Roofkunst Nigeria

‘Vreselijk, te moeten betalen om je eigen kunst te kunnen zien’

Phil Omodamwen Beeld Petterik Wiggers

Phil Omodamwen (1971)

Bronsgieter.

Je wordt als bronsgieter geboren. De oven staat op het familie-erf, als kind krijg je alles mee. Maar vrouwen mogen het niet leren, want als die trouwen zou de kennis buiten de familie terechtkomen. Nog steeds behoren maar elf families tot het bronsgietersgilde, dat eind dertiende eeuw door oba Oguola is ingesteld. Als mensen die niet bij het gilde horen toch brons gieten, dan hebben we een paar potige mannen die alles in beslag nemen.

Bronzen koppen en reliëfs goten we alleen voor de oba, anderen mochten die niet bezitten. Het was de taak van het gilde om de geschiedenis, veldslagen en belangrijke gebeurtenissen vast te leggen in brons. Een paar jaar geleden heb ik een reliëf gegoten naar een pijnlijke historische foto uit 1897. De Britten hadden net het paleis leeggeroofd en oba Ovonramwen, verbannen. De foto toont koning Ovonramwen op het Britse jacht dat hem naar zijn ballingsoord Calabar brengt. Dat is ook onze geschiedenis, dat kun je niet veranderen, daarom heb ik dat reliëf gemaakt. Een kopie ervan is tentoongesteld in het Volkenkundig Museum in Stockholm.

Ik ben bang dat ik de laatste generatie bronsgieters ben. Mijn zonen vinden het te zwaar, en het werk levert weinig op. Zo’n stel van twee luipaarden zoals deze kost zes à acht weken werk, en kost ongeveer 1500 dollar. Ik verkoop bijna alleen aan expats: Amerikanen, Duitsers, via een galerie in Lagos. Vroeger gingen we gewoon naar die oliebedrijven en verkochten we onze beelden daar. Maar nu is het er te onveilig; ook in het gebied waar we bijenwas kopen vinden overvallen en ontvoeringen plaats.

Vroeger werkten zo’n vijftig mensen bij me, nu nog maar twintig. Velen zijn naar Europa vertrokken. Drie leden van onze familie zijn onderweg gestorven.

Verleidelijk aanbod

Eind vorig jaar kwamen hier mensen van het British Museum. Of ik een reliëf wil­de maken van bootvluchtelingen, vroegen ze. Het was een verleidelijk aanbod, maar ik heb bedankt. Ik wil niet dat Afrikaanse vluchtelingen mijn naam verbinden aan hun misère.

In 1990 was ik in het British Museum. Het voelde vreselijk om te moeten betalen om die beelden die wij gemaakt hebben te kunnen zien. Ik heb niet eens het geld om een catalogus te kopen.

Ik word heel verdrietig van die regeling, waarbij Europese musea aan ons uitlenen wat ons met geweld is ontnomen. Maar als het toch ooit van teruggave komt, laten ze die objecten dan aan de oba geven, en niet aan de federale regering of staatsorganisaties, want die zouden die objecten gewoon doorverkopen.

Zie voor alle artikelen en interviews in deze serie trouw.nl/beninbronzes

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden