Recensie

Transgenders zijn niet langer ‘eenzaam, zwak en a-seksueel’

Beeld RV

Alex Bakker schrijft de eerste geschiedenis van de transseksualiteit in Nederland. Hij spreekt uit ervaring.

Alex Bakker
Transgender in Nederland Een buitengewone geschiedenis
Boom; 288 blz.
€ 24,99

Transgenders hadden last van een waan. Zij moesten worden geholpen met psychotherapie en niet met geslachtsveranderende operaties. Tot die conclusie kwam een door de Gezondheidsraad ingestelde commissie midden jaren zestig van de vorige eeuw. 

“De tot vrouw ‘omgevormde’ man kan geen kinderen baren, de tot man ‘omgevormde’ vrouw kan geen kinderen verwekken. De operatie heeft geen ander effect, dan dat de geopereerde in staat wordt gesteld met min of meer kans op succes de rol te spelen tot het andere geslacht te behoren.” 

De deskundigen in de commissie hadden zich voornamelijk beperkt tot literatuurstudie en verder nog twee psychiaters-seksuologen gehoord. Met transgenders zelf was niet gesproken.

De pers nam de conclusies klakkeloos over. NRC Handelsblad stelde dat “een zekere categorie jongemannen zich laat transformeren met het doel in ’n cabaret op te treden, of als prostituee”. 

Het Vrije Volk schreef: “Een typerend verschil is, dat transsexisten bereid zijn hun geslachtsdelen te offeren, terwijl homoseksuelen juist veel prijs stellen op het bezit ervan. Een ander verschil is, dat transsexisten altijd psychisch vrij ernstig gestoord zijn. Dit houdt het gevaar in van ‘psychische infectie’.” 

Zelfs het magazine van de Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming (NVSH) uitte zich denigrerend: “In wezen blijft de geopereerde schijn-man of schijn-vrouw, voor wie geen voldoening gevend seksueel leven meer mogelijk is en die is gedoemd tot een eenzaam, zwak en a-seksueel bestaan.”

Perverselingen en freaks

Lange tijd werden transgenders tot de gestoorden, perverselingen en freaks gerekend. Een lange, moeizame maar gestaag vorderende emancipatiestrijd veranderde dat. Alex Bakker legt dat gevecht vast in het boek ‘Transgender in Nederland. Een buitengewone geschiedenis’. 

De auteur is behalve historicus ook ervaringsdeskundige, want zelf een transman. Hij schreef eerder zijn persoonlijke geschiedenis op in ‘Mijn valse verleden’. Daarin ging het onder meer over het verdoezelen van zijn vrouwelijke jaren voor de transitie.

Nog altijd is het niet louter hosanna rond transgenders. Uit vorig jaar gepubliceerd onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau blijkt dat ze vaker een laag inkomen hebben en minder vaak betaald werk hebben. Wellicht is de tolerantie toch minder groot dan gedacht. 

En waar de meeste Nederlanders misschien niet meer opkijken van mannen die in vrouwen veranderen of andersom, stuiten mensen die permanent tussen beide seksen verkeren misschien nog wel op onbegrip. In elk geval werd ‘genderneutraal’ in een verkiezing van het Instituut voor de Nederlandse Taal verkozen tot het irritantste woord van 2017.

Tolerantie

Maar in vergelijking met de helse situatie in de jaren vijftig van de vorige eeuw is de tolerantie hoe dan ook ontzettend toegenomen. Bakker begint zijn ‘buitengewone geschiedenis’ op het moment dat artsen zich het leed van de transgenders gingen aantrekken. Die hadden geen enkel ‘loket’ om zich te melden. Transmannen leken niet te bestaan. Transvrouwen waren hooguit zichtbaar aan de zelfkant van de samenleving: in nachtclubs en in rosse buurten.

Enkele pioniers trokken zich het lot van de transgender aan. De medicus/wetenschapper Otto de Vaal groeide uit tot een vertrouwensfiguur. Chirurg Philip Lamaker durfde het aan om te opereren. 

Ook in medische kringen was de weerstand lang groot. Verslagen van ingrepen in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde konden rekenen op ontzette reacties van collega-artsen. Ze spraken van ‘bizarre operaties’ en van ‘een vrouw, die door misdadige medische hand is gemaltraiteerd en verminkt’.

Kritische geluiden

Maar er kwam ook steun van vakgenoten. Nota bene het academisch ziekenhuis van de gereformeerde Vrije Universiteit professionaliseerde de hulp aan transgenders verder en deed wetenschappelijk onderzoek. Nederland werd stilaan een gidsland voor de rest van de wereld.

Dezelfde media die midden jaren zestig nog vooral bestaande vooroordelen bevestigden, hielpen later mee om de weg te plaveien voor de emancipatie van de transgenders. Programma’s als Koos Postema’s ‘Een Klein Uur U’, ‘Sonja’s Goed Nieuws Show’ en ‘Rondom Tien’ lieten transgenders zien en discussieerden over de problematiek. 

Het taboe was nog groot. ‘Rondom Tien’ had normaal gesproken een zaal vol betrokkenen, maar anno 1987 wilden velen nog niet geassocieerd worden met het onderwerp. De NCRV liet het genderteam van de VU extra publiek ronselen.

Kritische geluiden waren er ook. Publicist Emma Brunt vroeg zich in 1981 in de Haagse Post af of sekseverandering niet te positief werd voorgesteld. Transvrouwen vond ze narcististen met een ouderwets vrouwbeeld. Een psychiater viel haar bij: “Al die OH-verhalen over een ‘vrouwelijke geest in een mannelijk lichaam’, daar geloof ik helemaal niets van.”

Zichtbaarheid

Maar in elk geval was er debat en zichtbaarheid. Recentelijk leverden ook televisieprogramma’s als ‘Hij is een Zij’ (KRO) en ‘Love me Gender’ (EO) daar hun bijdrage aan.

De door Bakker opgetekende persoonlijke verhalen van transgenders, illustratieve intermezzo’s in het boek, maken duidelijk hoe belangrijk de media-aandacht was. Na het lezen van artikelen en zien van programma’s voelden transgenders zich minder alleen, werd hun duidelijk dat ze met hun omgeving over hun situatie konden praten en dat er professionals bestonden die hen verder konden helpen.

Ook extravagante verschijningen als Kelly uit de realitysoap ‘Big Brother’ en de Israëlische songfestivalwinnares Dana International dienden soms als rolmodel.

Tegen de stroom in

‘Transgender in Nederland’ vertelt een fascinerende geschiedenis, maar kent beperkingen. Iets meer aandacht voor de transgenders van voor 1950 had niet misstaan in een boek van deze omvang. 

Bakker heeft ook een beetje de neiging om er een verhaal met cowboys met witte en met zwarte hoeden van te maken. De weerstanden tegen transgenders worden - terecht- breed uitgemeten. Het amateurisme van een deel van de heldhaftige pioniers die hulp boden, of de conflicten in die kringen, komen er soms wat bekaaid vanaf.

Daar staat tegenover dat die bewondering voor het tegen de stroom in durven gaan wel enigszins begrijpelijk is. De auteur is trouwens de bescheidenheid zelve: zijn transgendergeschiedenis is bedoeld als een eerste poging om de historie vast te leggen en ‘zeker niet uitputtend’. Hij hoopt anderen te inspireren tot vervolgonderzoek. Dat zou met dit hoopvolle begin van de transgender-historiografie moeten lukken.

Lees hier meer boekrecensies van Trouw. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden