Tatjana Almuli viel 56 kilo af op tv, maar had bijna alles na afloop weer terug

Deelneemster Tatjana Almuli viel 56 kilo af - maar voelde zich niet beter - en kwam vervolgens weer aan. Beeld Patrick Post

In het RTL4-programma ‘Obese’ voeren mensen met ernstig overgewicht een strijd tegen de kilo’s. Het zijn vaak succesverhalen, maar helpt het programma de deelnemers ook op lange termijn?

Als ze in de spiegel kijkt, ziet ze ‘een dik, walgelijk iemand’. “Mijn buik, mijn benen… verschrikkelijk gewoon.” De 38-jarige Johanna velt een genadeloos oordeel over haar lichaam, dat met 158,6 kilo veel te zwaar is. Ook haar man Wesley, buschauffeur, worstelt met zijn kolossale omvang (177,7 kilo). Zo kan het niet langer, heeft het echtpaar besloten. Samen gaan ze de strijd met de kilo’s aan, in de eerste aflevering van ‘Obese’, seizoen vier, woensdagavond bij RTL4.

Die strijd is fel, want Wesley en Johanna eten louter uit de magnetron, drinken liters cola en snoepen chocola met repen tegelijk. ‘Pakken wat je pakken kan’, typeert Johanna haar houding ten opzichte van voedsel. Waarbij ze groente, fruit en volkoren producten laat liggen. Ook beweging ontbreekt in hun leven.

Onder leiding van het hulpteam van RTL, bestaand uit een personal coach voor voeding en beweging en een psycholoog, ondergaat het echtpaar een metamorfose: ze knokken in de sportschool, zeulen met gewichten door het bos, leren gezond koken en ontbijten met kwark en muesli (‘konijnenvoer’ in hun ogen). Daarbij enthousiast aangevuurd door presentatrice Angela Groothuizen: “Dit is jullie laatste kans op een gezond en beter leven!”

Wortels en taugé

Als het afvallen niet snel genoeg gaat, knagen Wesley en Johanna zich moedig een weg door een berg wortels en taugé (het groentedieet: anderhalve kilo rauwe groente per dag). Terwijl het lichaam met tientallen kilo’s slinkt, heeft de geest het soms moeilijk: hoe houden ze het vol?

Het is een vraag die ook de kijker bezighoudt. Het is indrukwekkend om te zien hoe gemotiveerd dit echtpaar acht maanden lang traint en dieet. Maar hoe vergaat het ze na vertrek van het Obese-team, over twee jaar, tien jaar? De deelnemers krijgen na afloop een sportschoolabonnement en nog vijf jaar begeleiding door de Nederlandse Obesitas Kliniek, maar zijn toch hoofdzakelijk op zichzelf aangewezen. Hebben ze er dan wat aan gehad?

Kandidaten uit eerdere seizoenen zouden daarop een antwoord kunnen geven (zoals Tatjana Almuli hieronder). Obese werd voor het eerst uitgezonden in 2011, daarna volgden seizoen twee (2013) en seizoen drie (2015). In totaal deden 19 kandidaten mee. Maar naar hun gezondheid, welbevinden en gewicht is geen (openbaar) onderzoek gedaan, RTL4 heeft of geeft geen cijfers. Bekend is wel dat veel kandidaten na de uitzending weer flink aankomen. Een beroemd voorbeeld is ‘Mr. Obese’ Danny Bouman, deelnemer aan seizoen één. Hij woog 270 kilo, viel met het programma 155 kilo af, kwam alles weer aan en raakte na een maagverkleining opnieuw een deel kwijt.

Oneerlijke strijd

Liesbeth van Rossum, hoogleraar interne geneeskunde in het Erasmus MC en obesitas-specialist, zou maar wat graag onderzoek doen naar de Nederlandse Obese-kandidaten. Maar voorlopig moet ze het doen met een studie (2016) naar ‘The Biggest Loser’, een afvalrace van de Amerikaanse tv-omroep NBC. Gemiddeld vielen de deelnemers 58,3 kilo af in dertig weken; zes jaar later zat 70 procent van dat verloren gewicht er weer aan.

“Daar kun je op twee manieren tegenaan kijken”, zegt Van Rossum. “Je kunt die gewichtstoename verschrikkelijk noemen, een soort falen. Maar deelnemers zijn gemiddeld wel 12 procent lichter dan vóór de competitie, ook na zes jaar. Dat levert grote gezondheidswinst op: het vet rond de organen vermindert, waardoor het risico op bijvoorbeeld hartziektes, kanker en diabetes kleiner wordt.”

Máár: uit het onderzoek naar The Biggest Loser blijkt ook iets wat de hoogleraar echt schokkend vindt. Als gevolg van dramatisch gewichtsverlies in korte tijd verlaagt de zogeheten rustverbranding van het lichaam: na afloop van het tv-programma verbranden de kandidaten dagelijks 600 à 700 kilocalorieën minder dan andere mensen. (Dat is vergelijkbaar met één patat met mayonaise plus een stroopwafel.) En die beschadiging van de stofwisseling herstelt niet, ook niet na jaren, ook niet als ze weer zijn aangekomen.

Wesley en Johanna doen mee aan seizoen vier van ‘Obese’. Beeld Maartje Brockbernd

Topsportregime

Om die verlaagde verbranding te compenseren moeten de ex-Big Losers dagelijks 80 minuten wandelen of fietsen of 35 minuten intensief bewegen (hardlopen). “Dat is bijna een topsportregime, echt niet makkelijk te realiseren, daar moet je je leven op aanpassen”, zegt Van Rossum. “Door een verandering in de hormoonhuishouding hebben deze mensen vaak ook een groter hongergevoel. Ze moeten dus veel meer moeite doen om op gewicht te blijven dan mensen met een normaal gewicht, een eeuwig oneerlijke strijd.”

Van Rossum veroordeelt Obese niet, ze heeft de afleveringen van dit nieuwe seizoen nog niet gezien, wel treedt ze in één ervan op als deskundige. “Als er sprake is van een structureel gewichtsverlies van zo’n 12 procent, net als bij The Biggest Loser, dan moeten we het programma bestempelen als succesvol. Maar: deze mensen hebben wel levenslang. Obesitas is niet op te lossen met een kuurtje.”

Dat erkent ook Hilde Jans, die als psycholoog al sinds het begin aan Obese is verbonden en daarnaast bij de Nederlandse Obesitas Kliniek werkt. “Afvallen kan iedereen, zegt ik altijd, al is het moeilijk om dat op eigen kracht te doen als je heel zwaar bent. Maar gewichtsverlies behouden is echt ingewikkeld. Soms kiest een aantal kandidaten na afloop van het programma dan toch voor een operatie, een maagverkleining.”

Crashdiëten

Dat gewichtsbehoud ná Obese de eigenlijke uitdaging is, daarop worden de kandidaten volgens Jans wel voorbereid. Of het risico van een beschadigde stofwisseling daarbij ook expliciet ter sprake komt, weet ze niet. “Ik ben psycholoog, geen arts, ik ben niet bij alle gesprekken betrokken. Maar volgens mij zijn The Biggest Loser en Obese ook niet helemaal vergelijkbaar. De Amerikanen volgen vaak crashdiëten, terwijl het bij ons niet per se om minder, maar wel om gezonde calorieën gaat.” (Het genoemde groentedieet valt trouwens wel in de crash-categorie, maar dat deden Wesley en Johanna volgens Jans maar tien dagen.)

Alle Obese-kandidaten krijgen een eigen streefgewicht; zo moet Wesley in acht maanden tijd 60 kilo afvallen en Johanna 45. Halen ze de eindstreep of niet, het wedstrijdelement maakt de uitzending spannend. Toch wil Jans liever niet focussen op de kilo’s. “De belangrijkste winst voor de kandidaten is het inzicht in hun leefpatroon. Er is heel veel onwetendheid op het gebied van voeding, er zijn echt veel mensen die denken dat een saucijzenbroodje gezond is. Nou, nee dus. Dankzij Obese leren ze wat wél gezond is, ze hebben meer contact met zichzelf en meer regie. Ook al komen ze later weer aan, ik heb nog niet gehoord dat mensen spijt hebben van hun deelname.”

Morbide obesitas is een ‘multifactoriële’ ziekte, dus met veel verschillende oorzaken. Van Rossum schreef hierover met Mariëtte Boon recent het boek ‘VET belangrijk’. De kennis over obesitas neemt toe, ook bij het team van Obese. “We besteden dit seizoen veel meer aandacht aan al die verschillende factoren”, zegt Jans. “Denk aan stress, slaapgebrek, life events, de stofwisseling.” Zo heeft één kandidaat een burnout en wordt het overgewicht van een andere deelnemer waarschijnlijk veroorzaakt door een zeldzame genetische afwijking, vergelijkbaar met die van Tatjana Almuli (zie kader).

“Wat ik hoop is dat dit programma iets doet tegen stigmatisering”, zegt de psycholoog. “Dat de kijkers zien: overgewicht is niet een kwestie van eigen schuld, dikke bult.” Ook presentatrice Angela Groothuizen hoopt dat Obese fatshaming tegengaat, de discriminatie van dikke mensen. “Als je iemand met obesitas ziet, denk dan niet: ‘Wel ja joh, steek nog een broodje in je mond’. Want dat is niet de enige reden dat ze zo dik zijn.”

Groothuizen maakt dit jaar haar Obese-debuut. “Toen ik werd gevraagd om Wendy van Dijk op te volgen, moest ik wel over een paar hobbels heen. Er wordt kritisch gekeken naar hulp-tv en dat snap ik wel. Maar Obese wordt gemaakt door een ontzettend leuk team en ik geloof dat ik er zelf ook zuiver in zit.”

Ondergoed

Wel stoort Groothuizen zich aan één programmaonderdeel: alle deelnemers moeten in ondergoed op de weegschaal, met al hun vet en schaamte. “Het mag nooit aapjes kijken worden. Ik word niet blij van die shots, heb geprobeerd ze eruit te krijgen, maar dat is niet gelukt. Daar ben ik maar overheen gestapt. Ook omdat ik van deelnemers hoorde: ‘Als ik ooit weer terugval, zet ik dát fragment aan’.”

Helpt Obese de deelnemers ook op de lange termijn? Dat verschilt per persoon, vermoedt Groothuizen. “Iedereen ziet hoe Wesley en Johanna, twee ontzettend lieve mensen, vastzaten in hun eigen gevangenis van veel te veel eten en op de bank zitten. Nu hebben ze één keer ervaren: afvallen, gezond leven, het kan dus wél. Ik denk wel dat ze hulp moeten blijven zoeken. En over drie of vier andere kandidaten heb ik grote zorgen. Die wilden wel, maar niet genoeg.”

‘Eindelijk kon ik met de gewone mensen meedoen’

Tatjana Almuli deed in 2015 mee met Obese en raakte 56 kilo kwijt. Een groot deel daarvan kwam ze vervolgens weer aan. “Ik dacht: hier wil ik óók eerlijk over zijn.”

Ze heeft lange tijd gedacht: “Als ik maar afval, dan word ik gelukkig. Dan krijg ik die perfecte relatie en die droombaan.” En afvallen deed ze: als kandidaat van het derde ‘Obese’-seizoen verloor Tatjana Almuli maar liefst 56 kilo. Op YouTube is het filmpje van haar finale nog te zien. Stralend loopt ze over een catwalk, ogenschijnlijk blij en overdonderd door het applaus van haar vrienden en familie.

Tatjana Almuli, schrijfster van 'Knap voor een dik meisje'. Beeld Patrick Post

Maar ze voelde zich helemaal niet fijn, schrijft Almuli in haar recent verschenen boek ‘Knap voor een dik meisje’. In haar hoofd was ze nog steeds een plompe zeeleeuw. “Ik was toen echt wel slank, maar ik zag zelf alleen wat níet goed aan me was, dat mijn dijen te dik waren.”

Knap voor een dik meisje is een indrukwekkend levensverhaal van een jonge vrouw die haar hele leven al dik is en daaronder lijdt. Ze groeide op in een onveilig, gebroken gezin, haar vader verdween uit beeld, haar moeder overleed toen ze zestien jaar oud was. Vanaf haar elfde had ze stiekeme eetbuien, waarmee ze verdriet en frustratie probeerde te verdoven. Haar extra kilo’s beïnvloedden bijna alle situaties, haar zelfbeeld, relaties en keuzes.

Normale kledingmaat

Ten einde raad schreef ze op haar 22ste een brief aan het team van Obese. “Ik dacht dat het mijn enige kans op geluk was”, zegt Almuli in een Amsterdams café. “En het programma ís ook belangrijk voor me geweest. Het is de enige keer in mijn leven dat ik zoveel ben afgevallen, dat ik een normale kledingmaat had en met de gewone mensen mee kon doen.”

“Toen heb ik ontdekt: afvallen is niet eens zo moeilijk, zeker niet met al die hulp. Ik had fijne trainers en een leuk contact met de crew. Al hadden ze geen idee hoe het kwam dat ik op een gegeven moment geen gewicht meer verloor, hoe hard ik ook trainde en hoe weinig ik ook at.” Pas tijdens de research voor haar boek ontdekte Almuli, dankzij hoogleraar Liesbeth van Rossum, dat zij een gendefect heeft waardoor afvallen voor haar erg moeilijk is. Inmiddels heeft ze een groot deel van het verloren gewicht weer terug.

Almuli ontdekte ook iets anders: “Geluk moet je niet ophangen aan een kledingmaat. Gewichtsverlies was heel erg groot in mijn hoofd. Als je dik bent, ben je niet goed, daar was ik van overtuigd. Ik vond mezelf waardeloos, ik zat vol zelfhaat, ook toen ik bijna 60 kilo was afgevallen. Dáár iets aan veranderen, dat is tien keer zo belangrijk én moeilijk.”

Almuli stoort zich aan het eenzijdige, stigmatiserende beeld van dikke mensen, ze herkent zich er niet in. “Ze zouden lui, ongedisciplineerd en dom zijn. Ik heb een universitair diploma, ik sport heel veel, ik ben opgegroeid met sojayoghurt en quinoa, mijn ouders hadden nota bene een natuurvoedingswinkel.” Het motiveerde haar om een boek te schrijven: “Ik dacht: er moet een andere blik komen. Er worden te weinig dikke mensen gehoord, ook omdat ze uit schaamte hun mond niet opendoen.”

Dik rolmodel

Als kind miste ze een dik rolmodel, waardoor ze zich altijd eenzaam voelde. Inmiddels heeft ze zelf een voorbeeldfunctie: “Ik ben actief op sociale media en kreeg na Obese veel reacties van jonge meisjes. Anderhalf jaar geleden ben ik ook gaan delen dat ik weer aankwam. Ik dacht: hier wil ik ook eerlijk over zijn.”

Ze heeft geen spijt dat ze aan Obese heeft meegedaan, maar plaatst wel kanttekeningen: “Het blijft commer­ciële televisie, het gaat om de kijkcijfers. Een tv-programma waarin de kandidaten in een jaar tijd 15 kilo afvallen, is niet interessant. Maar voor hén wel veel realistischer.”

Almuli heeft de nieuwe Obese-afleveringen nog niet gezien, maar gelooft niet dat het programma zoals zij het kent de stigmatisering van dikke mensen tegengaat. “Ze vangen niet de complexiteit van de ziekte, de nuance. Ze dragen toch uit dat afvallen dé oplossing is voor alle problemen. Door gewichtsverlies als een prestatie te zien, bevestigt Obese het slankheidsideaal: dat je dan bent gelukt als mens.”

Nijgh & Van Ditmar, 17,50 euro.Tatjana Almuli, ‘Knap voor een dik meisje. Het gewicht van gewicht’. Nijgh & Van Ditmar, 17,50 euro.

Lees ook:

Ook stress zie je terug op de weegschaal

Liesbeth van Rossum, hoogleraar obesitas, breekt een lans voor ‘hen met een zwak karakter’. ‘Zo simpel als te veel eten en te weinig sporten is het niet.

Lees ook:

Hulp-tv is niet altijd pulp-tv, bewijst Beau opnieuw met ‘The Rotterdam Project’

De RTL-presentator Beau van Erven Dorens gaat vijf daklozen uit Rotterdam helpen om een waardig bestaan op te bouwen. Voor zijn eerdere poging in Amsterdam oogst hij veel lof. 

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden