De eerste aflevering van Tom Poes, op 16 maart 1941 in De Telegraaf. Beeld @Stichting het Toonder Auteursrecht
De eerste aflevering van Tom Poes, op 16 maart 1941 in De Telegraaf.Beeld @Stichting het Toonder Auteursrecht

InterviewsJubileum Tom Poes

Tom Poes is jarig. ‘Hij heeft me meer beïnvloed dan Tolstoj’

Vandaag tachtig jaar geleden stond de eerste Tom Poes-strip in de krant. De creatie van Marten Toonder inspireerde filmregisseur Paul Verhoeven om te gaan filmen. Collega Alex van Warmerdam vindt Tom Poes een zeikventje, maar kan toch niet van de boeken afblijven: ‘Ik lees hem voor het slapengaan, als een kind.’

Het is nog geen ander Nederlands stripfiguur gelukt: een eigen Disney-achtig pretpark krijgen waar fans zich kunnen laven aan alles wat leuk is aan de strip. Tom Poes wel. En nog steeds worden ook Tom Poes-verhalen opnieuw uitgegeven, zoals eind deze maand bij uitgeverij Rubinstein De Blaasgeest, als Gouden Boekje. Het verhaal is een bewerking van het gelijknamige stripverhaal dat in 1964 in Revue stond en in 1981 in de Donald Duck.

Dat pretpark zal verrijzen in Groenlo, in de Achterhoek, het gebied met de meeste kastelen in Nederland en dus passend bij de sfeer van de strip. Waarschijnlijk wordt nog dit jaar – waarin Tom Poes zijn tachtigjarig bestaan als stripfiguur viert – begonnen met de bouw van Pretpark Bommelwereld, zoals het gaat heten: een park van 10.000 vierkante meter bij het al bestaande vakantiepark Marveld. Wat is daar straks te beleven? Er komt een kasteel Bommelstein, een Bommel-bioscoop waar Bommelfilms te zien zijn en er komen attracties, zoals een achtbaan. Alles in de magische sfeer van Rommeldam, de Zwarte Bergen en het Donkere Bomen Bos, zo wordt ons beloofd.

Inspiratie voor hele generaties

Tom Poes en zijn vaste metgezel Olivier B Bommel van Marten Toonder (1912-2005) zijn Nederlands cultureel erfgoed, hele generaties groeiden met hen op. Nog steeds zijn er fans die strips uitwisselen op verschillende Facebookgroepen, zoals Tom Poes en Heer Bommel Krantenstrips (ca. 1900 leden), Olivier B Bommel en Tom Poes (ca. 4000 leden) en de Martentoonderfanpage (ca. 3300 leden).

De allereerste aflevering van De avonturen van Tom Poes stond op 16 maart 1941 in De Telegraaf. In de kranten van het bezette Nederland mochten geen Amerikaanse Disney-strips meer staan, en Toonder werd gevraagd een nieuwe strip te maken. Het was de vrouw van Toonder, Phiny Dick, die de naam van het hoofdpersonage bedacht na een bezoek aan de bakker. Zij tekende en schreef ook de eerste afleveringen. Na zes weken nam Toonder het over.

Pas toen verscheen Bommel ten tonele: de naïeve, enigszins domme beer die zich vaak in de nesten werkte. Anders dan Tom Poes, zijn ‘jonge vriend’, de denker, de slimme kater die altijd op zijn hoede was en altijd een list wist te verzinnen. Later kwamen er allerlei andere figuren bij, zoals trouwe bediende Joost, markies de Canteclaer, burgemeester Dickerdack en buurvrouw Doddel.

Tijdloos en vooral niet moraliserend

In het begin was Tom Poes een sprookjesachtige kinderstrip. Later werd die geliefd bij volwassenen, werd het soms zelfs literair proza waarin maatschappelijke thema’s werden aangesneden. Zo ging het over de generatiekloof, vreemdelingenhaat, kernenergie en milieuvervuiling. Maar dat de verhalen tijdloos waren, vond Toonder belangrijk. Hij hield de lezers niet meer dan een spiegel voor, wilde niet moraliseren.

Altijd stonden in de tekeningen en verhalen wel subtiele verwijzingen, ook in de eerste jaren al: mannen met grote leren laarzen aan en helmen op stonden symbool voor de nazi’s, die de strip in 1944 verboden. In dat jaar werd de SS’er Henri Holdert hoofdredacteur van De Telegraaf en meldde Toonder zich ziek. In een laatste tekening liet Toonder Tom Poes en Bommel ‘onderduiken’, ze verdwenen half onder water.

Na de oorlog kwamen Tom Poes en Olivier B Bommel in dezelfde vorm terug in NRC en de Volkskrant en later in veel andere kranten en boeken. Omdat Toonder steeds meer in beslag werd genomen door zakelijke kwesties werd het creatieve team uitgebreid, onder anderen met tekenaar Dick Matena. Credits geven aan zijn medewerkers was helaas niet aan Toonder besteed. Toen hem in 1982 bij Sonja Barend werd gevraagd of hij nog steeds alles zelf tekende, hij was toen 70, zei hij: “Ja, dat doe ik helemaal zelf.”

Tekenaars en filmmakers, ze zijn gegrepen door de wereld van Rommeldam

Striptekenaar Dick Matena (77):

Het is het gevoel van kastelen en warm haardvuur

“Ik begon in 1960 op mijn zeventiende, in het begin onbetaald, te tekenen bij de Toonder Studio’s. Ik tekende aan drie dagstrips mee: De Grauwe Razer, De Bovenbazen en De Wilde Wagen. Die stonden in de Volkskrant en in de NRC. Ik kan Tom Poes nog steeds zo uit de losse pols tekenen, ja. Voor uitgeverij Panda teken ik nu alleen nog de boekcovers van de Tom Poes-serie die in de Donald Duck heeft gestaan.

Toonder is dus tot november 1944 bij De Telegraaf gebleven, wat hem lang is nagedragen, ook door medewerkers van de Toonder Studio’s. Ik werd daar een keer bij de administratie geroepen. Ze legden een Telegraaf voor me neer uit 1944, met op de voorpagina een rede van NSB-leider Anton Mussert, met de Tom Poes-strip binnenin. Hoe denk je nu over Tom Poes, vroegen ze.

Tom Poes is een leeg figuurtje, een reiziger die toevallig is blijven hangen, net als Kuifje, de anderen zijn de karakters, die maken het leuk. Hij heeft als enige ook geen eigen taal. Op het laatst werd de taal in de strip te belangrijk. Tom Poes veranderde niet, maar Bommel werd een wauwelende idioot.

Tom Poes staat voor mij voor de wereld van Toonder, die ik tot zijn sterfbed in het Rosa Spierhuis heb meegemaakt, want we raakten bevriend. Als werkgever was hij niet echt plezierig, zeker op het laatst niet. Hij kwam op een voetstuk te staan, waar hij eerst nog lacherig over deed, maar later te veel ging geloven in zijn eigen legende.

De strip geeft me nog steeds een veilig gevoel, de kastelen, de warmte van haardvuur, je komt terug in de tijd dat het allemaal leuker was. Ik ken veel mensen die in Toonder-jargon schrijven, het is besmettelijk, die ook zo praten, niet fijn. Weet je wat het ergste was wat je Toonder kon aandoen? In een geruit Bommeljasje bij hem aankomen.”

Striptekenaar Henrieke Goorhuis (30):

Tom Poes is lekker kritisch en chagrijnig

“Ik teken Tom Poes sinds vijf jaar voor de Toonder Compagnie. Toen kwam er een nieuw Bommelverhaal uit, Het Lastpak, dat ik helemaal heb geïllustreerd.

Met mijn vriend en collega striptekenaar Tim Artz heb ik het logo voor dat nieuwe Bommelpark gemaakt en ook het Gouden Boekje De Blaasgeest dat nu uitkomt. Ik deed er grotendeels de lay-out van en de personages, hij de achtergronden en inkleuring.

Ik ben vooral met Donald Duck opgegroeid. Ik hoorde voor het eerst pas echt van Tom Poes toen ik tussen 2007 en 2009, vanaf mijn zeventiende, aan het begin van de nacht op de radio naar Hoorspel Bommel luisterde, met acteur Jacob Derwig als Tom Poes. Als ik Derwig nu op de radio een commercial hoor inspreken, dan hoor ik Tom Poes.

Op stripbeurzen viel ik als meisje altijd wel op tussen de mannelijke stripverzamelaars en -tekenaars, ja. Online zie ik wel meer vrouwen actief als striptekenaar.

Zelf ben ik op mijn zeventiende als tekenaar mijn eigen bedrijf begonnen, school ging niet meer. Het is gelukt, ik doe nu wat ik het liefste doe.

Mijn stijl van tekenen zit het dichtst bij mijn favoriete periode dat Tom Poes werd getekend, in de jaren zeventig door Toonder en Piet Wijn. Omdat Donald Duck vooral in mijn geheugen zit, zit in mijn tekeningen veel Disney, dus veel ronde vormen.

Ik hou wel van Tom Poes, hij is lekker kritisch en chagrijnig, maar ook erg grappig als hij met zijn ogen gaat rollen als Bommel weer iets belachelijks zegt.”

Filmregisseur Alex van Warmerdam (68):

Toonder bedient me wel, met zijn troostloze landschappen

“Ik ben een liefhebber. Ik lees de boekjes nog steeds soms voor het slapengaan, als een kind. Ze zijn op de een of andere manier troostrijk. Het is de sfeer die me aantrekt: van moerassen, mist, bossen, eenzame eilanden, list en bedrog.

Tom Poes is vooral een zeikventje, ik neem hem op de koop toe. Het is eigenlijk heel vreemd dat hij de titelrol speelt. Kuifje, eveneens geen opwindend karakter, verdient de titelrol wel. Hij is weer geen zeikerd, hij neemt het initiatief en is niet te beroerd om het gevaar op te zoeken.

Tom Poes zegt eerst pagina’s lang ‘hm’ voordat hij in actie komt. Als ik met Tom Poes op vakantie moest, zou ik proberen hem van mij af te schudden. Misschien hem een duwtje geven aan de rand van een ravijn.

Ik heb gemerkt dat ik tijdens het lezen van Tom Poes niet echt naar hem kijk. Ik kijk naar Bommel en Joost en Dickerdack en kapitein Walrus, maar nooit naar Tom Poes, hij is er wel, maar hij hangt op de rand van mijn blikveld.

Ik ben Tom Poes pas gaan lezen toen ik volwassen was, die heruitgaven met die lelijke omslagen van zijn vrouw. Die hang naar moerassen, mist en bossen had ik al toen ik jong was en Toonder nog niet kende. Ik heb van mijn negende tot mijn veertiende op loopafstand van een moeras gewoond.

Toonder heeft mij weliswaar nooit geïnspireerd voor zover ik weet, maar hij bedient mij wel, met zijn troosteloze landschappen, zwarte bergen en bleke nevels. Zijn decors vormen voor mij de grote aantrekkingskracht.”

Filmregisseur Paul Verhoeven (82):

Zonder Tom Poes had ik Robocop niet gemaakt

“Ik ben blij dat Marten Toonder zo lang mogelijk bleef doortekenen in de oorlog. Het was de tijd dat ik begon te lezen. Ik denk niet dat ik mijn film RoboCop (Amerikaanse sciencefictionfilm uit 1987, red) had gemaakt zonder dat ik Tom Poes in het land van de blikken mannen had gelezen. Hij komt op een eiland dat wordt geregeerd door robots. Je kon er ook de bezetting van de nazi’s in lezen. Zo las ik het in elk geval.

Het verhaal verscheen in 1942, ik las het als boekje toen ik zes of zeven was, ik was heel ontvankelijk, ik verslond het.

Vond Alex van Warmerdam Tom Poes een zeikventje? Dat was hij helemaal niet. Ik zou bijna iets verkeerd zeggen, dat doe ik niet. Haha. Nee, ik genoot van hem.

Ik vond Tom Poes te gek, hij was degene die altijd op avontuur ging, met een knapzak op z’n rug, was ondernemend. En hij won altijd, wist de zaken recht te trekken, op te lossen, je wachtte op volgende avonturen, het was positief, dat sprak mij het meest aan.

Later werd de figuur van Bommel belangrijker en werd de strip politieker. Ook Tom Poes en de rare uitvinding en Tom Poes en de superfilm-ondernemer vond ik geweldig.

Tom Poes heeft me begeleid bij het leren lezen tot mijn twaalfde, me een visie gegeven op het leven in die tijd, net als Dick Bos, later ging ik over op Kuifje.

Ik weet zeker dat Tom Poes me meer heeft beïnvloed dan Tolstoj of Dostojevski.”

Lees ook:

Tom Poes in het museum

Tom Poes is verhuisd naar het Letterkundig Museum in Den Haag. De erven van zijn geestelijk vader, Marten Toonder, hebben diens literaire nalatenschap overgedragen aan het Rijk, dat het uitriep tot nationaal erfgoed en onderbracht in het Letterkundig Museum.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden