Review

Ter Veldhuis heeft de alledaagse wereld als speelvlak gekozen

ROTTERDAM - Sinds de jaren zestig zag je zelden zo'n in verwarring gebracht publiek bij een hedendaagse compositie als zondag in de Rotterdamse Doelen. Daar dirigeerde Thierry Fischer het Nederlands Balletorkest in een voorpremière van vijf delen uit Ter Veldhuis' multimediale oratorium 'Paradiso', voor de gelegenheid gebracht onder de titel 'A sound from heaven!'. 'Muziek die is gepeperd met suiker', zoals de componist vorige week in Trouw treffend verwoordde.

Anthony Fiumara

Ontstaat de paradijselijke schoonheid bij het uitschakelen van muzikale conflictsituaties, of riep het warme stroopbad die weerstand juist op in de luisteraar? Ter Veldhuis' experimentele kijkje over de rand van de kitsch maakte in ieder geval nieuwsgierig naar het werk in voltooide staat, waarbij Jaap Drupsteen beelden zal maken. Fischer had zich verkeken op de moeilijkheidsgraad van deze simpel ogende compositie. Hij had hoorbaar meer tijd gestoken in Ter Veldhhuis' virtuoze 'Goldrush Concerto' (met Bouwe de Jong en Arjan Roos als indrukwekkende solisten) en de complexe werken van Adams en Zappa. 'A sound from heaven' verdient een herkansing.

Het concert in de Doelen was het slot van het Jacob ter Veldhuis Festival, een vierdaags portret dat zich voornamelijk afspeelde in Theater Lantaren/Venster. Donderdag, de eerste avond van het Festival, stond min of meer in het teken van Ter Veldhuis' samenwerking met beeldend kunstenaars. Voor het klavecimbel/tape-werk 'De zuchten van Rameau' maakte Kristien Kerstens krachtig-kleine dia's die op de klep van het instrument werden geprojecteerd, en dit keer ook tegelijkertijd op een groter achterdoek. Het klavecimbel van Annelie de Man als veelkleurig prisma, in visuele én auditieve zin.

De voorstelling 'Loop', waarin het Rubin Quartett voor een levensgroot bewegend drieluik Ter Veldhuis' strijkkwartetten vertolkte, had eenzelfde soort kracht. Peter de Kimpe en Henk van der Geest bedachten welhaast lijfelijk aanwezige beelden bij de drie kwartetten: close-ups van lichamen en atoomexplosies in slow-motion. Het Rubin Quartett liet het wat afweten bij het Vierde Strijkkwartet van Bartók, maar zette een overtuigende Ter Veldhuis neer. Rauwer en swingender toonde de componist zich de avond daarna. In zijn meer motorische werken met stem-samples als basis (de 'gettoblaster-stukken') vond Ter Veldhuis een eigen weg na componisten als Steve Reich. 'Tatata' voor cello en gettoblaster (prachtig gespeeld door René Berman) had bijvoorbeeld wel wat van Reichs aangrijpende eenzaamheid.

Saxofonist Arno Bornkamp gaf een stompende uitvoering van het extreme 'Grab it!' (begeleid door schreeuwende stem-samples) en bracht samen met het strakke Aurelia Saxofoon Kwartet een meesterlijke uitvoering van 'Pitch Black' en van Joep Franssens verrassende 'The straight line'. Chapeau voor Willem van Merwijk, die met een nimmer aflatende energie Franssens obstinate baspartij voor zijn rekening nam.

Met zijn juttersoog voor weggegooide muzikale grondstoffen blijkt Ter Veldhuis steeds verrassende werken te kunnen schrijven, composities die over 'het leven zelve' gaan. In zijn zoektocht naar waarachtigheid toonde hij zich tijdens het Festival in zijn werken soms confronterend, soms ook ontroerend naïef. Daarbij bleek de componist zijn tonale fundament nog lang niet te hebben uitgeput. Ter Veldhuis heeft de alledaagse wereld als speelvlak gekozen. Dat maakt zijn werk misschien wel ontvankelijker dan sommigen vermoeden.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden