Review

Veel leuks over bijbelvertalingen Viel satan gewoon uit de hemel of als een bliksem ?

Dr. H. W. den Hollander (red.), Spectrum van bijbelvertalingen. Boekencentrum, Zoetermeer; 140 blz., Fl. 24,50. Drs. G. W. Lorein (red.), Naar een nieuwe bijbelvertaling? Groen & Zoon, Leiden; 124 blz., Fl. 19,95.

Dr. H. W. den Hollander, die verbonden is aan de theologische faculteit van Leiden, heeft de eindredactie in handen gehad en verschillende auteurs vertellen over bekende vertalingen, zoals de Statenvertaling, de Nieuwe vertaling en de Willibrordbijbel, en over minder bekende, zoals het Nieuwe Testament van Voorhoeve en de lutherse vertaling.

In deze bundel staan veel leuke dingen. Toen de Statenvertaling gedrukt werd stond de spelling van onze taal nog niet helemaal vast en daarvan maakten de zetters een handig gebruik. De Statenvertaling werd nog met de hand gezet en wanneer de zetters te veel wit overhielden maakten ze een woord gewoon een beetje langer: het werd dan 'schildt' in plaats van 'schilt', of 'ghesien' in plaats van 'gesien.'

Belangrijker dan deze wetenswaardigheden zijn de vertaalprincipes waarvan vertalers uitgaan. De vertalers van de Statenvertaling kregen de opdracht de karakteristieke eigenschappen van de grondtalen zoveel mogelijk te respecteren, en toch ook rekening te houden met de taal van de Deux Aesbijbel, waaraan de mensen al gewend waren. (Deze Deux Aesbijbel was tot stand gekomen op grond van een vertaling uit het Grieks voor het Nieuwe Testament, en uit een Nedersaksische versie van de lutherse bijbelvertaling voor het Oude Testament).

In Den Hollanders bundel komt ook de vraag aan de orde of er idiolect of dynamisch-equivalent vertaald moet worden. Vertaal je idiolect dan vraag je je af: hoe krijg ik wat er in het Hebreeuws of het Grieks eigenlijk staat zo goed en zo kwaad als het gaat in het Nederlands, ook al klinkt dat dan raar. Vertaal je dynamisch-equivalent dan vraag je je af: wat heeft de bijbelschrijver bedoeld en hoe zouden wij dat nu zeggen? In de idiolecte vertaling van P. Oussoren luidt het begin van de Tien Geboden zo: “Ik ben de AANWEZIGE, God-overjou, die jou hebt uitgeleid uit het land van Mitsra, uit het diensthuis. Niet zal (d) er voor jou wezen: àndere goden, bij mijn aanschijn!” In de dynamisch-equivalent vertaalde Groot-Nieuwsbijbel krijg je bij het begin van de Tien Geboden iets heel anders: “Ik ben de Heer, jullie God. Ik heb je uit Egypte gehaald, uit dat slavenoord. Houd er geen andere goden op na. Ik ben er immers.”

Maar als je kiest voor een idiolecte vertaling ben je nog niet uit de problemen, want hoe ver kun je gaan? Moet je in Genesis 12:4b vertalen: “En Abram - zoon van vijf jaren en zeventig jaar bij zijn uittrekken uit Haran?” En moet je de vele deelwoorden in het Grieks van het Nieuwe Testament handhaven, zodat Mattheüs 1:19 wordt: “Jozef nu, de man van haar, rechtvaardig zijnde en niet willende haar aan de kaak stellen, wenste op verborgen wijze van haar te scheiden?”

Uit een artikel in Den Hollanders bundel over Joodse vertalingen blijkt dat daar de dingen anders liggen. In een Joodse vertaling staat de oorspronkelijke, Hebreeuwse tekst er altijd bij en een vertaling in het Nederlands is alleen maar een hulpmiddel om in die tekst te komen. Zo vertaalt Dasberg, die de jongste vertaling van de Torah in het Nederlands heeft verzorgd zonder meer dynamischequivalent. Het begin van de Tien Woorden luidt bij hem zo: “Ik ben de Eeuwige, je God, die je heeft uitgevoerd uit het land van Egypte, uit het slavenhuis. Laten er geen andere goden voor je zijn naast Mij.”

Andere zorgen spreken uit de door drs. G. W. Lorein, geredigeerde bundel artikelen over de komende nieuwe vertaling. Lorein, docent aan een in deze bundel niet gelocaliseerd Internationaal Theologisch Instituut, en zijn medewerkers komen uit de evangelische en reformatorische hoek. Zij vragen zich af of degenen die aan de nieuwe vertaling werken wel voldoende vertrouwd zijn met de boodschap van de Bijbel om dit werk goed te kunnen volbrengen. In Lucas 10:18 ziet Jezus satan als een bliksem uit de hemel vallen en zij vinden dat de inhoud van de bijbel geweld zou worden aangedaan als in de nieuwe vertaling zou komen te staan dat Jezus satan uit de lucht zag vallen.

Het liefst zouden Lorein en de zijnen de nieuwe vertaling als een studiebijbel zien, waarin duidelijk wordt aangegeven waar de grondtekst onzeker is en waar, naar eer en geweten, verschillende vertalingen mogelijk zijn.

Lorein heeft dr. E. W. Tuinstra, wetenschappelijk secretaris van het Nederlands Bijbelgenootschap, gelegenheid gegeven in te gaan op de in zijn bundel te berde gebrachte bedenkingen. Tuinstra doet dat behoedzaam omdat nog niet helemaal duidelijk is hoe er aan de nieuwe vertaling gewerkt gaat worden. Je krijgt uit zijn artikel wel de indruk dat het de bedoeling is in zinsbouw en woordgebruik de grondtalen zoveel mogelijk te respecteren.

Toch zullen de werkers van het Nederlands Bijbelgenootschap en de Katholieke Bijbelstichting er rekening mee houden dat hun vertaling niet begroet zal worden met het gejuich dat lang geleden de Statenvertaling is ten deel gevallen. Daarvoor zijn er in ons land te veel mensen die weten hoe het moet.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden