Van Gogh vangt 'absolute rust' van Japanners

Van Goghs interpretatie van een courtisane, een vrouw van lichte zeden. Beeld Frank Castelein

Een grootse tentoonstelling in Amsterdam toont de bewondering van Vincent van Gogh voor Japan.

Vincent van Gogh, 35 jaar oud, zit in de trein van Parijs naar Arles, Zuid-Frankrijk. Onrustig kijkt hij uit het raam, besneeuwde velden trekken aan hem voorbij. Brandende vraag, zo schrijft hij later: 'Is het al Japans?'

Al heeft hij er nooit een voet gezet, Van Gogh en Japan horen bij elkaar. Het is geen toeval dat de kunstenaar juist dáár zo populair is en dat het Amsterdamse Van Goghmuseum veel Japanse sponsors heeft: Van Gogh was dol op de beeldtaal van de Japanse prenten en verwerkte die op allerlei manieren in zijn eigen werk. De komende maanden is dat te zien in Amsterdam. Nadat de tentoonstelling op drie locaties in Japan in totaal 750.000 bezoekers trok, is hier de laatste halte.

De tentoonstelling begint, nog wat weinig verrassend, met een standaardvergelijking: drie Japanse prenten met daarna Van Goghs interpretatie in schilderij ernaast. Een pruimenboomgaard, een courtisane, een uitzicht op een brug. Vooral dat laatste, van bovenaf, schuin, met een paar mensfiguren die zich verstoppen onder hun ronde hoofddeksels, is opmerkelijk: het regent. Dat is typisch Japans; in westerse kunst is het hooguit bewolkt.

Van Gogh maakte deze eigen interpretaties van de bekende werken - twee van Hiroshige, toen al een grote naam, en een van een courtisane naar een prent van Eisen - in 1887. Dit waren zijn eerste werken naar Japans voorbeeld, krap drie jaar voor zijn dood. Bij de meeste kunstenaars zou je dan weinig materiaal hebben om welke invloed of inspiratiebron dan ook te laten zien in een tentoonstelling, maar Van Gogh hoort niet bij de meeste kunstenaars. En het Van Gogh Museum ook niet bij de meeste musea.

Nadat in 1854 na twee eeuwen isolatie Japan haar grenzen opende, was er een levendige handel ontstaan in Japanse kunstvoorwerpen. Vazen, porselein, en dus ook de prenten kwamen in grote hoeveelheden naar het Westen. De Ukiyo-e, letterlijk 'beelden van de vluchtige wereld', waren meerkleurige houtsnedes met voor westerse begrippen ongebruikelijke composities en kleuren. Vooral in Parijs sloeg de verzamelwoede toe. De gebroeders De Goncourt vergeleken de tinten in 1861 met 'de kleuren van een vederkleed, schitterend als emailwerk, fascinerend als een toverspiegel.'

In de tentoonstelling maken we kennis met Agostina Segatori, eigenares van een bar in Montmartre en geliefde van Van Gogh. Hij schildert haar, gezeten aan een tafeltje. Het gaat hier niet om haar, maar om de achtergrond: aan de muur hangt een Japanse prent, een echte. In het voorjaar van 1887 kocht Van Gogh bij Kunsthandelaar Bing een grote partij tweederangs Japanse prenten, hij mocht ze in Segatori's café tentoonstellen en probeerde ze te verkopen.

Brug in de regen. Typisch Japans, in de westerse kunst is het hooguit bewolkt. Beeld Frank Castelein

Geluk bij een ongeluk

De Parijse barbezoekers waren duidelijk al een beetje uitgekeken op de prenten, of ze zagen dat het inferieure kwaliteit was, en kochten niets. Een geluk bij een ongeluk: Van Gogh houdt de prenten en gaat ze bestuderen. Dan krijgt hij zelf de Japankoorts: hij ziet in de het kleurgebruik en de compositie van Japanse kunstenaars dé oplossing voor zijn eigen kunst. Zijn achtergrondkennis blijft intussen beperkt, hij heeft waarschijnlijk slechts twee artikelen over het land en de kunst gelezen.

In de tentoonstelling hangen de prenten aan lange banieren, ertegenover de schilderijen van Van Gogh. Het is een tentoonstelling die uitnodigt tot vergelijkingen, stapje voor stapje zie je hoe Van Gogh één aspect van de prenten overneemt en ermee experimenteert. Je hebt er weinig uitleg bij nodig: hier steeds weer een schuine lijn op de voorgrond. Of hier, bij de wereldberoemde slaapkamer: precies dezelfde kleuren als op sommige Japanse prenten, een ingehouden penseelstreek. Hij wilde de 'absolute rust' vangen die ook in de Japanse prenten zat. De tekeningen die hij maakte, zijn op weer een andere manier geïnspireerd door de Japanse technieken: streepjes, stippels, arceringen, onmogelijk om geen overeenkomst met de Japanse voorbeelden te zien.

En dan reist hij dus naar Arles, om daar, net als de schilders in Japan, een kunstenaarsgemeenschap te stichten. 'En de landschappen in de sneeuw met de witte toppen tegen een hemel even helder als de sneeuw, waren net als de winterlandschappen die de Japanners hebben gemaakt', schrijft hij nog over zijn reis. Vincent schrijft ook aan zijn broer Theo dat hij geen nieuwe prenten nodig heeft, hij ís immers in Japan. En, hoe ver kan je gaan, hij ziet zichzelf als een Japanner: op een zelfportret beeldt hij zichzelf af met deels weggeschoren hoofdhaar, in bruin-gelige tinten.

Van Gogh lijkt zijn eigen paradijs te hebben gevonden in de Provence. Hij schrijft: 'Het weer hier blijft mooi en als het altijd zo was, zou het beter zijn dan het paradijs der schilders, dan zou het helemaal Japan zijn'. Paul Gauguin komt, de kunstenaar met dat ándere paradijs voor ogen, in de Stille Zuidzee. Hij stuurt Van Gogh, voordat ze met ruzie uit elkaar gaan, naar nog meer experimenten: grote voorwerpen op de voorgrond, radicale afsnijdingen, zoals bij het, alweer zo bekende, schilderij van de appelbloesem.

Zelfs de beroemde portretten die Van Gogh maakt, nog stééds in 1888, blijken geïnspireerd op Japanse prenten. De prachtige 'Arlésienne' is te gast uit New York, en zit tegen precies die gele achtergrond die ook in de prenten is te zien. Na het verblijf in de inrichting, onderweg naar Auvers in 1890, ziet Van Gogh in Parijs nog een laatste tentoonstelling van Japanse prenten.

Een van de laatste schilderijen van de tentoonstelling is opnieuw een verrassing: 'Regen' in Auvers, met grijze krassen heeft Van Gogh opnieuw dat in de westerse kunst zo ongebruikelijke onderwerp gekozen. Een scène uit zijn paradijs.

Exposities

'Van Gogh en Japan' is tot 24 juni te zien in het Van Gogh Museum in Amsterdam. Tegelijkertijd is er in de Mesdag Collectie in Den Haag een kleine presentatie van de toegepaste-kunstverzameling die Hendrik Willem Mesdag in zijn museum en atelier verzamelde. www.vangoghmuseum.nl

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden