Review

'Vreemde' Drumless Dog speelt diefje met verlos

Er is niets mooier dan als luisteraar muziek in je hoofd vorm te zien krijgen. Een stuk als 'Zeemeeuw', dat het nieuwe trio Drumless Dog donderdag in het BIM-huis speelde, maakt het de luisteraar wat dat betreft makkelijk. De serene, gestreken tonen van contrabassist Arnold Dooyeweerd belichaamden de vlucht van de zeevogel, terwijl het puntige spel van gitarist Anton Goudsmit en altsaxofoniste Esmée Olthuis de hoge, witbeschuimde golven vormden.

Maar wat te denken van 'Ellen', 'een stuk over een stuk', in de woorden van de voortdurend glunderende Dooyeweerd. 'Ellen' betrof een compositie van gitarist Goudsmit, opgedragen aan zijn vrouw. Of het nou aan de ingrepen lag, die de bassist zich in de bewerking van de compositie voor het trio had veroorloofd, of aan het stuk zelf, het beeld dat de vrouw werd gegeven, was tamelijk raadselachtig. De weerbarstige, voortdurend prikkelende muziek toonde het portret van een vinnige tante, niet iemand die je graag zou tegenkomen. Aan de andere kant kwam ze over als onvoorspelbaar en uitdagend, eigenschappen die juist zeer te waarderen zijn in een vrouw.

Drumless Dog is een raar bandje. Niet alleen omdat er, zoals de naam aangeeft, geen drummer is (de 'dog' in de naam is een samenstelling van de eerste letters van de musici), waardoor de muziek het meer van intimiteit moet hebben dan van opsmuk. Nee, het bijzondere is dat Dooyeweerd op zijn 54ste in de Nederlandse jazz en geïmproviseerde muziek een veteraan is, die al jaren actief meewerkt aan het opleiden van jonge, aankomende jazzmusici. En dat hij zijn niet geringe talenten in Drumless Dog combineert met die van twee dertigers.

In de muziek viel noch van dat verschil in leeftijd, noch van enige vorm van generatiekloof iets te merken. Dooyeweerd nam vaak het voortouw in zijn spel en in de aankondigingen, die hij geroutineerd van smakelijke anekdotes voorzag, maar Goudsmit en Olthuis beperkten hun bijdragen allerminst tot het tweede plan. In tegendeel, met venijnige accenten en uithalen gaven ze de veelal beeldende melodieën het nodige reliëf. Een fraai voorbeeld bood het hierboven genoemde 'Ellen'. Boven een onophoudelijk onrustig ronkende basis van gestreken baslijnen, speelden de gitarist en de altiste diefje met verlos. Daarbij zaten ze elkaar achterna en haalden elkaar in, waarna de rollen weer werden omgedraaid. Heerlijk om mee te maken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden