FilmrecensieThe Painted Bird

‘The Painted Bird’ is als een drie uur durend hels schilderij van Jeroen Bosch


The Painted Bird
Regie: Václav Marhoul
Met Petr Kotlár, Nina Sunevic, Alla Sokolova
★★★★☆


Je zou het tijdens een groot deel van deze bijna drie uur durende film niet zeggen maar ‘The Painted Bird’ speelt zich af tijdens de Tweede Wereldoorlog. Door het landschap en de gammele houten huisjes en de kleding en de beestachtige verdorvenheid van de mensen krijg je de indruk dat je in de Middeleeuwen terecht bent gekomen.

Maar beestachtige verdorvenheid blijkt van alle tijden. De film is als een reis door de negen cirkels van de hel uit Dante’s ‘Goddelijke Komedie’.

Een bijna drie uur durend schilderij van Jeroen Bosch, met overal die pokdalige, verwrongen gezichten en dronken waanzin. Overigens liep bijna de helft van de zaal weg bij de eerste vertoning op het filmfestival van Venetië en dat zegt wat over de grenzen die de film opzoekt.

Taferelen van lust, doodslag en verderf

‘The Painted Bird’ is de verfilming van de controversiële roman van de Pools-Amerikaanse schrijver Jerzy Kosiński uit 1965. Controversieel omdat hij plagiaat zou hebben gepleegd en omdat het boek de Holocaust zou exploiteren door die in de vorm van een afgerond verhaal te presenteren. Die controverse kleeft de film volgens sommige critici ook aan maar eigenlijk moet iedereen die vraag na de film voor zichzelf beantwoorden. ‘The Painted Bird’ is namelijk ook een bijzondere film door de schitterende zwart-wit-stijl, het schaarse woordgebruik en die Boschiaanse taferelen van lust, doodslag en verderf. Hoe wreed ze soms ook zijn.

Middelpunt van de film is een Joodse jongen, die voor het grootste deel van de film naamloos blijft. Als de film begint, woont hij bij zijn oude tante maar hij ziet zich al snel gedwongen te vertrekken. Vandaar begint een reis langs meer en minder wrede bewoners van de streek, die dankzij de (Tsjechische) filmmaker opzettelijk niet te herleiden is tot een specifiek Europees land.

Proberen te overleven

De vraag die onder de hele film ligt is eigenlijk: werden mensen zo wreed door de apocalyptische afgrond die de Tweede Wereldoorlog was of was het juist hun wreedheid die de Tweede Wereldoorlog mogelijk maakte? De jongen is met zulke vragen niet bezig. Het enige wat hij moet doen, is proberen te overleven. Aan de rand van een meer komt hij bij een nymfomaan terecht die zowel de jongen als haar eigen veestapel misbruikt.

Een dorp verderop wordt hij gevangengenomen door nazi’s. In weer een ander dorp wordt hij van hekserij beschuldigd en door een oude vrouw tot aan z’n hoofd begraven, zodat de kraaien hem kunnen reinigen. Ergens onderweg speelt Udo Kier een molenaar die uit jaloezie iemands ogen uit z’n schedel trekt. In prachtig zwart-wit is dat niet eens zo eng.

Dat is de film, met wratten en al. Een caleidoscopisch werk over menselijke laagtes voor wie de extremen accepteert. Een misantropische mislukking voor de ander.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden