Rustdag

Maar we hebben Ronaldinho nog. En Weisglas.

Rustdag bij het WK en ja hoor, meteen slaat het boze nieuws toe. In Luik worden twee meisjes gevonden, in Gaza rollen de tanks en in Den Haag wankelt een coalitie. Konden we maar eeuwig voetballen, de wereld zou een paradijs zijn.

Ik heb nog getracht me te verstoppen achter een documentaire over Ronaldinho, die voor het eerst een camerateam toeliet in zijn huis bij Barcelona, dus wij allemaal mee. Eerst achter in de auto, zo’n half geblindeerde zwart glanzende SUV met Ronaldinho’s neef als chauffeur want de voetbalster zelf rijdt nooit. Hij zit op de stoel van de bijrijder, de iPod aangesloten op het dashboard en luistert, ritmisch trommelend op zijn bovenbenen, naar samba. Aankomend in de garage kregen we al een ’Cribs’ gevoel – ’Cribs’ is de naam van een MTV-programma waarin jonge, meestal zwarte mannen die aardig kunnen rappen of een bal in een basket kunnen gooien ons rondleiden door hun smetteloze luxepaleizen met reusachtige keukens waarin ze nooit hoeven te koken en speelkamers vol recreatiemateriaal waar ze voor eeuwig kind kunnen blijven.

Het was bij Ronaldinho niet anders, al leek het recreatiemateriaal beperkt tot een pingpongtafel in de garage en bleven de gameconsoles, de plasmaschermen en het Amerikaans biljart buiten beeld. Wel schuifelden wij achter hem aan door de reusachtige keuken en de woonzaal, over de glanzende marmeren vloeren en dure perzen. Schuifelen, want thuis tilt Ronaldinho zijn dure, in leren slippers gestoken voeten natuurlijk niet meer op. Liefst gaat hij er gekleed in een basketbal-outfit, net als de sterren in ’Cribs’, in zo’n wijd vallend mouwloos shirt met rugnummer 23 en een even wijde halflange korte broek – een kind in een mannenlijf.

Er hingen wat Braziliaanse vrienden rond, vrienden die op zijn kosten een maand bij hem vakantie mogen houden, en zijn zuster was er, die hij zijn cheffin noemt omdat ze zijn huishouden bestiert, en zijn broer, zijn idool en manager. En natuurlijk was zijn moeder er, want wat is zo’n ster zonder moeder? Hij liet zich onderuit zakken op een immense, met brokaat afgezette sofa, terwijl zijn moeder, zittend op de leuning naast hem, even met zijn vingers speelde. Het leken me oeroude liefkozingen.

Gelukkig zagen we ook nog wat van zijn voetbalmagie, de akka die hij van Rivelino had overgenomen en ander virtuoos voetenwerk, want dat huis bij Barcelona, nee, daarin konden we niets van de volksjongen uit Porto Alegre herkennen.

Ik keek nog even – macht der gewoonte – naar Studio Sport, zag Jack van Gelder in Hilversum, maar met Kirchzarten nu als meegebracht decor, in gesprek met Joop Hiele en Maurice de Hond en zapte door naar Villa BvD, dapper volhardend aan de koude Titisee, maar inmiddels wel met een warm rood kleed over de tafel. De prachtige Ellen ten Damme, het lijf in lood gegoten, zong ’Sag mir wo die Blumen sind’ maar daarna moest ik eraan geloven.

Dag voetbal.

De Tweede Kamer. Verdonk in wit. Femke in groen. Topwedstrijd. Maar ook hier: een dolende scheidsrechter. Frans Weisglas was nu eens voorzitter, dan weer stond hij als gewoon kamerlid achter de katheder en ten slotte zag ik hem, diep in de nacht inmiddels, terug achter de interruptiemicrofoon, terwijl een minister Zalm probeerde geen minister te zijn maar ’half-aanvoerder’ van de VVD en derhalve niet langer achter de regeringstafel wilde plaatsnemen.

En niemand die vanaf de zijlijn riep: ,,Houd je posities.”

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden