Tien activiteiten voor in de bergen

Beeld GettyImages

De bergen zijn uiteraard ideaal voor wandelen en fietsen. Maar al naar gelang je behoefte aan adrenaline kun je er nog heel wat meer sporten beoefenen. Trouw selecteerde er tien.

Fatbiken

De naam zegt het al: een fatbike is een mountainbike met heel dikke banden, meestal rond de tien centimeter. De dikkerds werden eind vorige eeuw ontwikkeld voor hele warme of hele koude vlaktes. Zo bouwde de Fransman Jean Naud in 1980 een fatbike-driewieler die hem over Saharazand van Niger naar Algerije bracht. Een paar jaar later stak Steve Baker, een fietsenmaker uit Alaska, op een versleutelde fiets met twee aan elkaar gelaste mountainbikebanden zijn eerste sneeuwveld over. Begin deze eeuw kwam het eerste model fatbike, de Pugsley, in massaproductie. Tegenwoordig zijn fatbikes vooral populair in de bergen, op terrein waarin je op gewone mountainbikes vast komt te zitten. Zoals in rulle sneeuw, drassige bergweides of gebieden met veel losliggend gesteente.

Toeren

Iedereen die van bergen houdt, zou minstens een keer in zijn of haar leven een meerdaagse tocht (toer) moeten maken. ’s Zomers kan dat te voet of op de fiets, in de winter op speciale toerski’s. Die hebben bindingen die aan de achterkant open kunnen. Eronder kun je stijgvellen bevestigen, die glijden bij beweging naar voren maar weerstand geven bij beweging naar achteren. Daardoor kun je op toerski’s tegen besneeuwde bergen oplopen. Populair zijn vooral huttentochten in de Alpen, waarbij je dagtochten maakt tussen daarvoor gebouwde onderkomens. Zo verlaat je echt even de bewoonde wereld, een unieke ervaring voor de meeste Nederlanders.

Op de Fiets- en Wandelbeurs is er speciale aandacht voor alle vormen van bergsport in de Mountain Xperience.

Langlaufen

Langlaufen heeft een wat duffig imago, zeker vergeleken met het veel meer beoefende alpineskiën. Toch is het een heerlijke manier om winterse bergen te verkennen: je hebt nog eens de tijd om te genieten van die schilderachtige bergpanorama’s waar je normaal gesproken in volle vaart voorbij raast. Bovendien is langlaufen een stuk zwaarder dan je zou verwachten. Gelukkig kun je tegenwoordig ook in Nederland oefenen, op speciale langlaufski’s waaronder wieltjes zijn gemonteerd.

Skibobben

Vervang de wielen van een fiets voor twee korte ski’s en je hebt een skibob. Voor de broodnodige extra balans draagt de bestuurder aan beide voeten nog kortere ski’s. Nou moet je niet denken dat het hier om een uit de hand gelopen grap gaat: in 1961 werd de Internationale Skibob Federatie opgericht, die twee jaar later de eerste Europese kampioenschappen organiseerde en in 1967 de eerste wereldkampioenschappen. Je kunt op een skibob dan ook hoge snelheden halen. Zeventig à tachtig kilometer per uur is vrij gebruikelijk. De Zwitser Romuald Bonvin zette op 17 april 2003 het wereldrecord neer: 201,58 kilometer per uur.

Skyrunnen

Skyrunnen is de bergvariant van trailrunnen, ofwel hardlopen over onverharde paden (trails). Uit praktische overwegingen rennen bergbewoners waarschijnlijk al sinds mensenheugenis, maar het idee om dit voor je lol te doen is een stuk recenter. De eerste race stamt voor zover bekend uit 1895, toen de Schotse barbier William Swan de hoogste berg van Groot-Brittannië op en af rende, de Ben Nevis (1344m). Tegenwoordig laat de Ben Nevis Race om veiligheidsredenen maximaal zeshonderd skyrunners toe. Precies een eeuw na de eerste Ben Nevis Race stichtte de Italiaanse bergbeklimmer Marino Giacometti de Federation for Sport at Altitude, de voorloper van de International Skyrunning Federation. Die organiseert jaarlijks zo’n 200 races voor 50.000 deelnemers uit 65 landen.

Freeclimben

De bloedstollende documentaire ‘Free Solo’ al gezien? Zo niet: zo snel mogelijk doen. De film volgt het Amerikaanse klimfenomeen Alex Honnold, die zonder enig hulpmiddel El Capitan beklimt, een loodrechte rotswand van anderhalve kilometer hoog in het Californische Yosemite National Park. Eén foutje en Honnold had het niet kunnen navertellen. Minder puriteinse freeclimbers nemen wel touwen en karabijnhaken mee, maar gebruiken die alleen om eventuele vallen te breken, niet om voortgang mee te boeken. Geen sport die u of ik snel zult oppakken waarschijnlijk, maar wel zeer spectaculair.

Speed-flyen / Speed-riden

Een parapente is een matrasvormige, bestuurbare parachute waarmee je lange zweefvluchten kunt maken. De naam - pente is Frans voor ‘helling’ - is ontleend aan de berghellingen die het startpunt vormen van het zogenoemde parapenten of paragliden. Spannend genoeg, zou je zeggen. Nee, dan speed-flyen. Met zweefgerij half zo groot als een parapente (namen variëren: Speed Glider, Speed Wing of Speed Flyer) razen waaghalzen zo dicht mogelijk langs berghellingen naar beneden. Dat gaat op hoge snelheid: waar de gemiddelde paraglider maximaal tachtig kilometer per uur haalt, tikt een beetje speed-flyer gemakkelijk de honderdvijftig kilometer per uur aan. En dan maar hopen dat je nier per ongeluk een uitstekende rots of boomtak tegenkomt. De skivariant van speed-flyen heet overigens speed-riden. Voordeel hiervan is dat je lastige stukken piste voortaan gewoon door de lucht kunt overbruggen.

Mountainboarden

Een mountainboard houdt qua grootte het midden tussen een snowboard en een skateboard, en is voorzien van met lucht gevulde rubberbanden die ruig terrein aankunnen. Zo kun je, met je voeten vastgegespt in bindingen, berghellingen afdalen. Sommige mountainboards hebben een handrem, maar meestal gaat vaart minderen door middel van een zogenoemde powerslide, waarbij je het board in een plotse beweging dwars op de helling zet en de wrijving zorgt voor het afremmen. Als je mountainboarden combineert met een vlieger (kite) heet het kiteboarden. Je laten voortslepen door een kite op ski’s of een snowboard kan ook, dan heet het snowkiten.

Sneeuwschoen-wandelen

Iedereen die weleens te voet door een halve meter verse sneeuw heeft geploeterd, weet hoe vermoeiend het is om er steeds in weg te zakken. Daardoor is winters bergwandelen vaak beperkt tot geprepareerde paden. Een oplossing hiervoor is de sneeuwschoen, oorspronkelijk een soort tennisracket gemaakt van dierenhuid gespannen over een houten frame. De sneeuwschoen, tegenwoordig meestal van kunststof, verdeelt je gewicht over een groter oppervlak waardoor je niet langer wegzakt in de sneeuw. Zo kun je letterlijk de gebaande paden verlaten. Waarschuwing: ga nooit sneeuwschoenwandelen zonder deskundige begeleiding op plekken die je niet kent. En neem lawine-uitrusting mee op lawinegevaarlijke hellingen.

IJsklimmen

Rotsklimmen is zonder twijfel een van de populairste zomersporten in de bergen. Een winterse variant is het beklimmen van ijswanden. Soms zijn dat stukken van gletsjers, soms bevroren watervallen, maar meestal met een ijslaag bedekte rotsformaties. Hulpmiddelen als pikkels (ook wel bergklimbijlen) en met ijzeren punten uitgerust schoeisel (stijgijzers) zijn hierbij onontbeerlijk. Belangrijker nog is het gebruik van ijsschroeven en veiligheidstouwen, aangezien het ijs nogal eens de neiging heeft om op onfortuinlijke momenten af te breken.

Lees ook:

We skiën tegen de klippen op

Het sneeuwseizoen duurt nu twee maanden korter dan in 1970. Met dank aan de opwarming. Skioorden proberen hun pistes te redden met kunstsneeuw, maar dat kost heel veel energie en draagt zo bij aan die opwarming. Wie nog wil skiën, moet het hogerop zoeken en dieper in de buidel tasten.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden