Opinie

Schitterend vormgegeven ’Odysseus’ is indrukwekkende ode aan de vertelkunst

’Odysseus’ theatermarathon naar de ’Odyssee’ van Homerus door toneelgroep De Appel, geregisseerd door Aus Greidanus in het Appeltheater te Den Haag t/m 1-6-’08 (do., zat., zo. en soms op di.; aanvang 13.30 uur!). Inl.: 070-3502200 of www.toneelgroepdeappel.nl

De ’Odysseus’ vertelt een verhaal en hééft een verhaal te vertellen. Misschien is dat wel de hoogste lof die je toneelgroep De Appel kunt toezwaaien voor het waagstuk dat een theatermarathon per definitie is.

Natuurlijk, de rijkdom van het voorchristelijke epos de ’Odyssee’ (± 800 v.C.), het aan Homerus toegeschreven literaire meesterwerk in 11.000 verzen, is een onuitputtelijke en waardevolle bron. Maar een eigentijds publiek, niet opgegroeid met een verteltraditie en bijbehorende lange luisterzit, negen uren in de ban houden is een tweede.

Wie De Appels vorige marathonvoorstelling ’Tantalus’ heeft gezien, kent de swingende energie en vindingrijkheid die tot een bruisend en meeslepend schouwspel kunnen leiden. In dit geval hebben groep en regisseur dat kunststuk zelfs overtroffen.

Het meest spectaculaire is wel het gebrek aan spektakel, dat geen moment een gemis wordt. Van meet af aan ademt de enscenering een rust en ruimte, die de teksten het volle pond geeft en daarmee de voorvallen en figuren die met elkaar verweven zijn in Odysseus’ tien jaar durende zwerftocht na de Trojaanse oorlog naar zijn thuisland Ithaka.

Met zijn medebewerkers, Alain Pringels en Jules Terlingen, heeft Aus Greidanus het epos op de menselijke, zeer aardse maat toegesneden. Geen bewieroking van avonturiers en heldendaden, maar een ontluistering van prestaties en motieven. Hun ’Odysseus’ is een verbluffend sober commentaar op de waanzin die oorlog heet. Waar bloeddorst met eerzucht wordt verward en vrouwen worden verkracht alsof dat erbij hoort.

Hier geen klaroengeschal als Odysseus (Hugo Maerten) verschijnt. Bij zijn eerste opkomst – pas in het tweede deel van de zes delen omvattende voorstelling – is hij in de halfschemer van het onderkomen van zijn morrende soldaten amper zichtbaar. Een schim van de ooit dappere strijder die zich slecht kan verweren tegen het verwijt, rollebollend in het bed van tovenares Kirke, zijn krijgers te hebben verwaarloosd.

Ook zoon Telemachos blijkt een antiheld. Eerst een gretig levende jongeman eindigt hij als een alle vrijers van zijn moeder Penelope (een imposante Geert de Jong) afslachtende moordmachine. ’Ongelooflijk, wat een heldendaad’, snibt de voedster. Vernietigend is de badinerende snuf cynisme in de stem van Sacha Bulthuis, die de hele voorstelling in elk gebaar en elke stembuiging een ironie weet te leggen die alle sentiment en misplaatste fierheid weergaloos pareert.

In godenrijk de Olympos hangen wel trompetten in soorten en maten aan de hemel, maar hier klinken ze evenmin. Het geluidsdecor houdt zich bijna aldoor geraffineerd op de achtergrond, het brein en de fantasie prikkelend met suggestieve tunes of een simpel ruisen van de zee. De goden, naar wier luimen stervelingen zich richtten, zijn gemodelleerd naar hedendaagse iconen. Oppergod Zeus naar de goddelijke tenor Pavarotti, zijn echtgenote en godin van het huwelijk Hera naar de veelgehuwde Liz Taylor, de altijd met boog en pijlen uitgeruste Artemis naar de met cap en zweepje vergroeide Anky van Grunsven, de ijdele god van de kunsten Apollo naar modekoning Karl Lagerfeld. Enzovoort. En wat doen zij? Zij kibbelen als verwende kinderen.

Het is een hilarische en tegelijk venijnige scène, zoals die in één moeite de antieke en moderne afgoderij hekelt. Zo worden, als het ware terloops, tal van parallellen getrokken. Guus van Geffen heeft een fraaie, geheel betegelde ambiance ontworpen, die met doeltreffende ingrepen en een zeer zorgvuldige belichting van paleis in doden- of godenwereld transformeert. IJzeren ledikanten in een verwaarloosde zaal roepen associaties op met door Amerikaanse soldaten ingenomen paleizen van Saddam Hoessein. Een detonerend plastic tuinstoeltje in de Hades komt in meervoud terug in de slotscène in Odysseus’ paleis op Ithaka: na de slachtpartij op vrijers en slavinnen heerst ook daar de dood.

Daarnaast is er nog een niet onbelangrijke nevenintrige over omgang met vreemdelingen, over gastvrijheid en de kloof tussen angst en toegankelijkheid. Prachtig verwoord in een dialoog tussen een tegen de aangespoelde Odysseus waarschuwende adviseur en een hem juist warm ontvangende koningin.

Alle lijnen trek je als vanzelf door naar het nu. Fijntjes gesteund door subtiele zinsnedes in een stijlvol taalgebruik, dat nu eens niet populaire citaten of straattaal bezigt, maar ook verre van archaïsch is. Met de fantasierijke aankleding en het beheerste tempo maakt dat ’Odysseus’ wonderbaarlijk tijdloos ofwel eigentijds zonder een spoor van modieuze trends.

Alle goden en helden, die we ook uit afzonderlijke tragedies kennen – ’Ajax’, ’Medea’, ’Orestes’ – schuiven voorbij. Althans in woord. In een orale demasqué van veelbezongen glorie. Waarmee de overgeleverde mythes, in de ook hier meestal (door)vertellende vorm, een nieuwe inhoud krijgen als argument tegen geweld.

De schitterend vormgegeven en meesterlijk geënsceneerde ’Odysseus’ is met een grandioos ensemble – elf spelers vertolken met zwier en toewijding vierenveertig rollen – zeker een lust voor het oog, maar vóór alles een indrukwekkende ode aan de vertelkunst. De kunst die de vergetelheid tart en in het theater het publiek vol in de ziel kan raken.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden