gehad. Helaas werd er in die tijd zo over slavernij en racisme gedacht. Ik denk niet dat mensen die de film nu zien zullen denken: hierin worden mijn racistische gevoelens die ik toch al heb bevestigd. Mogen we dan straks ook niet meer naar de films van Harvey Weinstein kijken, omdat hij een beest blijkt te zijn in het werkelijke leven? Hij heeft wel heel mooie films geproduceerd. Of is Kevin Spacey plotseling een slechte acteur omdat hij aan jongens heeft gezeten? Dat moet je volgens mij niet doen. Ik denk dat je zulke films in een context moet uitzenden, moet vertellen dat het in die tijd op die manier bekeken werd en nu niet meer. Hoewel, helaas zijn we er nog steeds niet op dat gebied, maar beetje bij beetje gaat het wat beter.”

Bij1-fractievoorzitter Sylvana Simons: ‘Zo’n film laat zien hoe er toen gedacht werd’

“Ik heb ‘Gone with the Wind’ meerdere keren gezien. Als kind vond ik het heel romantisch, later ging ik beseffen dat wat ik zag heel ernstig was. Of je hem dan niet meer moet vertonen, dat vind ik een lastige. Een film kun je moeilijk in een context plaatsen. In het Rijksmuseum staan bij kunstwerken waarover discussie is bordjes die daarover uitleg geven. En in Amsterdam hangen nu op aandringen van mijn partij extra bordjes bij controversiële straatnamen om uit te leggen wie deze persoon was en wat hij allemaal heeft gedaan. Dan kunnen die kunstwerken en straatnamen wat mij betreft gewoon blijven. Bij een film is dat lastiger, dus ik snap dat streamingdiensten ervoor kiezen om die niet meer aan te bieden, omdat ze zich er niet meer prettig bij voelen om zoiets te verspreiden. Hun eigen verantwoordelijkheid. Dat betekent natuurlijk niet dat zo’n film verboden is. Als je de film wil zien, kan dat. Ik zou verbieden ook niet goed vinden. Zo’n film laat je zien hoe er in een bepaalde tijd gedacht werd, welke taal er werd gebruikt. Het kan een bepaalde educatieve waarde hebben.”

Luizenmoeder-schrijver Diederik Ebbinge: ‘Bij een sketch met een overdreven Surinaams accent voel ik me niet meer prettig’

“Nee, er zit in De Luizenmoeder niets waarvan ik zou kunnen bedenken dat het nu niet meer zou kunnen. Bijvoorbeeld de scène waarin de zwarte vader van een van de leerlingen wordt aangezien voor schoonmaker. Dat an sich is niet de grap, de grap zit hem in de pijnlijkheid van het feit dat juf Ank en de rest opeens met de neus op hun eigen vooringenomenheid worden gedrukt. Het is heel pijnlijk en verschrikkelijk, maar aan de orde van de dag. Ik vind het leuk om mensen te confronteren met hun en mijn ongemak.

“Ik heb zelf wel grappen gemaakt die ik nu niet meer of anders zou maken, je groeit daar in mee. Ik heb lang geleden met De Vliegende Panters een sketch gemaakt over Dikkie Dik van Sesamstraat. Met een overdreven Surinaams accent vertelde ik een verhaaltje over de kat die zwaar crimineel bleek te zijn. Dat zou ik nu niet meer zo doen. Alhoewel het nooit met verkeerde bedoelingen gemaakt is, voel ik me er nu niet meer prettig bij. Voortschrijdend inzicht, net als bij Zwarte Piet. Ik maak de dingen in de tijd waarin ik leef, en tijden en de daarbij behorende inzichten veranderen. En ik dus ook. Ik ben er niet voor om zo’n sketch weg te halen, maar ik moet zeggen; ik kijk er niet meer graag naar.”

Regisseur Ivan Barbosa: ‘Kunst mag bestaan, of die nu gemaakt is door een racist of niet’

“Gaan ze ‘Little Britain’ eraf gooien? Waarom? Ik was niet echt een fan ofzo, maar het was een serie die tegen alle schenen aanschopt. Dat is wat kunst moet doen, vind ik. Alle kunst uit het verleden kun je niet wegpoetsen. Het kan discutabel zijn, maar als je het laat verdwijnen heb je niets meer om over te discussiëren. Kijk, er is ook discussie geweest over ‘Turks Fruit’ van Jan Wolkers, maar destijds was het heel progressief. Kunst mag bestaan, of die nu gemaakt is door een racist of iemand die heel left-wing is – en iedereen er tussenin. De Mohammed-cartoons mogen toch ook? Als ik ‘Mein Kampf’ wil lezen, omdat ik wil weten wat daar nou precies in stond, dan zou dat moeten mogen. Ik wil mijn eigen mening vormen, ik heb toch hersens? Het krijgt anders iets moraalridderigs. Wie gaat uitmaken wat wel en niet goed is? Een commissie of een stichting? Ik sta nu in de metro, ik ben op weg naar de anti-racismedemonstratie in de Bijlmer. Dan zouden er ook mensen kunnen zijn die vinden dat dat niet mag doorgaan. Op gedachtepolitie zitten we volgens mij nu juist niet te wachten.”

Lees ook:

‘Zonder de film valt er ook niets te discussiëren’

De Hollywoodklassieker ‘Gone With the Wind’ zal niet meer te zien zijn op de streamingdienst HBO Max. In de film uit 1939 wordt de slavernij in het zuiden van de Verenigde Staten te romantisch en kritiekloos weergegeven.

Wat moet je luisteren, zien en lezen om de Black Lives Matter-beweging beter te begrijpen?

De betogingen tegen racistisch politiegeweld in de VS houden aan. Ook in Nederland wordt gedemonstreerd. Ondertussen vliegen de lees-, luister- en kijktips over antiracisme je op sociale media om de oren. De Black Lives Matter-beweging vindt haar oorsprong in de Verenigde Staten, en dus liggen de nachtkastjes op Instagram vol met literatuur uit dat land. Waar moet je beginnen als je de Black Lives Matter-beweging beter wilt begrijpen? Een (onvolledige) lijst.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden