Review

Spanning ondanks bekende afloop van geraamde aanslag

In opzet doet 'De witte Leeuwin' van de Zweedse schrijver Henning Mankell denken aan Forsyths legendarische 'Dag van de Jakhals.' Ook hier is sprake van een geraamde aanslag op een historische figuur waarvan de lezer weet dat hij zal mislukken.

Bij Forsyth is dat De Gaulle, bij Mankell Nelson Mandela. Zo'n schrijver maakt het zich niet gemakkelijk, want de nieuwsgierigheid naar de afloop onbreekt. Maar beide auteurs zijn erin geslaagd de spanning erin te houden. Mankell woont al een tijdlang in Afrika, niet alleen zijn documentatie maar ook zijn sfeer is perfect. Een geheime organisatie van Zuid-Afrikaanse Boeren maakt gebruik van een zwarte huurmoordenaar om Nelson Mandela te doden. Het boek is in 1993 geschreven, Mandela is nog geen president, de vriendschap met De Klerk is ongeschonden. De moordenaar moet zwart zijn om verwarring en verdeling te zaaien en desnoods een burgeroorlog te ontketenen. De aanslagpleger wordt om diverse redenen in Zweden opgeleid, en daar komt Mankells vaste hoofpersoon, inspecteur Kurt Wallander in beeld. Want er wordt een vrouw vermist en later dood gevonden. En van wie is de zwarte vinger die op de plaats van het misdrijf wordt opgegraven? Iedereen tast volledig in het duister, tot zich vage sporen gaan aftekenen die onder andere naar Russische maffiafiguren leiden. Hun pad is met doden geplaveid. De lezer weet meer dan de schrijver: Mandela is president geworden, heeft zijn taak vervuld, de natie die hij heeft gevormd staat, hoe wankel ook, nog steeds. 'De witte Leeuwin' hinkt dus als het ware achter de feiten aan, maar toch lees je het boek in een adem uit, geboeid tot het einde. Dat komt ook, omdat Mankell de tijd en de moeite heeft genomen om tussen de avonturen door van Wallander een levend mens te maken. Je hebt een eminent schrijver nodig om zoiets te volbrengen. En dat is Mankell.

'De Smaak van Vrijheid' van Rob Mendes voert ons terug naar het einde van de Tweede Wereldoorlog, naar Buchenwald, waar de veertienjarige halfjoodse Megin Friedman als Schutschhaftling tewerk is gesteld. Hij maakt er vrienden die hem meermalen van de dood redden. En de tien jaar oudere boerin Karla leert hem de lijfelijke liefde. Na de oorlog, als hij al zijn beminden dood waant, emigreert hij, maar als de roman begint vinden we hem in 1985 bij een galadiner in de DDR, ter ere van een Duits industrieel die zich bijzonder heeft ingezet voor vrijheid en democratie. En daar ontdekt hij een heleboel, dat de oplettende lezer al had vermoed. Er is ook sprake van een complot dat verijdeld wordt en van nog veel meer, dat eerlijk gezegd nogal potsierlijk aandoet. De gedeelten die in Buchenwald en omgeving spelen, de flashbacks dus, zijn verreweg de beste, de rest is voornamelijk apekool. Wel worden ook de oorlogsepisoden ontsierd door een vrouwmens dat klaarblijkelijk door iedereen onweerstaanbaar wordt gevonden, maar mij met afkeer vervult omdat ze geen zin kan zeggen zonder in ongein te vervallen. Mendes heeft wel eens wat beters geschreven.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden