Boekrecensie GeschiedenisDe wereldwandelaars

Rijk verhaal over vijf wandelaars laat zien dat je je lot niet altijd kunt ontlopen

Frans, Gerard en Bram in 1911 op het Drielandenpunt.Beeld De Wereldwandelaars­­

Wim Willems schetst het leven van vijf jonge mensen boeiend, maar had zichzelf er buiten kunnen laten.

Amsterdam 1911: ‘Zondag 16 juli, ’s morgens om half-negen vertrekken van den Dam 3 Vegetarische Wereldreizigers, om een voetreis om de aarde te ondernemen. In den vreemde zullen ze gebruik maken van de wereldhulptaal “Esperanto”.’ Zo luidt de tekst op het zogenoemde BULLETIN WERELDREIZIGERS dat het trio in de stad heeft verspreid. Wat volgt is een opsomming van de straten die ze aan zullen doen – van de Dam gaan ze via de Kalverstraat tot aan ‘Linnaeusstr., Watergraafsmeer enz.’ – en de mededeling dat er onderweg gelegenheid zal zijn ‘tot het kopen van hun portret’; een belangrijk detail want van de opbrengst van die ‘portretkaarten’ moeten ze leven, en van de stukken die ze zullen schrijven over de reis en hun ontmoetingen met vreemden en gelijkgestemden.

Voor dat enzovoorts – dat van een subtiel gevoel voor humor getuigt – hebben ze een kleine tien jaar uitgetrokken, maar drie jaar (en vele straten, grenzen, bergen, zeeën, voordrachten en avonturen) later zal hun voetreis vastlopen in het rad van de geschiedenis. Ze zijn in Palestina, de Eerste Wereldoorlog is uitgebroken en de wereldwandelaars gaan, al dan niet gedwongen, ieder hun eigen weg.

Dromen omzetten in daden

Die drie jongens zijn Frans van der Hoorn, Gerard Perfors en Bram Mossel. De laatste schreef er een boek over, uitgegeven in 1917: De wereldwandelaars, (nog altijd) te verkrijgen via Uitgeverij Wereldbibliotheek. Ruim een eeuw later schreef historicus Wim Willems, een nazaat van Perfors, een boek met dezelfde titel.

Gerard en Marie op de Balkan.Beeld De wereldwandelaars

Over die jongens gaat het, aardige jongens die, begin twintig, hun dromen wisten om te zetten in daden en wier wegen verder gingen dan die van Nescio’s Titaantjes, en over twee meisjes: Marie Zwarts, de vriendin van Gerard, die zich acht maanden na het vertrek van de jongens, in Wenen bij hen voegt, en Hendrina Schweiger, de vrouw waarmee Bram, in de jaren twintig op de fiets door Spanje trekt. 

Ze is Joods, net als hij. Bram en Hendrina maken plannen voor een nieuwe wereldreis te voet. Als hij de verloving verbreekt, zet zij door. In plaats van Bram neemt ze haar zuster Lea mee. Bij aankomst in Constantinopel (Istanbul), keert zuslief terug naar huis en gaat Hendrina in haar uppie verder. Ook zij strandt in Palestina: ‘als vrouw alleen verder trekken door het Midden-Oosten en Voor-Azië’, zo luidt het advies, ‘zou in de buurt van doodsverachting komen’.

Vegetariërs, geheelonthouders

Frans, Bram, Gerard, Marie en Hendrien, dat zijn de wereldwandelaars waar Willems zijn rijk geïllustreerde boek aan wijdt: vegetariërs, geheelonthouders, voorstanders van een sober en rein leven, socialisten, pacifisten, feministen, idealisten – geen partijbonzen of geleerden, maar ­jongens en meisjes die uit de Haagse ­Schilderswijk komen of de Amsterdamse ­Jodenbuurt.

Avonturiers zijn het, doorzetters die er geen been in zien om, als hun sandalen stuk zijn, op blote voeten door de sneeuw over een Alpenpas te gaan, of in de regen onder het bladerdak van een eik te slapen – het duurt even voor ze van stof en bamboestokken zelf een tent bouwen. Ze streven niet alleen naar een beter leven voor de mensheid, maar ook voor zichzelf. Ze willen aan hun milieu en aan hun lot (de geestdodende arbeid van ‘sleurmensjes’, zoals Gerard het noemt) ontsnappen. Of dat gaat lukken…

Marie op een kameel.Beeld De wereldwandelaars

Je hoeft geen historicus te zijn om te weten dat je je lot niet altijd kunt ontlopen. Na die Eerste Wereldoorlog kwam die tweede, om maar wat te noemen, en we weten allemaal hoe de Holocaust heeft huisgehouden. Maar dat de eerste zionisten, vaak Russische ­Joden, al ver voor die tijd Palestijnse grond opkochten en omtoverden in vruchtbare landbouwgrond, zal niet voor iedereen gesneden koek zijn.

Via de niet-jood Frans, die een van hen werd, maken we het van dichtbij mee. Hij verruilt zijn pacifistische idealen voor zionistische en ontpopt zich tot een gerenommeerd tuinder en kweker. Om ‘zijn’ land te verdedigen zou hij naar de wapens grijpen.

De mist in

Dat is de grote verdienste van Willems. Hij zet het leven van zijn helden in bekend en minder bekend historisch perspectief. Hij toont aan, of beter schetst hoe afkomst, karakter, tijdsgewricht en toeval onze levensloop bepalen.

Wim WillemsBeeld Arash Nikkhah

Hoe en in welke mate is niet altijd helder en daar gaat Willems de mist in. Bij gebrek aan bronnen (ook al zijn dat er veel: dagboeken, brieven, tekeningen en foto’s van Bram) speculeert hij over de motieven en gevoelens van zijn protagonisten. Dan krijg je zinnen als “Met een bezwaard hart zal ze [Lea] afscheid van haar zus hebben genomen”, dat in een roddelblad niet had misstaan. Of tegelwijsheden als: “Wie reist hoopt de verveling een stap voor te zijn”.

Ronduit storend vond ik zijn pogingen de levensloop van de wereldwandelaars te koppelen aan de zijne. Willems, afkomstig uit de Schilderswijk, herkent zich in die jongens van het eerste uur. “Alle drie de jongemannen voelden zich buitenbeentjes in hun gezin”, schrijft hij. “Het was of ik in een spiegel keek, want in de jaren zestig voerde ik eenzelfde strijd tegen de lage verwachtingen van mijn familie.” Maar waar hij gist naar het karakter van de jongens, want in de bronnen is ‘de reis beschreven, de reizigers zelf niet’, laat hij na echt iets los te laten over het zijne; hij blijft hangen in het algemene.

Wellicht – en hier verwijt de pot de ketel – omdat hij zijn kruit al verschoot met eerdere boeken over zijn jeugd. Zo wijdt hij uitvoerig uit over schrijver A. den Doolaard die de avonturier in Willems wakker kuste en fotografe Alexandrine Tinne wier werk, naar zijn smaak, wel wat weg heeft van dat van Mossel. Maar deze (net niet) persoonlijke beschouwingen voegen weinig toe aan het werkelijke verhaal: leven en lot van vijf wereldwandelaars. 

Springlevend conflict

Een verhaal dat op zich al rijk genoeg is en en passant treffend laat zien hoeveel er in een eeuw veranderd is en hoeveel er ook hoegenaamd hetzelfde bleef.

Dat conflict waarin Frans verzeild raakte, is nog altijd springlevend, maar aan de rage van de wereldwandelaars – en een rage was het, onze helden waren niet de eersten – kwam een einde. Want ‘door de aanwas van globetrotters zonder helder doel voor ogen besloot het gezag in sommige streken om de verkoop van portretkaarten te verbieden; bij nader inzien vonden ze het een verkapte vorm van bedelarij’.

Wim Willems
De wereldwandelaars - Een verbond van idealisten
Querido
384 blz. € 23,99

Lees ook:

Marjoleine de Vos en Bregje Hofstede leren de lezer kijkend wandelen

‘Terloops’ is de titel van de reeks wandelboeken die vanaf dit voorjaar bij Van Oorschot uitkomen. Bregje Hofstede en Marjoleine de Vos trappen af: Hofstede met ‘Bergje’, De Vos met ‘Je keek te ver’. De Vos houdt het dichtbij huis: zij schrijft over de wandelingen die ze vrijwel dagelijks rondom haar huis in Zeerijp maakt; Hofstede trekt naar Colfosco in de Dolomieten waar ze als kind met haar familie ging skiën.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden