Review

Retro in drievoud

Is het nostalgie, hang naar authenticiteit of gewoon een gimmick?

Stan Rijven

Naar de drijfveren kun je slechts gissen wanneer onder het mottto 'Zonder verleden geen heden' nieuwe albums verschijnen, die je als in een tijdcapsule terugschieten in de pophistorie. Dikwijls krijg je dan oude wijn in nieuwe zakken uitgeschonken, soms is er sprake van een ware grand cru. Zo laat de Belgische zanger/drummer Marc Thijs alias Tee met 'This is Tee' (Cool Buzz/ Münich-CLBZ 6) op niet mis te verstane wijze de fifties herleven. Zijn voorliefde voor de vlegeljaren van de rock-'n-roll leeft hij uit in raak gekozen stijlcitaten, die het stadium van imitatie ver overtreffen. Gebed in een kale productie weet Tee de begintijd van doowop, jumpjive en de New Orleans-stijl van Professor Longhair raak te treffen. Maar ook de rudimentaire wereld van honkers en shouters waar de geesten van Big Joe Turner en Screaming Jay Hawkins rondwaren, herleeft levensecht.

Je zou zweren dat het om een compilatie van vintage-opnames gaat die opeens uit de archieven zijn opgedoken. Toch is het Tee zelf die uitpakt met rauwe zang in composities van eigen hand, de Jimmie Witherspoon- en Titus Turner-covers daargelaten. Het inhuren van een huilende sax (Jeff Turmes) en Paladins-bassist Thomas Yearsley verhoogt de verbazingwekkende echtheid.

Om een goede dertig jaar nadien het momentum van de sixties te pakken is weinigen gegeven. Toch lukt het de Nederlandse band Ford's Imaginary Inferno de ongrijpbare sfeer van flowerpower en psychedelica in al haar dromerige pretenties te vatten. Ook al verraden groepsnaam en cd-titel 'The imaginary recordings part 4' (My First Sonny Weismuller Recordings/Konkurrent- AHOEA 2121) een vette knipoog naar het uitgekauwde decennium, de liedjes bezitten een wonderlijke schoonheid. Gebruikmakend van een viersporenrecorder roept de band met driestemmige ijle zang (The Hollies, The Byrds, Flowerpot Men), een zeurend orgeltje (The Doors, Pearls Before Swine) en jongensachtige open gitaarakkoorden (Sandy Coast, The Kinks) een waarachtige 'sound of the sixties' op. De eeuwige teksten over bloemen ('Flower factory'), regenbogen ('Climb a rainbow') en dagdromerij ('Sleepy town') completeren het effect van deze geslaagde tour de force.

De Californische Donnas zijn helemaal seventies. De vier meiden modelleren zich naar de ongecompliceerde tweeminuten-punk van The Ramones en de rechttoe rechtaan rock van AC/DC. Oftewel elementair drumstel, drie gitaren, handjevol accoorden en cool gepresenteerde unisono-zang. Met hun vierde plaat 'The Donnas turn 21' (Lookout! Records/ Epitaph- 6611-2) vieren ze hun afscheid van het tienerbestaan. In ironisch getinte songs als 'Little boy' (,,Little boy go and find some other girl to annoy'') en '40 boys in 40 nights' krijgen de jongens telkens het nakijken. Het meiden-kwartet zingt vlak, op het nihilistische af en speelt liniaal-strak.

Die consequente combi van een grrrls-attitude met striemende muziek verleent deze plaat grote echtheid. OK, het is allemaal spel maar daar zat juist het verschil met de Engelse punk waar maatschappelijk engagement altijd de boventoon moest voeren. In 'fun' en het stoeien met pop-codes school de kracht van de Amerikaanse punk. Een houding waarop die andere 'donna', Madonna, naderhand zou voortbouwen. Of deze ijzersterke retro-punk podium-resistent is zullen The Donnas bewijzen tijdens hun Nederlandse debuut in april.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden