null Beeld
Beeld

BoekrecensieRoman

Verlangen naar het leven dat elders is, maar niet in Zutphen

Hans Heesen schrijft wat er wel en niet gebeurt in die zomer als de jongen achttien is, nauwkeurig en prachtig op.

Veel gebeurt er niet in het romandebuut van Hans Heesen, titel en omslag van zijn boek doen zoiets al vermoeden. Zo onspectaculair zie je het maar zelden. Neem die foto: een boom, een strandje, een rivier waarop wat boten en iemand die daar, vanonder die boom, naar kijkt. Het leven, lijkt die foto te zeggen, dat zijn de anderen, het speelt zich elders af, hier staat alles stil. Maar uit het voorover buigen van die man in de schaduw, het neigen naar die boten mét bestemming, spreekt ook hunkering: het verlangen naar een leven waarin wel iets opzienbarends gebeurt.

Hoe langer ik naar die foto kijk hoe treffender hij sfeer en stijl weet te treffen van dit, in zijn fluistertoon, opmerkelijke romandebuut van nog geen 125 pagina’s. Een beetje ouderwets ook en met een vleugje Nescio. Het stadje is Zutphen, de rivier de IJssel, de toeschouwer een jongeman die net van school is. Een naam heeft hij niet, deze held uit Heesens roman, maar hij is het ongetwijfeld zelf. Hij wás het. Hier wordt teruggekeken op die zomer waarin zich niets en toch van alles voltrok.

Achttien is de jongen. Twee dagen per week werkt hij in een boekhandel, de rest van de tijd slaat hij stuk met het – à raison van 100 gulden per stuk – schrijven van synopsissen voor films die nooit gemaakt zullen worden en het ophalen van de huur voor een man die een schat aan kamers en etages bezit. Als tegenprestatie mag hij zelf gratis in een van deze huizen wonen.

Hans Heesen Beeld Karin de Haan
Hans HeesenBeeld Karin de Haan

De roman opent met de kennismaking met deze man, wiens roem hem vooruit is gesneld alleen al door de aantrekkingskracht die er voor de jongen van zijn naam uitgaat. ‘Sommige namen zijn moeilijker te vergeten dan te onthouden. Dzinballe was er zo een.’ Een klassieke opening.

Het deed me aan het vroege werk van Paul Auster denken

Er hangt iets mysterieus om deze Dzinballe. Wie is hij? Hoe komt hij aan zijn fortuin? Waarom krijgt hij hem nooit te zien? En waarom moeten zijn huurders hem in contanten betalen? En hoe kan het dat alle huurders van die doorsneenamen hebben? Wat wordt hier verborgen? Wie zijn die Jansens en De Witten en wie o wie is Roa?

Op zijn kamer heeft de jongen een koffertje gevonden met boeken, brieven en vooral ook naaktfoto’s ‘in de geest van de Duitse Freikörperkultur’. Dat koffertje was of is eigendom van deze Roa. Was hij de vorige huurder en in welke betrekking staat hij tot Dzinballe? Antwoorden wil onze held en toegang tot dat mysterie om ‘de intensiteit van zijn leven te vergroten’.

De boeken, de namen, de vragen, het koffertje, het speuren; het deed me aan het vroege werk van Paul Auster denken. Een sfeer die zich naadloos voegde aan die kalme weemoed om dat afwachtende, dat niet echt meedoen.

Op een van de naaktfoto’s herkent de jongen Tanja, die hij van school kent. Hij spoort haar op en natuurlijk ontstaat er, kortstondig, iets moois. Ook Dzinballe zelf zal hij ontmoeten. Hij wordt zelfs toegelaten tot zijn entourage. Hij moet, als de tijd daar is, wat zaakjes voor Dzinballe regelen in Duitsland. En nee dat nieuwe bevindt zich niet daar, maar dichterbij, veel dichterbij. Een uitstapje naar zijn kindertijd voert hem met een omweg naar de plek waar hij moet zijn. Het is van een ontroerende eenvoud. Of, zoals Heesen schrijft: ‘ik probeer zo nauwkeurig mogelijk op te schrijven wat er gebeurde.’ Niet meer en niet minder. Prachtig.

null Beeld

Hans Heesen
Een naderend begin van iets nieuws
IJzer; 120 blz. € 16,50

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden