Review

Tikkeltje te mild, Jay McInerney

In September 2001 was Jay McInerney, scherp chroniqueur vande jetset, na jaren weer terug in New York. Hij zag de torensinstorten. En komt nu met een roman waarin stuurloze Newyorkerstussen het puinhopen van het World Trade Center de zin van hetleven terugvinden. Vreemd decor voor een liefdesverhaal.

Er zijn al verschillende romans geschreven over de gevolgenvan 9/11 in New York en elders in de wereld, maar er was er noggeen die zijn hoofdpersonen direct zocht tussen de vrijwilligersin de veldkeuken in Bowling Green. De mensen die zich iederenachtdienst weer onderdompelden in stof en schroeilucht, die debroodjes smeerden en cola haalden voor de puinruimers. Het is eensetting die zich ook niet direct laat rijmen met werk en wereldvan de Amerikaanse schrijver Jay McInerney, sinds zijn debuut'Bright Lights, Big City' (1984), wel de chroniqueur van hetharde Newyorkse leven, maar dan hard op een meer mondaine enminder aardse wijze.

Maar goed, er vlogen dan ook twee vliegtuigen in de TwinTowers: dé New Yorkse symbolen van het welvarende Westerseleven, en in die hoedanigheid twintig jaar terug ook afgebeeldop de cover van 'Bright Lights, Big City', McInerney'sspetterende debuutroman. In 'Bright Lights, Big City' schetsteMcInerney onbarmhartig - in geniaal vervreemdende jij-vorm - hetverwrongen leven van een cocaïne snuivende, op fotomodellen enschrijversroem jagende tweederangs redacteur van het zeergerespecteerde doch door McInerney malicieus geportretteerde TheNew Yorker. De succesvolle debutant werd vervolgens, naast zijntoxic twin Bret Easton Ellis, de belangrijkste schrijver van debrat pack generatie en leefde hierna met meer geld en nog meerovertuiging het leven dat bij die boeken hoorde: Porsche, RayBan-zonnebril, veel 'Boliviaans mars-poeder'.

Zijn volgende romans, meestal over geslaagde maar zoekendeNewyorkers, werden nooit meer zo goed gevonden als die eerste,wat McInerney in interviews liever weet aan zijn steeds minderserieuze imago dan aan de boeken zelf.

In september 2001 was de schrijver na drie misluktehuwelijken, twee kinderen en een kort durende poging om rust tevinden op het platteland in Tennessee, teruggekeerd op zijn stekin New York, alwaar hij ploeterend met een schrijfblokkade vanuitde ramen van zijn appartement in Chelsea de torens zag instorten.,,Blij dat ik deze maand geen nieuw boek uitbreng'', heeft hijeen paar dagen later tegen vriend Bret gezegd, zo bekende hijnaderhand openhartig in The New York Times.

Maar over de val van de torens, móest McInerney welschrijven. En toegegeven, een 'McInerney' over 'elf september'maakt ook nieuwsgierig. Zouden de vliegtuigen ook wat veranderdhebben aan die (nu eerder van 'Sex and the city' bekende)hedonistische levensstijl van schrijvers, journalisten,fotomodellen, kunstenaars, ondernemers, 'feestbeesten'? Gebeurdeer ook wat met de Mr Bigs, de Paris Hiltons?

McInerney geeft er in 'Het goede leven' zeker een verrassendedraai aan. De schrijver keerde terug naar de hoofdpersonen uitzijn eerdere roman 'Brigthness Falls' (1993): Corinne en RussellCalloway. Anno 2001 moedert de voormalig effectenmakelaar Corinneietwat tobberig over een moeizaam verworven tweeling en isechtgenoot Russell zover opgeklommen als redacteur in eenuitgeverij dat nu ook 'Salman', inclusief beeldschone echtgenote,zijn etentjes bezoekt (al zegt Salman meestal op het laatstemoment af).

McInerney laat het pad van de Calloways, of liever gezegdCorinne's pad, kruisen met dat van Luke McGavock, voormaligbankier en al lang getrouwd met de 'lichtgevend mooie' maar nareen oppervlakkige Sasha, die op een benefietgala in Central Parkte close schuifelt met multimiljonair Bernie Melman, 'de enigeaanwezige man waar zelfs de filmsterren tegenop kijken'. Demelancholieke Luke heeft pas zijn baan opgezegd. Luke en Corinneontmoeten elkaar tussen brokstukken, rook en gruis op elfseptember. Beiden hebben ze een niet zo heel nabije vriendverloren, en Luke ontsnapte bij toeval zelf aan de dood. Allebeisluiten ze zich aan bij de vrijwilligers in de veldkeuken om vormte geven aan een gevoel van verlorenheid dat hun levens al voordie elfde teisterden. Ze worden verliefd.

Voor sommige New Yorkers was 9/11 blijkbaar geen verlies maarwinst, zo zou je 'Het goede leven' best kunnen samenvatten.Eerdere 9/11-romans gingen over (westerse) zelfgenoegzaamheid enhet verlies van controle ('Saturday' van McEwan), overmiscommunicatie en heilsleer ('Specimen Days' van Cunningham) enover rouw en hoop ('Extremely Loud and Incredibly Close' vanSafran Foer), maar een blik op de ramp als de mogelijke reddingvan naar vervulling zoekende Newyorkse rustelozen is nieuw. De fatale aanslag als aanleiding tot zelfverwerkelijking? Daar zitvast een addertje onder het gras.

Dat valt een beetje tegen. Zekeroverstijgt McInerney in zijnboek regelmatig het sentimentele cliché van de oorlog die mensensamenbrengt. Daar is zijn psychologisch inzicht scherp genoegvoor. Als Corinne en Luke zich ieder voor zich verbazen over hunhunkering en geluk, terwijl de vele doden om hen heen nog in delucht hangen, zagen ze daarmee ook weer de poten onder hungedeelde bed vandaan. Maar om het narcistische in hunliefdadigheid en liefde echt goed uit te tekenen, heb jeMcInerney's scherpe tong van twintig jaar terug nodig. 'BrightLights, Big City' was indertijd óók een briljant vormgegevenvorm van zelfhaat. Dat de schrijver met de jaren milder gewordenis, doet 'Het goede leven' geen goed.

De opmaat naar de ramp (een feestje bij de Calloways, eenbezoek aan een benefietgala door de McGavocks) is heel spannend,omdat je weet wat er gaat komen. Het inkijkje in de veldkeukenis boeiend -McInerney was zelf een tijdje vrijwilliger en verteltvan binnenuit.

Maar uiteindelijk gaat dit boek over elf september, anders dande hierboven genoemde romans, te weinig specifiek over elfseptember. De ramp is niet veel meer dan een sensationeel decorvoor een verliefdheid op leeftijd.

Het past natuurlijk wel bij deze geliefden dat zelfs deaanslag gewoon weer een katalysator voor mogelijke vervulling is,maar McInerney mist afstand tot zijn personages, en slaagt erdaardoor niet in echt onder je huid te kruipen. Zijn overvloedigeaandacht voor de toch wat banale affaire, zijn luiheid tenaanzien van het historisch decor, maken hem bijna medeplichtigaan het falen van zijn personages. Hij ziet hun wanhoop, maargaat die te lijf met de gemakkelijkste oplossing.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden