Review

Vive Charpentier!

Als er één componist schromelijk overschat is, dan is het wel Jean-Baptiste Lully. Volkomen ten onrechte prijkt zijn naam naast het cartouche van Hündel in het Amsterdamse Concertgebouw. Daar beleefde in de Zaterdagmatinee Lully's elfde tragédie lyrique 'Roland' haar Nederlandse première. Nota bene in het jaar waarin we herdenken dat Marc-Antoine Charpentier -in zijn carrière gedwarsboomd door muziekdespoot Lully- 300 jaar geleden stierf. Het zou alle hens aan dek voor Charpentier moeten zijn; diens enige tragédie 'Médée', een sterker werk dan Lully's 'Roland', moet hier nog steeds voor het eerst op de planken komen.

Maar gelukkig konden we een avond eerder in Muziekcentrum Vredenburg genieten van twee heerlijke kameroperaatjes van Charpentier. Op onnavolgbare wijze werden die gebracht door de Franse groep Les Arts Florissants onder leiding van William Christie. Die noemde zijn ensemble 25 jaar geleden naar 'Les arts florissants' (De bloeiende kunsten), een idylle en musique van Charpentier. Als geen ander zette Christie zich in voor de muziek van Charpentier, van wie toen alleen de 'Eurovisie'-mars bekend was. Die zoektocht naar Charpentier heeft de afgelopen kwart eeuw een van de opmerkelijkste re-evaluaties tot gevolg gehad.

Charpentier ging in zijn 'Les arts florissants' soms lekker te keer; de ingewikkelde ritmische zwiep bijvoorbeeld in het Choeur des furies, kom je bij Lully nou nooit tegen. Of de schitterende klacht van Orphée in 'La descente d'Orphée aux enfers'. 'Rends-moi cette rare beauté' (Geef mij die zeldzame schone terug) zong Paul Agnew drie keer; het leverde intense rillingen op. Wat een muziek, en wat een stem!

De uitvoering van 'Roland' door Les Talens Lyriques onder leiding van Christophe Rousset kon nauwelijks beter. Het ensemble en de solisten hadden net zes geënsceneerde voorstellingen achter de rug in de Opera van Lausanne en kenden de partituur als hun broekzak. Schitterende en felle bijdragen van Anna-Maria Panzarella (Angélique) konden echter niet verbloemen dat dit werk van een dodelijke gelijkmatigheid is. Steeds maar weer die driedelige maat, geen dramatische uitschieters, alles très précieux! Ik heb het razen van Roeland in het vierde bedrijf en de feeënmuziek in het vijfde niet afgewacht. Na twee lange uren schitterende eentonigheid was dit wel genoeg Lully. Vive Charpentier!

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden