Review

Sculptuur met spierballen

Gebouwen hoeven niet altijd licht en dun te zijn, vinden de architecten Willem Jan Neutelings (1959) en Michiel Riedijk (1964). Zelf hebben ze een voorkeur voor forse en robuuste bouwwerken die fungeren als krachtige bakens in de stad. Geen anorexiapatiënten, maar dikke vette Rubens achtige sculpturen met spierballen. Zo praten ze over hun eigen ontwerpen. Als ze een opdracht krijgen, beginnen ze altijd met een eenvoudige basisvorm (in piepschuim), een stevig volume, en daar gaan ze dan lekker in hakken en snijden en breken er hier en daar een stuk af. En als je daar maar lang genoeg mee doorgaat, kun je een gebouw elke uitdrukking geven die je maar wilt.

Henny de Lange

Als je die twee zo hoort praten over hun manier van werken en hun visie op architectuur, in een film die te zien is op de tentoonstelling over hun werk in het Nederlands Architectuur Instituut, snap je ineens waarom hun gebouwen niet zozeer een beroep doen op het intellect, maar eerder op de directe zintuiglijke ervaring. Sommige van hun gebouwen komen over als vreemde grote dieren, zoals de vijf appartementencomplexen in Huizen die als sfinxen in het water van het Gooimeer liggen. Het stoere, gespierde silhouet van het nieuwe gebouw van het Scheepvaart en Transport College in Rotterdam dat zal verrijzen in het Lloydkwartier, roept meteen de associatie met de haven op, zonder dat je direct kunt benoemen wat je erin ziet. Binnen de Nederlandse architectuur staat het werk van Neutelings Riedijk voor 'heroïsch realisme'.

De architecten besteden ook altijd veel aandacht aan de gevel, die ze opvatten als een dunne huid of een soort behang met decoratieve patronen dat om het gebouw wordt gewikkeld. Soms onthullen hun gevels, zoals bij de Y-Toren (Sporenburg, Amsterdam), het pand van Veenman Drukkers (Ede) en het Minnaert Gebouw (Utrecht) op verrassende wijze een deel van het interieur. Glas geven ze een 'aaibare' uitstraling door er ribbels en bobbels in te verwerken, want ze houden niet van die kille glaspaleizen en de zintuigen moeten wel worden geprikkeld. Daarom zit hun werk ook vaak vol contrasten: tussen binnen- en buitenkant, tussen grove vormen en verfijnde decoraties, tussen kleuren, materialen en sferen.

De tentoonstelling is vormgegeven als een geheimzinnige schatkamer, die je via een zilveren gordijn betreedt. In de ruimte is het pikdonker, zodat de van binnenuit verlichte maquettes je stuk voor stuk toestralen. Voor de expositie zijn vijftien gebouwen geselecteerd uit de afgelopen tien jaar. Naast de hierboven al genoemde ontwerpen zijn verder onder andere te zien: het Concertgebouw in Brugge, het woongebouw Wijnhaven in Rotterdam, het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid in Hilversum, het Egyptisch museum in Giza, het Stadhuis in Moskou, het ministerie van binnenlandse zaken en justitie in Den Haag en het ontwerp voor Ground Zero in New York.Henny de Lange

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden