Review

Thee als religieus wondermiddelSOCIOLOGIE

'Rondom Eems en Dollard/Rund um Ems und Dollart' is een uitgave van RegioProject Groningen en Schuster Verlag in Leer. Het kost 59,95 gulden.

HARO HIELKEMA

Nergens in Duitsland wordt zoveel thee gedronken als in Oost-Friesland. Volgens het Duitse Teeburo lag het verbruik in de voormalige Bondsrepubliek in 1986 op ruim 50 liter per persoon per jaar; de toch niet overmatig bevolkte regio in het noorden nam van de nationale theeconsumptie maar liefst 12 procent voor haar rekening - vijfentwintig pakjes thee (van een ons) per Oostfries. En daarmee stond hij volgens het Teeburo samen met de Ier aan de top van de wereldranglijst theeleuten. Ter vergelijking: in Nederland bedraagt de theeconsumptie per hoofd van de bevolking per jaar ongeveer 7 ons, in Belgie 1 ons, in Engeland maar liefst 4 kilo.

Dat Engelsen een volk van theedrinkers zijn, is algemeen bekend. En dat Asterix ze ooit op het idee bracht om hun glaasje heet-water-met-wolkje-melk wat te kruiden, weet ook iedereen. Maar waarom Oostfriezen zo verzot zijn op de camellia sinensis, is een verhaal apart.

Dat verhaal, de rol van thee in het beschavingsproces van Oost-Friesland, zoals sociologen dat noemen, is beschreven in een boek over de historie van het gebied rondom Eems en Dollard. Doel van de publicatie is, aan te tonen dat het Nederlandse en Duitse gebied een gezamenlijk verleden hebben en dat met het wegvallen van de grenzen meer informatie over de onderlinge relatie vrij komt.

Het boek bevat artikelen vanuit allerlei wetenschapsgebieden: over de massale trek van zomerarbeiders uit het Emsland naar Friesland en Groningen; over de gezamenlijke ontwikkelingen in kerkelijk opzicht; over de sterk gelijkende woning- en kerkenbouw aan weerszijden van de grens en over overeenkomsten in dialect, namen en verhalen, in de landbouw, de veenontginning en in de scheepvaart.

Volgens de Duitse socioloog en filosoof Karl Wassenberg is er een nauwe samenhang tussen het koele karakter van de Oostfries, zijn calvinistische inslag en zijn bovenmatig theegebruik. Hij komt tot die vaststelling na historisch onderzoek in Oost-Friesland, waar naar zijn mening ongeveer alles anders is dan in de rest van Duitsland. En niet pas sinds gisteren. Al omstreeks 1800 dronken ze zich ongans aan thee in Oost-Friesland: 12 pond per gezin per jaar - en dan vooral in het 'gereformeerde' westen van de streek, rondom Emden en Oldenburg. In het veel meer lutherse oosten hield men van koffie.

Theedokter

Die voorliefde voor thee is bijzonder, omdat deze drank pas omstreeks 1700 in Noord-Europa gangbaar werd. In 1717 was er sprake van een 'thee-mode' onder rijke gereformeerde boeren in Oost-Friesland, in de loop van de achttiende eeuw raakte ook de arme bevolking ermee vertrouwd. Tot die tijd was bier de drank van alledag geweest.

Maar bier was slecht voor de mens, betoogden allerlei artsen en vooral in de calvinistische samenleving van Oost-Friesland vielen die verhalen als zaad in vruchtbare aarde. Een gereformeerd bolwerk als Emden zette zich graag af tegen de lutherse graven die het voor het zeggen hadden; om zich te onderscheiden kozen de calvinisten een zo puriteins mogelijke levensstijl. Uiterlijk vertoon werd gemeden, muziek werd nauwelijks getolereerd. Dansen mocht eigenlijk niet, theater was taboe en kunstenaars moest je uit de buurt houden. Als de kerkeraad te horen kreeg dat een gemeentelid dronken was geweest, werd zijn naam voor straf op zondagmorgen vanaf de preekstoel voorgelezen en diende de persoon in kwestie zijn schuld te belijden.

In die ambiance was er wel belangstelling voor de nieuwe drank thee, door de Verenigde Oostindische Compagnie uit Azie geimporteerd. En zeker toen geleerden vaststelden dat thee een wondermiddel was om dronken lieden in een klap weer nuchter te krijgen. Vooral de arts Cornelis Bontekoe, een calvinist van het zuiverste theewater, genoot veel invloed in die tijd met zijn 'Tractaat over het excellente kruyd thee'.

Bontekoe, nog een tijdje hoogleraar in Franeker, stond bekend als de 'theedokter'. Thee was voor hem een universeel medicijn, onder andere tegen dronkenschap: vijftig, zestig koppen per dag schreef hij voor. Thee kwam in zijn theorie regelrecht uit het paradijs en hij was niet de enige die zo dacht. In OostFriesland hief men stichtelijke liederen aan voor dit godsgeschenk, de dominee voorop.

Verlammingen

Bontekoe kreeg ook weerwerk. Hij werd ervan beschuldigd dat hij zich door kooplieden liet betalen voor zijn 'wetenschappelijke' verhandelingen (de VOC rammelde inderdaad stevig met de buidel voor dergelijke wervende publicaties). En de bierbrouwerswereld keek met hele scheve ogen naar zijn thee-evangelisatie. Geen wonder, want in die tijd was bier de drank die bij het ontbijt werd genuttigd. En op schoolfeesten werden de kinderen op bier getracteerd, in Oost-Friesland zelfs nog tot het midden van de vorige eeuw.

Door de anti-thee lobby werd de nieuwe drank op de korrel genomen: het was een zeer schadelijk, zelfs dodelijk gif. Volgens dokter Christian Reil, ook een Oostfries, tastte het gebruik van veel en vooral sterke thee maag en slokdarm aan. Verhalen deden de ronde over personeel van theehandelaren, dat er verlammingen aan had opgelopen. Hele families waren er aan ten gronde gegaan, zo heette het.

Maar in Oost-Friesland liet de bevolking zich niet van de wijs brengen en hield ze vast aan de voorliefde voor thee. Al was dat omstreeks 1800 niet meer vanuit calvinistische opvatting. Theedrinken werd een symbool voor de Oostfriese identiteit. Het was een teken dat men anders was. En de consumptie van thee nam alleen maar toe, naarmate de buitenwacht zich er drukker over maakte.

Reizigers maakten melding van dienstmeisjes die wel vier keer op een dag een half uur gingen leuten. Maar voor de Oostfriezen werd het een cultus, die zich uitte in een levenswijze waarin gevoel steeds meer werd uitgebannen, waarin zelfbeheersing het hoogste ideaal werd en ernst en rust het handelen ging bepalen: een rigide controle van de affecten, zoals Wassenberg het uitdrukt. En dat alles met het kopje thee in de hand. Thee als wondermiddel dat waakzaam en rustig tegelijk maakte.

Had Bontekoe in de 17e eeuw nog zijn calvinistische afkeer van het zingen geuit, zo werd een eeuw later het onderdrukken van wereldse vrolijkheid juist tot een onderdeel van de regionale identiteit. Pleitte Bontekoe vanuit zijn religieuze opvatting voor het drinken van thee, honderd jaar later paste dat gebruik bij het karakter van de bevolking. Het hoorde niet meer bij de calvinist, het hoorde bij de Oostfries.

Socioloog Wassenberg merkt op dat het eigen karakter van Oost-Friesland door de moderne massamedia en supersnelle transportmogelijkheden is aangetast. Thee wordt ook in Emden niet meer als een gave Gods gezien en evenmin als tegenhanger van alcohol. Toch wordt het nog veel gedronken en dat ondanks de slechte kwaliteit van het drinkwater. Omdat thee voor de Oostfries nu eenmaal net zo verslavend is als het niet tonen van zijn gevoelens.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden