Vandaar dit boek

Rob Schouten: Ik heb te weinig geduld en begrip gehad voor mijn ex-vrouw

Beeld Werry Crone

Na 20 jaar verschijnt er weer een roman van dichter, schrijver en columnist Rob Schouten (65). Voor de rubriek ‘Vandaar dit boek’ vertelt hij waarom deze roman er moest komen.

Ik heb lang over deze roman gedaan. Met het schrijven van een roman begeef ik mij toch op glad ijs, dat durf ik wel te zeggen. Anders had ik er wel meer geschreven in ruim veertig jaar. Op de eerste plaats ben ik dichter. Ik voel mij meer thuis in de poëzie. Ik ben iemand die in korte fragmenten denkt, in vlagen, driftig. Een gedicht floept er zo uit, dat ligt panklaar in mijn hoofd. Maar voor een roman moet je veel geduld hebben. Je moet investeren en nadenken over de structuur van een boek, je moet als het ware kunnen metselen. Niet alleen dialogen en monologen, maar ook scènes beschrijven. Hoe laat je iemand van de ene naar de andere kamer lopen, ik noem maar wat. Dat vind ik lastig. Thomas Rosenboom vertelde mij eens dat hij eerst de leuke stukken schrijft en daarna pas de ‘loopstukken’.

Het schrijven van deze roman heeft een louterende werking op mij gehad. Het is geen autobiografie, maar ik heb er wel autobiografische elementen in verwerkt. Ik ben zelf gescheiden. De scheiding zie ik als een mislukking waar ik mij voor schaam. En schaamte is een heel ingewikkelde emotie waar je niet mee te koop loopt. Maar het schrijven gaf mij ook kracht om iets met die schaamte te doen. Door dat huwelijk en de scheiding in deze roman op de spits te drijven, te comprimeren, terug te brengen tot waar het in de kern om gaat, het zoveel jaar na dato geformuleerd zien, is de schaamte afgenomen. Er zit wel iets Faustisch in mij. Ik wil mezelf altijd verbeteren. Door het schrijven van deze roman heb ik mijn eigen rol binnen het huwelijk scherper gekregen.

Verbeelding

Ik vind de mens een buitengewoon boeiend en complex verschijnsel, waar ik met verwondering en bewondering naar kijk. Als ik in de tram zit of op de markt loop en ik zie al die mensen, ben ik constant aan het denken wat er door ze heen zou kunnen gaan. Ik ben vaak geneigd om hele levens voor me te zien, in te vullen, te denken voor anderen, zoals mijn ex-vrouw. Daardoor ontstaan misverstanden, frustraties en boosheid bij mij, zonder dat de ander daar weet van heeft.

In zekere zin ben ik een dromer. Ik droom van werelden die ik nog niet ken. Als ik naar Frankrijk rij en ik kom door Charleroi, dan wil ik in die armoedige huisjes binnen kijken. Ik wil weten hoe het er daaraan toe gaat, hoe leven ze, waar hebben ze het over.

Het ligt complexer, maar je zou kunnen zeggen dat ik verliefd ben geworden op mijn ex, Else in de roman, omdat zij een wereld vertegenwoordigde die ik niet kende. De Duitse landadel fascineerde mij mateloos. Mijn intuïtie had mij moeten influisteren: doe het niet kerel, linke soep, doe het niet, doe het niet! Maar mijn intuïtie laat mij vaak in de steek. Uiteindelijk was ik opgelucht na de scheiding. Een huwelijk is een contract waarin je compromissen moet sluiten. Mijn probleem is dat ik iets van mezelf moet inleveren. Dat is misschien logisch, maar dat kan ook te ver gaan. En zonder dat de ander dat bewust doet, ga je jezelf verloochenen. Je wordt als het ware een bastaard van jezelf. Op een gegeven moment lag alles waar ik levensvreugde uit haal, op z’n gat. Ik speelde zelfs geen piano meer. Ik was alleen maar bezig om mijn huwelijk te redden. Het hele complex van samenleven, inleveren, betrokkenheid betonen en compromissen sluiten, ja dat vind ik wel verduiveld moeilijk.

Psychotherapeut

Wat je hoopt is dat de vrijheid in je hoofd, het schrijven, voldoende tegenwicht biedt aan al die andere facetten van een huwelijk. Maar hoeveel ik ook hecht aan het schrijven, het is toch niet genoeg voor mij. Ik wil gewoon genieten van fysieke vrijheid of sociale vrijheid, en niet alleen maar in mijn hoofd wonen. Al is dat wel een heel fijne spelonk om in te zitten als het even niet goed gaat, maar ik ben er gewoon niet cerebraal genoeg voor. Vestdijk, een schrijver die ik bewonder, heeft gezegd dat hij de literatuur belangrijker vond dan het leven. Dat gaat mij te ver. Voor mij is schrijven een ónderdeel van mijn leven, niet mijn leven.

Ik vind het spannend als in een roman de hoofdpersoon zich niet bloot geeft, maar ik uitgedaagd word om na te denken over het waarom van zijn handelen. Zoals in de boeken van Frida Vogels, waarbij je als lezer een soort psychotherapeut wordt, omdat je wordt gedwongen om dingen die zij níet zegt te interpreteren. Je wordt als lezer gestuurd om zelf een oordeel te vellen over de hoofdpersoon. In ‘De groene gravin’ leer je Titus Orbaan ook niet echt kennen. Hij praat wel veel en een aantal van zijn emoties is wel verklaarbaar, maar wordt niet uitgelegd. En nog sterker geldt dat voor Else. Als lezer sta je naast Titus je af te vragen wat er zich in het hoofd van die vrouw afspeelt. Ik heb te weinig geduld en begrip gehad voor mijn ex-vrouw. Door Orbaan, die wel iets van mij weg heeft, niet bepaald sympathiek neer te zetten, kom ik mezelf onder ogen en beken ik eigenlijk schuld. Dat is ook een deel van de loutering.

Columns

Ik ben onlangs 65 geworden - een verbazingwekkend gegeven, maar het is nou eenmaal zo - en de afgelopen tijd heb ik veel nagedacht over wat mij nu eigenlijk drijft, waar heb ik mij al die tijd mee bezig gehouden? Ik zoek de ernst, concludeerde ik. Laatst heb ik van mijn moeder een doos met preken van mijn vader gekregen. Die ben ik nu aan het lezen. Ik wil niets met de inhoud van die preken doen, het gaat mij om het gevoel dat eruit spreekt. Schrijven zonder literair effectbejag.

Mijn grote droom is om ooit een volkomen ernstige roman te schrijven zonder ironie, trucjes, scepsis of retoriek, maar puur en echt. Een boek waarin ik mezelf en de wereld die ik ken helemaal binnenstebuiten keer. Dat ik me volledig overgeef aan mijn twijfels, onbenulligheid en schaamte. Dat is me tot nu toe in een roman nog niet gelukt. In mijn columns voor deze krant benader ik soms die ernst, waarin ik ook naïef en ongeletterd durf te zijn. Misschien komt dat doordat ik de column altijd in de ochtend schrijf, direct nadat ik wakker ben geworden als mijn stemming nog niet bezoedeld is door ervaringen van de dag. Dat is de oer-Rob. Van al mijn bezigheden is het schrijven van een column het meest authentieke. Dat is de kant waar mijn volgende roman op moet gaan.

Rob Schouten
De groene gravin
Arbeiderspers; 224 blz. € 19,99

In de rubriek ‘Vandaar dit boek’ vertellen schrijvers over hun drijfveren achter het schrijven van een boek.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden