Review

Recepten voor etnisch geweld, van 1750 tot nu

Wat heb je nodig om mensen zo gek te krijgen dat ze een andere etnische groep van het gemeenschappelijke grondgebied willen verdrijven? Oorlogsdreiging, te veel mannetjesputters én democratische aspiraties, zegt de socioloog Michael Mann.

`Rust een paramilitaire eenheid uit met de trekken van Europese voetbalvandalen, van Amerikaanse vuurwapenmaniakken en veiligheidsagenten uit de halve wereld, zet vervolgens het licht op groen voor etnische zuivering, vooral onder mensen die beter af zijn dan de paramilitairen, en in veel landen zullen de moord- en verkrachtingspartijen losbarsten.``

De Amerikaanse socioloog Michael Mann spaart geen lange tenen of gevoelige zielen, maar zijn onderwerp is er ook naar: etnische zuivering. Het boek is maar iets kleiner dan het op 29 januari jongstleden hier besproken `Etnische Zuivering in Midden-Europa` van Pieter van der Plank, maar het heeft een groter bereik, want het rekent tot zijn onderwerp ook de volkerenmoorden van de Yankees op de indianen, van Stalin op de koelakken, en van de Hutu`s op de Tutsi`s. Geografisch en historisch is het Engelse werk uitgebreider, en anders dan Van der Plank, die een zo nauwkeurig mogelijk verslag van de toedracht en cijfers doet, wil Mann vooral verklaren en in zekere zin begrijpen. Mann zoekt een theorie die inzicht geeft in de dynamiek achter de massale moorden en verkrachtingen. Het verschil tussen een historicus (Van der Plank) en een socioloog (Mann).

Hoewel Mann zelfs natrekt of de Assyriërs zich aan genocide hebben schuldig gemaakt, is de voornaamste conclusie van het boek dat gewelddadige zuivering pas echt in zwang is gekomen met de opkomst van het democratisch ideaal, dus zo`n tweehonderdvijftig jaar geleden.

De overspannen verwachtingen van een regering van, door en voor het volk, brengen groepen in de verleiding om zich met uitsluiting van anderen met `het volk` te identificeren. Zo`n aspirant-volk kan onder bepaalde voorwaarden tegenstrevers als kwaadaardige sta-in-de-weg beschouwen. Demos is dan etnos geworden. In principe is de weg naar steeds krassere maatregelen geopend.

Hoe kras, dat probeert Mann voorspelbaar te maken in een achttal veronderstellingen over de omstandigheden die tot escalatie leiden, en over het soort daders dat te verwachten valt. Bepaalde omstandigheden komen vaak terug, in de voedingsbodem voor etnische zuivering: oorlogsgevaar, de gewaagdheid aan elkaar van twee groepen binnen één territorium die allebei plausibele aanspraken hebben, de opkomst van fanatieke voormannen en mannetjesputters. Maar de eigenlijke etnische zuiveringen zijn bijna nooit het resultaat van voorspelbare of zorgvuldig opgebouwde acties. Het boek is gevuld met wandaden, maar wat Mann `plan C` noemt - massamoord, heeft zelden van het begin af in de bedoeling gelegen. Op één keer na, de Holocaust.

Voor een auteur die de verschrikkelijke geschiedenissen zo consciëntieus heeft onderzocht, moet je wel bewondering hebben. Maar eigenlijk bevestigen Manns bevindingen niet meer dan vermoedens die ook al door anderen, bijvoorbeeld Van der Plank, zijn geopperd. De bijdrage van de sociologie aan de kennis van goed en kwaad is groter dan die van moralisten en cultuurfilosofen. Maar zij is kleiner dan de sociale wetenschappen hopen.

Meer over

Wilt u iets delen met Trouw?

Tip hier onze journalisten

Op alle verhalen van Trouw rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@trouw.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden