Review

Vaderlandse geschiedenis in plaatjes

Cultuursomberaars zwaaien ermee in het debat over integratie: autochtoon en allochtoon moeten eindelijk weer eens onderricht worden in de (Nederlandse) vaderlandse geschiedenis. Uitgeverij Waanders presenteert een prentenboek dat op vriendelijke wijze wil dienen als een chronologische kapstok voor wie eraan wil of moet geloven.

A. Th. van Deursen

Wie jonger is dan veertig jaar heeft op school waarschijnlijk nooit vaderlandse geschiedenis geleerd, en wie ouder is zal het meeste wel vergeten zijn. De uitgeverij Waanders heeft al verschillende pogingen gedaan die beide kwalen te verhelpen. In dat kader past ook het onlangs verschenen 'Vaderlandse Geschiedenis Boek'.

Het titelblad vermeldt geen schrijver of redacteur, maar uit het Woord vooraf blijkt dat de verantwoordelijkheid berust bij een groot auteurscollectief, bestaande uit medewerkers van het Nationaal Archief in Den Haag. Wie dagelijks met archieven omgaat, doet soms verrassende vondsten, en ik denk dat dit boek daaraan zijn ontstaan te danken heeft. Iemand was bezig met het archief Croiset en zag daar een takje van de vrijheidsboom, die in 1795 op de Dam geplant werd. Een ander trof in het archief van het ministerie van koloniën kleine zakjes met koffiebonen aan. Een derde ontdekte in het archief van het ministerie van binnenlandse zaken een heel oude tekening van een stoomboot. En dan zijn er nog de gouaches van Carel Vosmaer, de tas van Napoleon, en tal van prachtige kaarten.

Zo werd naar ik vermoed het idee geboren, een historisch platenboek samen te stellen met materiaal, dat hoofdzakelijk afkomstig was uit het Nationaal Archief.

Het bleek een dik boek op te leveren. Ruim vierhonderd afbeeldingen zijn hier bijeengebracht, steeds voorzien van korte toelichtende teksten. De bedoeling is dat de volwassen gebruiker al bladerend zijn herinneringen aan het vaderlands verleden weer wat aanscherpt, terwijl de scholier met behulp van dit boek beter kan onthouden wat hij in de geschiedenislessen geleerd heeft, zoals we dat vroeger deden met een historische platenatlas.

Of alle illustraties aan ons doorzicht of geheugen altijd maximale steun bieden weet ik niet zo zeker. Wie het boek op een willekeurige plaats opslaat loopt grote kans een foto van een archiefstuk aan te treffen. Heel begrijpelijk, dat deze ploeg groot vertrouwen heeft in de zeggingskracht van papier en perkament, en het is natuurlijk ook best aardig om eens de rekening te zien van de kosten gemaakt voor het eerste huwelijk van Jacoba van Beieren, of misschien zelfs de Stichtse landbrief van 1375.

Maar stukken zijn er om gelezen te worden. Wie dat kan, omdat hij het oude schrift machtig is, heeft een goed vergrootglas nodig en slaagt ook dan niet altijd, met deze sterk verkleinde opnamen. Wie niet vertrouwd is met handschriften uit vroeger eeuwen ontvangt geen enkele hulp. Volgens mij zal hij spoedig wat moe worden van al die oorkonden, traktaten en journalen, en verlangen naar levendiger taferelen.

Die staan er ook wel in. Vooral van de latere eeuwen krijgen we een gevarieerder beeld, met grote spreiding naar onderwerpen: Wubbo Ockels even goed als Ard Schenk, de Dolle Mina's met evenveel recht als de invoering van de btw.

Het is aldus een ruim gesorteerd platenboek geworden, waarin de door iedereen verwachte onderwerpen afwisselen met ongedachte verrassingen. Enige voorkennis blijft noodzakelijk. Het boek is niet bestemd voor lezers die op nul beginnen, al zullen zij er misschien met de hulp van internet nog uitkomen. Internet is iets voor moderne mensen, en dat past goed bij deze uitgave.

Zo'n veertig jaar geleden lachte heel Nederland over een minister, die in een televisie-uitzending zijn collega's heel familiair met naam en voornaam noemde. Toen zou niemand in het publiek gesproken hebben van 'Pieter Oud'. In dit boek gebeurt dat wel, niet alleen met deze Pieter, maar ook met 'Henri Marchant' of 'Gerrit Kersten'. Mij komt het anachronistisch voor, maar dat doet je weer eens beseffen dat we eigenlijk altijd zo'n ietwat bedenkelijke omgang met het verleden hebben, dat haast onvermijdelijk gepresenteerd wordt in de taal en begrippen van onze eigen tijd. Laten we er dus maar aan wennen. Net zoals we nu Wim Kok en Jan Peter Balkenende kennen, zo waren er vroeger Charles Ruijs de Beerenbrouck en Louis Joseph Maria Beel. Wel gaat er dan een nuance verloren. De voornaam was vroeger voorbehouden, aan de groten, zoals Willem Drees en Hendrikus Colijn. Daar hoorde Charles niet bij. Louis misschien wel, maar toch meer in zijn rol van éminence grise dan in die van minister-president.

Een anachronisme dat mij wel hindert is dat voor de zestiende en zeventiende eeuw steeds sprake is van 'de protestantse kerk', die het product is geweest van een proces dat 'de voortwoekerende protestantisering' genoemd wordt. Dat vormt dan een lelijke smet op het vaderlandse verleden, tenzij een neutraler term dan 'voortwoekeren' toch beter op zijn plaats geweest was.

Afsluitend zou ik zeggen dat het 'Vaderlandse Geschiedenis Boek' vooral te beschouwen is als een opmerkelijke tour de force. Het is een geslaagde poging om met behulp van één grote collectie de Nederlandse geschiedenis in woord en beeld zo volledig mogelijk te presenteren. Dat stempelt het tot een opmerkelijk curiosum. Verdere pretenties zal het boek wel niet hebben.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden