Martine Bijl en haar echtgenoot Berend Boudewijn in 2007.

Teruglezen: Martine Bijl over haar beroerte. ‘Het liefst woon ik in een leeg wit kamertje, waar ik niks fout kan doen’

Martine Bijl en haar echtgenoot Berend Boudewijn in 2007. Beeld ANP Kippa

Eerst kreeg ze een hersenbloeding en daarna brak presentatrice, actrice en zangeres Martine Bijl ook nog eens haar heup. Dus verhuisde ze van het revalidatiecentrum weer naar het ziekenhuis. Donderdag 30 mei overleed ze op 71-jarige leeftijd. In oktober 2018 plaatste Trouw een voorpublicatie uit Bijls boekje ‘Rinkeldekink', dat ze schreef over haar beroerte. Lees het hier terug. 

Ik lig elke avond in bed naar de televisie te kijken, zolang het hypermoderne design-apparaat boven mijn bed niet doet alsof het wit-heet in brand gaat gloeien. Toen de angst voor de waan voorbij was (‘ga heen, waan!’) pakte ik de afstandsbediening en liet die meteen uit mijn handen vallen. Ik reikte naar de grond, maar voelde niks. Ik moest hem hebben, ik wou televisiekijken, en er was niet bij te komen. De gedachte geen tv te kunnen kijken is onverdraaglijk. Straks snap ik helemaal niets meer, dacht ik, dan is het voor alles te laat. Ik moet de afstandsbediening hebben. Hij lag tussen het bed en de muur, waar ik er niet bij kon. Maar er was niemand bij me en ik durf niet op de alarmknop te drukken. Ik weet niet eens waar die zit.

Ik gleed voorzichtig uit bed, en zat ten slotte op mijn knieën op de grond, op het koude zeil dat tot aan de plint doorliep. Ik reikte en reikte, ik zag de afstandsbediening liggen bij de muur. Dat ik vanuit mijn bed aan de draad had kunnen trekken, komt niet in me op. Ten slotte lag ik half onder het bed, plat op mijn buik, in het stof. Ik weet nog dat ik dacht: gatverdamme, wat stoffig is het hier. Daar lag het vermaledijde ding, tussen de stofpluizen. Ik kwam er niet bij. Maar ik kwam er ook niet meer vandaan. Ik dacht: wat een kul. Ik sta gewoon op. Ik weet hoe het moet. Je zet je voeten stevig neer en je drukt je een beetje op en dan sta je. Maar ik was volkomen kwijt hoe dat in zijn werk ging, opstaan. En mijn lichaam was het ook vergeten. Voor de eerste keer diende zich een vaag besef van iets onomkeerbaars aan.

Gisteren nog was ik een vrolijke vrouw die er geen moeite mee had om de hele dag op haar knieën in de aarde te wroeten, soepel overeind te komen en eens lekker het applaus in ontvangst te nemen voor haar prachtige tuin, haar jeugdige verschijning, en voor de geinige presentatie van ‘Heel Holland bakt’ die zoveel verraste complimentjes opleverde. Die vrouw was opeens weg, die had haar biezen gepakt, die was vertrokken uit mij. Het was een kort besefje dat voorbijflitste als de lamp van de vuurtoren. Toen was het weg. Later heb ik het nog lange tijd meesterlijk voor mezelf weten te ontkennen, maar intussen zat ik daar toch volkomen onverwacht in het stof verbijsterd te wezen.

Ik kon mezelf niet aan het bed optrekken, waar ik op gerekend had. Ik trok integendeel de sprei van het bed. Mijn nagels scheurden. Ik kreeg zere knieën. Als een kreeft krabbelde ik over het zeil. Ik dacht: er komt niemand meer. Hoe kom ik ooit mijn bed weer in? Alles aan mij ging trillen van vermoeidheid. Ik bleef maar zitten en ik wachtte. Ik dacht: straks komt de broeder en wat zal die kwaad zijn. Ik weet zeker dat de nachtbroeder een hekel aan me heeft. Het is waarschijnlijk onzin. De nachtwaker zit lekker te nachtwaken, hij doet me niks. Ik denk gewoon alleen dat hij me niet mag. Als ik hem zie, doe ik van de schrik meteen onaangenaam tegen hem. En zo hebben we de zieke cirkel rond.

Maar gelukkig kwam zuster Liesbeth langs op haar controlerondje. Ik was blij dat zij het was. Ze nam de situatie in zich op en zei precies wat ze zeggen moest, met haar scheve lachje. “Zo? Waar was de reis naartoe?” Toen stak ze kordaat haar armen onder mijn oksels, hees me op of ik minder dan een veertje woog, zette me op bed en pakte de afstandsbediening onder het bed vandaan. “Gatverdamme, wat stoffig is het hier”, zei ze. “Ga maar lekker kijken. Maar nou niet zo raar meer doen, hoor.”

Het werd nu weleens tijd voor een cameraatje, vond het verplegend personeel in vereniging. Ik mocht mijn pas geopereerde heup absoluut niet belasten, en ze kunnen niet de hele dag naast je in bed komen liggen. Ze deden het me nog niet aan om zo’n gevangenishek om mijn bed heen te zetten, want het schijnt dat ik daar meerdere keren panisch op gereageerd had. Dus liever maar even wachten met dat hek, een cameraatje kon mij prima in de gaten houden. Ze vroegen beleefd om toestemming, want je mag de mensen niet zomaar door een cameraatje gaan bekijken schijnt het. Ik zette mijn handtekening. Ik zet overal een handtekening onder. Ik ben zelfs blij met de controle.

Ik zou het liefst willen wonen in een klein leeg wit kamertje, waar ik helemaal niks fout kan doen. Ik had E.T. al in mijn kop, een spion op het nachtkastje kon er echt nog wel bij. Gráág zelfs. Nu verscheen naast mijn bed een aanbiddelijk eenogig robotje, een Minion-achtige uit de animatiefilm, klikkend en draaiend op zijn ronde onderstelletje, dat hem een koddige uitstraling verleende. Hoera! Verschrikkelijke Ikke was meteen vertederd. De Minion hield van mij. Als ik bewoog, ging hij me zoeken met zijn bolle Eenoog. Ik vond hem gezellig, zo tussen al die achterbakse lichtknopjes en kwaaie kerels op de trap. Klik klik. Prrrr. Waar is ze? Wat doet ze? De Minion staat paraat! Kort daarna verscheen dan de nachtzuster, of de broeder. Ik had een nieuwe vriend in een boze wereld.

Martine Bijl, Rinkeldekink, uitgeverij Atlas Contact, 128 blz, € 14,99

Lees ook:

Martine Bijl schrijft openhartig en humorvol over haar hersenbloeding

Ze zat haar ochtendgymnastiek te doen en was intens tevreden met zichzelf. De opnames van Heel Holland Bakt waren net afgerond, haar leven liep als een zonnetje. Maar toen gebeurde het: “Achter mijn ogen knapte een ballonnetje”.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden